28 JAN, 2026 • Europees nieuws
Investeren in Europa’s toekomst: een EU die uitvindt en opschaalt
Op 27 januari organiseerde VNO-NCW en MKB-Nederland samen met TNO en de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de EU het evenement “Investing in Europe’s Future: Spotlight on Research and Innovation”. Met onder andere Marc Lemaître (Directeur-Generaal Onderzoek & Innovatie, Europese Commissie), Eszter Lakos (Lid Europees Parlement), Tjerk Opmeer (plv. Directeur-Generaal Bedrijfsleven en Innovatie, Ministerie EZ) gingen we in gesprek over de toekomst van het Europese kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, Horizon Europe.
Het evenement werd geopend door Carola van Rijnsoever, plaatsvervangend Permanente Vertegenwoordiger van Nederland bij de EU. Van Rijnsoever belichtte het succes van Horizon Europe en hoe we samen moeten zorgen dat het programma succesvol blijft. In de wereld van vandaag is het belangrijk dat de EU kan blijven concurreren met top-notch onderzoek. Samen moeten we ervoor zorgen dat we het juiste talent en private investeringen aantrekken en dat we robuuste ecosystemen bouwen om de gehele innovatieketen in Europa te creëren.
Marc Lemaître citeerde in zijn keynote Commissievoorzitter Von der Leyen: als Europa haar “independence moment” wil hebben, hebben technologische soevereiniteit, veiligheid, duurzame groei en welvaart nodig. Zo wordt Europa weer baas over haar eigen toekomst en onderzoek en innovatie moet hier centraal staan. Hiervoor zijn betere en gecoördineerde investeringen voor nodig, om de 3% bbp investeringsnorm te halen. Horizon Europe vertegenwoordigt zo’n 10% van de totale investeringen in onderzoek en innovatie in Europa. Dus hoe zorgen we dat deze 10% samen met de 90% op nationaal niveau zo goed mogelijk benut worden? Horizon Europe gelinkt met het Europese Concurrentievermogenfonds moeten zo zorgen voor grotere impact. De toegang tot deze programma’s moet daarvoor makkelijker zijn en flexibel zijn in de nieuwe geopolitieke situatie. Als laatste sprak Lemaître over het sluiten van de ‘scaleup kloof’. Hiervoor werkt de Commissie aan een ‘Scaleup Europe Fund’ samen met private investeerders, waaronder APG Asset Management namens ABP. Hiermee hopen ze zo’n 5 miljard euro te mobiliseren voor startups en scaleups.
Namens VNO-NCW en MKB-Nederland en TNO spraken Thomas Grosfeld en Erik Drop de zaal toe. Beiden brachten ze een belangrijke boodschap: te vaak vindt Europa uit, maar industrialiseren anderen. Om dit te verbeteren is het bedrijfsleven een onmisbare partner binnen het toekomstige kaderprogramma. Bedrijven investeren, nemen risico’s en schalen technologieën op en zijn daarbij verantwoordelijk voor een groot deel van de investeringen in onderzoek en innovatie in Europa. Daarnaast verbinden ze verschillende stakeholders in innovatie-ecosystemen: mkb, startups en scaleups, universiteiten en onderzoeksinstellingen. Onderzoekssamenwerking met het bedrijfsleven moet daarom een sterke plaats krijgen in het volgende programma. Deelname van het bedrijfsleven moet niet ontmoedigd worden door verplichte cash-vereisten. Om het belang van samenwerking tussen onderzoeksorganisaties als TNO en het bedrijfsleven verder te belichten, gaf Marcel de Heide (hoofdeconoom van TNO) een masterclass over de economische motivering achter onderzoeks- en innovatie-samenwerking en het belang van publieke interventies, zoals subsidies.
In het afsluitende panel kwamen Europarlementariër Lakos, Tjerk Opmeer, Alexandr Hobza (kabinet, uitvoerend vice-voorzitter Séjourné), Riika Heikinheimo (Directeur, Confederation of Finnish Industries EK), Muriel Attané (Secretaris-generaal, EARTO) en Casper Garos (Philips) samen voor een gesprek over hoe het volgende kaderprogramma kan zorgen dat we excellent onderzoek omzetten in economische weerbaarheid. Volgens Lakos is het onderzoek- en innovatieveld van Europa nog té gefragmenteerd omdat de interne markt ook nog té gefragmenteerd is. Dit moet als randvoorwaarde geadresseerd worden om te zorgen dat investeringen in onderzoek en innovatie omhooggaan. Heikinheimo gaf aan hoe belangrijk de Europese onderzoek- en innovatiemarkt is voor het bedrijfsleven: op Europees niveau bereik je meer stakeholders en netwerken die je niet op nationaal niveau hebt. Een ambitieuze Europese inzet is daarom van groot belang.
Het is nu het moment voor Europa om te zorgen voor fundamentele verandering en in te zetten op de ‘nieuwe economie’ gefocust op hightech innovaties, volgens Hobza. Opmeer haalde ook het belang van coördinatie op Europees en lidstaatniveau aan. De Nationale Technologie Strategie van Nederland kan een goede springplank zijn voor de EU. Door Garos werd aangehaald dat bedrijven op dit moment te weinig zicht hebben op de discussies rondom het volgende programma. Het is juist cruciaal om zoveel mogelijk met elkaar in gesprek te gaan, want samen werken we aan het Europees concurrentievermogen. Er moet duidelijke aandacht zijn voor de hele innovatiewaardeketen en daarom is een sterke verbinding tussen Horizon Europe en het Concurrentievermogenfonds zo cruciaal.
Het evenement werd afgesloten met de conclusie dat nu is het moment om als Europa de lat hoger te leggen door excellent onderzoek om te zetten in marktklare oplossingen om onze strategische autonomie te versterken. In Europa hebben we een excellent onderzoeks- en innovatieklimaat en we moeten hier verder op inzetten.



