Overijssel centrum van Europa? Yep, zegt Eddy van Hijum

‘Overijssel kan het centrum van Europa worden.’ Het klinkt als een boude uitspraak van Overijssels gedeputeerde Eddy van Hijum. Toch meent hij het serieus. En dit is waarom. 

 

Overijssel als centrum van Europa: bedoelt u dat geografisch, bestuurlijk of economisch?

‘In onze regio groeit het bewustzijn dat Overijssel geen perifere regio is en dat de nabijheid van Duitsland juist een grote kans is. De Duitse buur-Bundesländer Nordrhein-Westfalen en Niedersachsen hebben nu in hun regeerakkoorden expliciet gesteld dat ze de banden willen aanhalen met Nederland. In ons eigen regeerakkoord staat, volgens mij voor het eerst, nu ook iets over de grensstreek. Maar in de praktijk is de grens nog steeds hard. Economisch en voor wat betreft de arbeidsmarkt functioneert de grensregio op dit moment als een halve cirkel, terwijl het een volledige cirkel over de grens zou moeten zijn’

Wie is Eddy van Hijum?Yde Johan van Hijum (roepnaam Eddy) werd in 1972 geboren in Delft. Maar het grootste deel van zijn jeugd bracht hij door in Friesland. Tot hij voor zijn studie bestuurskunde aan de Universiteit Twente verhuisde naar Overijssel. In die provincie woont de CDA’er nog steeds. Van Hijum promoveerde in 2001 in de bestuurswetenschappen en werkte daarna enige jaren als consultant en manager bij PriceWaterhouseCoopers en KPMG. De weg naar de politiek had hij toen ook al gevonden: van 1998 tot 2003 was Van Hijum lid van de gemeenteraad in Zwolle voor het CDA. In 2003 maakte hij de overstap naar de Tweede Kamer. Sinds november 2014 is Van Hijum gedeputeerde in Overijssel. In verband met die benoeming trad hij af als lid van de Tweede Kamer voor het CDA.

Er zijn toch samenwerkingsverbanden? Overijssel heeft nota bene de Euregio.

‘Binnen de Euregio zijn met Duitsland samenwerkingsverbanden bij dienstverlening, politie, brandweer en ziekenvervoer. Maar als je het economisch ziet, valt er nog veel te verbeteren. Je moet de regio grensoverschrijdend verbinden met wegen, spoorlijnen en vaarwegen. Dat is echt nog niet op orde. Het is belangrijk dat bij regeringsbeleid niet alleen maar vanaf de grens naar binnen wordt gedacht. Op die manier kan Overijssel zich niet optimaal economisch ontwikkelen.’

 

Overijssel heeft met Gelderland en Limburg zelfs vertegenwoordigers in Düsseldorf. Loopt u elkaar niet in de weg?

‘In Düsseldorf zitten we bij het Nederlandse Consulaat-Generaal dicht op het vuur en kunnen we goed bijhouden wat er leeft in de Duitse deelstaten aan de grens. Al moet je je wel realiseren dat een Duitse deelstaat ongeveer net zo groot is als heel Nederland. Het heeft geen zin om elkaar vliegen af te vangen, wij benaderen het eerder andersom. Overijssel, Gelderland en Limburg zien zichzelf als de technische provincies van Nederland en trekken vaak samen op. Dat doen we bijvoorbeeld op het onderwerp Fotonica. Je moet in corridors denken, dat doet de EU ook. De corridor Brabant-Limburg gaat naar München, die via Twente richting Berlijn.’

 

Wat is nu de hoogste drempel waar iedereen over struikelt?

‘Dan zou ik toch zeggen: de wederzijdse erkenning van diploma’s en competenties. Dat is best moeilijk, dat geef ik toe. Erkenning ligt voor een deel vast in wet- en regelgeving. Soms ook in een beroepskolom en dat is in Duitsland nog weleens wat rigide geregeld. Het is iets waar een minister van Onderwijs of een minister van Economische Zaken zich voor moet inzetten. Daarnaast zou een herwaardering van de Duitse taal ook heel welkom zijn.’

 

'het is een misverstand dat bedrijven alleen in grote steden zitten'

 

Veel mensen denken bij Overijssel misschien eerder aan rust, ruimte en vakantie, niet aan bedrijvigheid. Loopt u niet wat hard van stapel?

‘Dat zie ik niet zo. Ik ben heel blij met de rust en de ruimte. Overijssel investeert van alle provincies misschien wel het meest in natuurontwikkeling. Maar er is hier ook een economische dynamiek met sectoren van nationale betekenis, zoals maakindustrie, agrofood en gezondheidszorg. Het is een misverstand dat bedrijven in grote steden zitten. Ik verbaas mij er soms over hoe Europees, vooral op Duitsland, gericht veel maakbedrijven in Overijssel zijn. Ik pleit niet voor het opbouwen van een tweede Randstad, maar voor stevige samenwerking over de grens. De term ‘centrum’ dwingt om anders te kijken.‘

 

Eyeopener voor de Randstad? Dit is de kracht van Oost Nederland