9 MRT, 2026 • Column
Industrial Accelerator Act: goede koers, nog te weinig impact voor industrie
De Industrial Accelerator Act (IAA) markeert een belangrijke koerswijziging in Brussel: eindelijk verschuift de focus van alleen ‘vervuiling duurder maken’ naar het creëren van echte marktvraag naar duurzame, Europese producten. Dat is goed nieuws voor een industrie die onder druk staat door hoge kosten, geopolitieke onzekerheid én de vraag of verduurzaming wel loont. Vraagcreatie is daarmee niet alleen een groene maatregel, maar een industriële noodzaak. Zo markeert de IAA een strategische wending.
Beperkte impact op marktvraag
Maar is het niet ‘too little, too late?’ De praktische impact is namelijk nog beperkt. De Commissie wil vooral bij overheidsopdrachten en subsidies hogere duurzaamheidseisen stellen. Het helpt zeker als overheden dat doen, maar zij vormen slechts een klein deel van de vraag. Het grootste deel komt van bedrijven en consumenten. Als de private marktvraag niet toeneemt, blijft de investering in verduurzaming voor veel producenten financieel onzeker.
Vergeet private markten niet
Dat kan de Commissie doen door productstandaarden of bijmengpercentages voor duurzamere energie en grondstoffen te bepalen. Dat is nu alleen geen onderdeel van de Accelerator Act. De IAA bevat gelukkig wel een nieuwe bevoegdheid voor de Europese Commissie om deze maatregelen op een later moment te nemen voor de chemie, maar dit zou sneller moeten en voor meer sectoren die dat willen.
Europese industrie beschermen
Daarnaast wil de Commissie vaker kiezen voor producten die in Europa zijn gemaakt tenminste als er belastinggeld mee gemoeid is, zoals bij aanbestedingen en subsidies voor zon, wind en batterijen. Voor een handelsland als Nederland blijft open handel belangrijk. Maar we kunnen niet blind zijn voor geopolitieke ontwikkelingen. De VS en China beschermen hun industrie actief. Als we Europese industrie willen behouden en schone technologie willen opbouwen, kan vaker kiezen voor ‘European preference’ dus nodig zijn.
De conclusie is helder: ideologisch zet Europa een stap vooruit door vraagcreatie en strategische autonomie serieuzer te nemen. In de praktijk blijft het effect te klein.
‘Too little, too late?’ Nog niet. Meer ambitie en tempo zijn nog mogelijk tijdens het wetgevingstraject. Aan de slag.
Frederik van Til
strategisch beleidsadviseur energie en klimaat



