Kajsa Ollongren: '80 Procent van de banken blijft gewoon in Londen'

20-06-2017

Maar na de Brexit zou Amsterdam toch in the picture zijn bij the City? Nou ja, dat valt dus tegen. 'Er is wel meer interesse bij buitenlandse bedríjven', zegt de Amsterdamse wethouder. En dit moet er gebeuren voordat die daadwerkelijk de oversteek wagen.

 

Kajsa Ollongren (D66) trekt niet graag een grote broek aan over de kansen dat bedrijven uit de Londense City naar Amsterdam komen na de Brexit. ‘Ik denk dat 80 procent van de financiële bedrijven en instellingen daar gewoon blijft zitten’, zegt ze. ‘Londen steekt nu met kop en schouders boven andere Europese steden uit en dat zal ook zo blijven.’ Maar bij die 20 procent die wel weg wil, of een foothold wil binnen de grenzen van de EU, ziet ze zeker kansen. Een beetje Amsterdamse bravoure is ook haar niet vreemd als ze de alternatieven analyseert. ‘Parijs is natuurlijk een geweldige stad’, zegt ze. ‘Ik kom er ook heel graag. Maar voor ondernemers is Frankrijk weleens wat moeilijk. En Duitsland is verdeeld tussen Berlijn, München en Frankfurt. Frankfurt is om te werken interessant vanwege de ECB die er zit, maar om te wonen? Vraag dat maar aan de expats die naar Amsterdam komen.’

 

Vond u de Britse verkiezingen eigenlijk nog spannend na het referendum?

‘Ik vond het ongelooflijk spannend. Ik zat op het puntje van mijn stoel en later viel ik bijna van mijn stoel. Maar het referendum over de Brexit was veel spannender. Dat was een heel grote echte verandering met impact.’ Twee dagen na het referendum zat Ollongren in de ambtswoning van de burgemeester met internationale (financiële) bedrijven om tafel. Ze wilde input. Vrij vlot daarop vertrok ze naar Londen. Eerst maar eens om de sfeer op te snuiven, later nog een paar keer om te kijken of ze bedrijven kon interesseren om zich in Amsterdam te vestigen. ‘Ik weet hoe dat werkt’, zegt Ollongren. ‘Ik heb altijd nauw samengewerkt met het Netherlands Foreign Investment Agency en Amsterdam Inbusiness.‘

 

'Frankfurt mag interessant zijn vanwege de ECB, maar om er te wonen?'

 

Amsterdam kandidaat voor EMA 

Eind april kwam het bericht dat de Nederlandse regering en Amsterdam proberen de European Medicines Agency (EMA) naar de hoofdstad te halen. Die zit nu in Londen en moet weg zodra de Britten uit de EU zijn. Geen financiële instelling dus, wat gezien het profiel van de Zuidas en het feit dat ook de Europese Bankautoriteit (EBA) weg moet uit Londen misschien eerder logisch zou zijn. Het is op voordracht van het kabinet, vertelt Ollongren, waar ze helemaal achter staat. ‘Ik vind het een goede match. Wij profileren ons als een stad van hoofdkantoren, niet zozeer als financieel centrum, en als een stad van innovatie en startups. In alle lijstjes die circuleren, staan wij op die punten ook wel in de top-3, dus dat lukt redelijk. De EMA is een combinatie van die dingen en daarom interessant. Het instituut zal ook als een magneet gaan werken op wetenschappers die bezig zijn met innovatieve medicijnen en daar hebben wij met bedrijven rond onze universitaire ziekenhuizen ook belang bij. En de medische congressen die EMA organiseert zijn goed voor de congreszalen en hotels in de stad.’

 

Merkt u nu dat er sinds vorig jaar anders naar Amsterdam als vestigingsplaats wordt gekeken?

’Jazeker. Wij deden natuurlijk altijd al aan acquisitie en we staan van oudsher vaak op hetzelfde lijstje als Londen. Vooral bij tech-bedrijven uit de VS en bedrijven uit Azië, en dan vooral Japan. Van hen hoor ik dat Londen toch minder logisch is geworden. En dan is Amsterdam wel heel interessant. Hier is veel tech, opleidingen zijn goed en Nederlanders spreken natuurlijk bijna allemaal fatsoenlijk Engels. Er is meer interesse, we weten alleen niet of dat direct al heeft geleid tot meer vestigingen. Dat is wel de verwachting, maar er spelen ook zaken mee als een oplevende economie.’

 

Er zit een stijgende lijn in het aantal buitenlandse bedrijfsvestigingen in Amsterdam. In 2014 werden 139 bedrijven naar de hoofdstad gehaald, het jaar erna waren dat er 141 en afgelopen jaar openden 157 buitenlandse ondernemingen de deuren in Amsterdam. Om zich op de kaart te zetten, kijkt Ollongren meer naar het merk Amsterdam dan de stadsgrenzen. Ze volgt de theorie dat voor buitenlanders Amsterdam groter is dan de stad. En wat in Nederland nog wel eens op een soort binnenlands imperialisme lijkt, werkt in het buitenland prima. ‘Wij werken heel goed samen met de gemeente Hilversum om ons aan de man te brengen onder de noemer Amsterdam Media Valley. Dat soort samenwerkingsverbanden zijn er meer, maar dat zou vaker kunnen in Nederland.’

 

Campagne voor het vestigingsklimaat 

Al vanaf het moment dat ze drie jaar geleden naar Amsterdam kwam als wethouder, voert Ollongren campagne voor het vestigingsklimaat. Speerpunt was lang het tekortschietend internationaal onderwijs. Buitenlandse werknemers – expats – hebben ten slotte ook kinderen die naar school moeten. ‘Er waren wachtlijsten, dat is een breekpunt voor een bedrijf dat zich hier wil vestigen’, zegt Ollongren. Er volgden maanden van Haags-naar-elkaar-wijzen, tot het kabinet overstag ging. ‘Dit kabinet zei uiteindelijk: 'We begrijpen wat je bedoelt.' En er kwam extra geld beschikbaar. Nu hoop ik dat goed internationaal onderwijs expliciet onderdeel wordt van het vestigingsbeleid.’

 

'wachtlijsten voor een internationale school? dan komt een bedrijf hier niet'

 

Is er nog veel werk aan de winkel om bedrijven te interesseren in Nederland?

‘Er zijn eindeloos veel dingen te noemen’, verzucht Ollongren. ‘Onze bureaucratie is niet erg snel, het is best ingewikkeld om als buitenlander in Nederland een bankrekening te openen en er is een absoluut tekort aan geschikte huurwoningen in het middensegment.’ Maar naast dit soort hands-on zaken moet de overheid ook op een aantal structurele veranderingen anticiperen in de digitale (deel)economie, vindt de Amsterdamse wethouder. De stad worstelt al een paar jaar met de toevloed aan toeristen via het platform Airbnb en heeft moeizaam een overeenkomst gesloten met het bedrijf die de gemeente wat geld en invloed oplevert. ‘Onze wet- en regelgeving is niet toegesneden op dergelijke platforms’, weet Ollongren uit eigen ervaring. ‘Het gaat over logistiek, over woningverhuur, eten, klussen, noem maar op. In New York kun je alles wel via een of andere app regelen. In Nederland is weinig grip vanuit overheid, Belastingdienst, verzekeraars, et cetera op die ontwikkelingen. Dat kan slimmer, dat móet slimmer. Dan kunnen we in Nederland en de EU vooroplopen.’ Daarvoor begint de tijd weer rijp te worden, denkt Ollongren, die denkt dat de euroscepsis haar hoogtepunt beleefde in de Brexit. ‘De Brexit was een ding, nu zie je dat er met de verkiezing van Macron weer licht komt in de Europese tunnel. In deze stad zie je de ontwikkelingen voor je ogen gebeuren. Wij hebben geweldige kansen, die moeten we grijpen.’

 

Wie is Kajsa Ollongren?Kajsa Ollongren (Leiden, 1967) kwam in 2014 vrijwel uit het niets de Amsterdamse gemeentepolitiek binnen als wethouder Economische Zaken voor D66. Ze was sinds 2011 secretaris-generaal bij het ministerie van Algemene Zaken en vertrouweling van premier Mark Rutte. Ollongren begon haar loopbaan als topambtenaar bij het ministerie van Economische Zaken. Daarna werd ze plaatsvervangend secretaris-generaal en raadadviseur van het ministerie van Algemene Zaken. In 2006 stond ze voor D66 op de lijst voor de Tweede Kamerverkiezingen. Ze maakte deel uit van het formatieteam van het Kabinet-Rutte I en werd door de Volkskrant in 2011 gekozen tot meest invloedrijke vrouw in Nederland. Kajsa (voluit jonkvrouw Karin Hildur, van oude Finse adel) Ollongren is dochter van Alexander Ollongren, hoogleraar informatica en astronomie, die aan de wieg stond van de Nederlandse Informatica.