Klimaatbeleid

Met de instemming van 196 landen met het klimaatakkoord van Parijs is een stevig fundament gelegd voor een wereldwijde aanpak van het klimaatvraagstuk en het bevorderen van duurzame ontwikkeling. Ondernemers zijn daar blij mee, want ook voor hen staat buiten kijf dat de wereldwijde CO2-uitstoot omlaag moet. De Europese regeringsleiders hebben daarom eind 2014 terecht besloten ook voor de periode na 2020 de lat hoog te leggen als het gaat om nieuwe klimaatdoelen. Afgesproken is om in te zetten op een verlaging van de CO2-uitstoot met minimaal 40 procent ten opzichte van 1990, een verdubbeling van de doelstelling voor 2020. Ook is er besloten met aanvullende doelstellingen te komen als het gaat om hernieuwbare energie (minimaal 27 procent) en energiebesparing (27 procent minder energieverbruik) in 2030.

Door de regeringsleiders is afgesproken dat als eind 2015 bij de VN-klimaatconferentie in Parijs blijkt dat andere grote economieën minder ver willen gaan dan de EU, het beleid kan worden herzien. Dat is een verstandige strategie. De beste waarborg voor een effectieve oplossing van het klimaatprobleem is immers een wereldwijde aanpak. Het zou goed zijn als in Parijs een ambitieuze klimaatovereenkomst wordt gesloten die kan leiden tot een wereldwijde markt voor CO2-emissies.

Voor het huidige Europese emissiehandelssysteem (ETS) geldt dat het reductiepad alleen kan worden aangescherpt als eerst het systeem zodanig wordt verbeterd dat de positie van internationaal concurrerende bedrijven wordt gewaarborgd. In het Energieakkoord voor duurzame groei is afgesproken dat deze bedrijven gratis rechten toegewezen krijgen op basis van reële benchmarks en werkelijke productie, waarbij er ook voor CO2-kosten in de elektriciteitsprijs gecompenseerd wordt.

Voor het behalen van de CO2-emissiereductie in andere sectoren moet de EU zich in eerste instantie richten op bronbeleid, zoals de CO2-emissienormen voor auto’s. Dit type maatregelen stimuleert producenten binnen en buiten de EU om energie-efficiënte en klimaatvriendelijke producten te ontwikkelen. Tot slot moet de EU met een integraal plan komen om de interne markten voor elektriciteit en gas optimaal te laten werken. Hoe beter deze markten functioneren, hoe lager de elektriciteits- en gasprijzen voor consumenten, hoe groter de voorzieningszekerheid, en hoe lager de kosten van het integreren van hernieuwbare energie in de totale energievoorziening. Verstoringen van de interne energiemarkt die voortkomen uit nationale steunverlening aan hernieuwbare energie moeten worden weggenomen.

Lees verder
Brochure
14-02-2017
NL Next level: Energie voor de toekomst: van nota’s naar uitvoering
Met dit NL Next Levelprogramma biedt het Nederlands bedrijfsleven een concreet plan hoe Nederland de noodzakelijke versnelling naar een CO2-neutrale economie kan organiseren. Zodat we in 2050 daadwerkelijk klimaatneutraal zijn en een aantal achterstanden sneller inlopen.