Tóch koos William Moorlag voor de Haagse politiek

PvdA-Kamerlid William Moorlag stond niet te springen om zijn provincie Groningen te verruilen voor het Binnenhof. De Haagse politiek vond hij te hard en te gepolariseerd. En nu zit hij er toch.

 

Toch naar Den Haag

'Ik had twee drijfveren om naar Den Haag te gaan. De eerste is het onrecht dat de Groningers is aangedaan met de gaswinning. De tweede is het streven naar een andere politieke cultuur. Die is de afgelopen 15 jaar verhard en gepolariseerd. De parlementaire democratie is volgens mij gestoeld op het overbruggen van tegenstellingen, niet op het uit elkaar drijven van bevolkingsgroepen. Soms doet je dat met de vuist op tafel, en soms met de fles.'

'Regelmatig vliegen collega’s in de Kamer uit de bocht, zoals de PVV en DENK tijdens de Algemene Beschouwingen. Dat zijn de uitwassen van de Haagse politiek.'

 

‘Politiek is de ene keer met de vuist op tafel en de andere keer met de fles’

 

'Ik heb vooraf gezegd dat mijn vertrek naar Den Haag niet aan mijn geluksgevoel zou bijdragen, maar ik ben in de tussentijd niet ongelukkiger geworden, want ik ben een optimistisch mens. Het leven is prachtig, als je de goede kant uitkijkt.'

Wie is William Moorlag?Na de mavo hield William Moorlag (58) school voor gezien en begon hij in 1978 als leerling-ziekenverzorger in een verpleeghuis. Daar trad hij toe tot de ondernemingsraad. Van 1989 tot 2003 werkte hij bij FNV-bond ABVAKABO, als beleidsmedewerker en regiobestuurder. In 2003 werd hij voor de PvdA lid van de Provinciale Staten in Groningen. Zes jaar later werd hij gedeputeerde. In 2015 volgende de overstap naar werkvoorzieningsorganisatie Alescon. Als directeur zette hij de praktijk voort dat een aantal medewerkers via een speciaal opgezet uitzendbureau werd ingehuurd. Zij verdienden minder dan de vaste krachten. De rechter wees deze constructie af. In PvdA-kringen rees de vraag of Moorlag – inmiddels Kamerlid – in oktober 2017 vanwege die zaak wel in de Tweede Kamer kon blijven. Een PvdA-commissie concludeerde na onderzoek dat dat kon.
(Bron: onder meer www.parlement.com)

Van gas af

'Nee, ik ben niet teleurgesteld dat ik het gasdossier niet in mijn portefeuille heb gekregen. Maar ik blijf er natuurlijk wel bij betrokken. Uit oogpunt van veiligheid moeten we zo snel mogelijk met gas uit Groningen stoppen. Maar dat betekent niet dat we helemaal met gas moeten stoppen. We moeten het netwerk behouden voor bijvoorbeeld groen gas en waterstof. Want een all electric toekomst is onmogelijk. We hebben buffers nodig. En een industrieel complex als Chemelot kan niet volledig op zonne- en windenergie draaien.'

 

‘We moeten niet helemáál stoppen met gas’

 

'Tegelijkertijd moeten we ervoor waken dat er straks transitiewinnaars en -verliezers zijn. De winnaars zijn mensen die zelfredzaam zijn en de subsidiepotten weten te vinden. De verliezers zijn mensen die afhankelijk zijn van andere partijen, zoals de woningbouwcorporaties, en lijdzaam moeten toezien dat hun energierekening oploopt.'

 

Kleine PvdA

'Een Kamerlid heeft de dure plicht om zoveel mogelijk van het partijprogramma te realiseren. Dat betekent dus samenwerken met andere partijen, ongeacht of je in een kleine of in een grote fractie opereert. Dat doe ik onder meer op het gebied van de marktwerking op de postmarkt, die wat mij betreft is doorgeschoten. Dan moet je de juiste krachten vinden om die situatie terug te draaien.'

 

Wel ondernemend

'Ik ben niet opgegroeid met ondernemers in mijn omgeving. Mijn vader was stuurman op de kustvaart. Ik ben wel opgegroeid in een dorp waar de middenstand eind jaren zestig is weggevaagd door de komst van supermarkten en de toegenomen mobiliteit van klanten. Mijn interesse in het bedrijfsleven kwam meer voort uit maatschappelijke betrokkenheid. Het sociale heb ik in mijn werk proberen te combineren met een ondernemende aanpak.'

'Het dichtst bij ondernemen kwam ik als provinciaal bestuurder met een apparaat van 900 werknemers en de opdracht om structureel 35 miljoen euro te bezuinigen. En als directeur van werkvoorzieningsorganisatie Alescon. Daar was het de opgave om het bieden van aangepast werk aan bijna 2000 werknemers te combineren met een gezond bedrijfsresultaat.'

 

‘We moeten voorkomen dat mensen hun beroepseer verliezen’

 

Vakmensen nodig

'Het bedrijfsleven is voor mij een bron van welvaart en werkgelegenheid. Iedereen moet een fair share krijgen: aandeelhouders, werknemers en consumenten. Als werkgevers en werknemers elkaar vinden, zijn er grote systeemveranderingen mogelijk.'

'Het bedrijfsleven moet nu investeren in de factor arbeid. Er is een groot tekort aan vakmensen. Ik hoor van ondernemers dat ze bewust te hoge offertes uitbrengen omdat zij te weinig personeel hebben voor klussen. We moeten naar het voorbeeld van Duitsland kijken. Daar is meer waardering, ook in salaris, voor vakmanschap, en vormen bijvoorbeeld schoorsteenvegers een trotse beroepsgroep. In Nederland wordt kantoorwerk hoger aangeslagen.'

 

Dit zei William Moorlag op verkiezingsdag 

 

Trots op

'Tata Steel is een goed voorbeeld van een bedrijf dat met topproducten de concurrentie op de wereldmarkt aan kan. Een ander bedrijf waar we trots op kunnen zijn is de toonaangevende internetveiling Catawiki. Ik heb een hekel aan bedrijven die hun verantwoordelijkheid niet nemen. Zoals de financiële sector die met allerlei inferieure producten kwam. Daarnaast zie je op de postmarkt, maar ook in de nieuwe platformeconomie, dat de factor arbeid louter als productiemiddel wordt gezien. Mensen verliezen hun beroepseer.'

 

Geeft zichzelf: 'Geen cijfer. Als je jezelf een goed cijfer geeft, zeggen ze in Groningen dat je erbij loopt als een kat met haring in de bek. Ik hou niet zo van borstklopperij.'

Werkgever of werknemer?‘Allebei, want ze kunnen niet zonder elkaar. Voor een werknemer is de continuïteit van het bedrijf van belang, en voor de werkgever de tevredenheid van zijn werknemers.’

Markt of overheid?‘Daar ga ik toch ook beide op zeggen. Wat dat betreft ben ik een echte polderaar. Ondernemers hebben een voorspelbare omgeving nodig. Aan de andere kant kan de overheid geen economische groei realiseren. Bill Gates is geen ambtenaar.’

‘Restaurant De Molenaar (wieken in renovatie, red.) in mijn geboortedorp Onderdendam, waar een jonge, getalenteerde chef elke dag wordt afgerekend op wat hij op tafel zet.’
Foto: Jeroen Poortvliet