Dít moet er gebeuren om het technisch vmbo te redden

Wie met zijn handen gaat werken, moet ook kunnen oefenen. Maar door geldgebrek kan dat nu niet op het vmbo. Zo dreigt zich een ramp te voltrekken. Tijd om in actie te komen dus. En om het technisch vmbo van de ondergang te redden.

 

Het is al eindeloos herhaald, maar nog steeds waar: techniek is de grootste motor van onze economische welvaart. Het is niet voor niets dat in het Techniekpact afspraken zijn gemaakt om jongeren enthousiast te krijgen voor techniek. Dat valt alleen nauwelijks te rijmen met de ramp die zich dreigt te voltrekken op het technisch vmbo. Dé onderwijsvorm die jongeren kiezen die willen doorstromen naar een technische vakopleiding op het mbo. En die daarna bij één van de vele Nederlandse mkb-bedrijven aan de slag willen gaan die Nederland draaiend houden. 

Net nu het vmbo eindelijk inhoudelijk is vernieuwd en techniekonderwijs echt serieus kan worden aangepakt, is er geen geld om dat ook voor elkaar te krijgen. Want als zelfs de grootste en modernste technische vmbo-school van Nederland aangeeft dat de nood hoog is, is het tijd voor actie. ‘Afbraak van het technisch vmbo? Dat laat ik niet gebeuren’, beloofde staatssecretaris van Onderwijs een half jaar geleden. Deze week behandelt de Kamer zijn begroting. Houdt Sander Dekker zich aan zijn woord? Dan moet hij dit in elk geval regelen:

 

Maak eenmalig 200 miljoen euro over aan het vmbo om de technische profielen écht op te zetten

De nieuwe vmbo-profielen zijn echt state of art: je moet als leerling haast gek zijn om iets anders te kiezen. Je leert hoe je een windmolen repareert en hoe een 3d-printer werkt. Maar het gekke is: het geld om de spullen hiervoor ook daadwerkelijk aan te schaffen, hebben scholen niet gekregen. Daardoor werken veel scholen nog met – zoals ze het zelf zeggen – oude meuk. Of moeten ze zich behelpen met veel improvisatietalent. Als een vrachtwagen aanschaffen voor het profiel Mobiliteit en Transport er niet in zit, gebruiken veel scholen maar een rolletje tape. Vier lijnen op de grond en de leerlingen kunnen gaan inladen. En scholen die een écht serieus techniekprofiel willen aanbieden, hebben geen geld om daar in te investeren. Het bedrijfsleven neemt al wél haar verantwoordelijkheid. Sterker nog: veel scholen zouden zonder bijdrage van regionale bedrijven überhaupt de techniekbegroting niet meer rond kunnen krijgen. Maar nu is de politiek aan zet.

 

Zorg dat technisch vmbo structureel meer geld per leerling krijgt

Ook als scholen hun lokalen goed hebben kunnen inrichten, blijft het zo dat voor techniekonderwijs veel meer machines en materialen nodig zijn dan voor andere profielen. Een leerling die kiest voor het economieprofiel is klaar met een laptop, maar technische leerlingen kunnen vakvaardigheden alleen aanleren door te oefenen. Dat betekent: trainen, herhalen en leren van hun fouten. Uiteraard krijgen vmbo-scholen meer geld voor materialen dan 'gewone' vmbo-profielen, maar het verschil dekt het verschil in kosten niet. Meer geld per leerling moet dat gaan oplossen. Anders blijven scholen jaar na jaar met gaten in hun begroting zitten. Op techniek mag niet bezuinigd worden.

 

Regel dat er in elke regio ook techniek te kiezen valt

In een flink aantal gemeenten is het technisch vmbo al verdwenen. 25 Procent van alle jongeren kan zelfs niet in zijn gemeente naar een technische vmbo-school. Daar moet dus wat gebeuren, zodat iedere jongere in elk geval de kans heeft om voor techniek te kiezen. Nu zijn er zelfs regio's waar genoeg bedrijven springen om technische geschoolde jongeren, maar waar geen enkel vmbo één van de drie nieuwe technische profielen aanbiedt. De mogelijkheden zijn er. Maar alleen als er extra investeringen gedaan kunnen worden. Maar liefst 95 vmbo’s ‘oude stijl’ bieden techniekonderwijs aan: zorg dat deze scholen dat profiel nu kunnen omzetten naar een echt technisch profiel. Ook in de grote steden. Daar is de situatie nu bedroevend. In 'de grote vier' is het technisch onderwijs vrijwel verdwenen. Dat terwijl ook daar gevraagd wordt naar technisch personeel.

25 Procent van de leerlingen kan geen techniekonderwijs in zijn eigen gemeente volgen. Techniekonderwijs wordt straks niet meer overal aangeboden
25 Procent van de leerlingen kan geen techniekonderwijs in zijn eigen gemeente volgen. Techniekonderwijs wordt straks niet meer overal aangeboden