17 JUN, 2026 • Column
Achterstallig onderhoud ondermijnt grote ambities
Niemand wint verkiezingen met een opgeknapte brug. Geen minister houdt een persconferentie omdat een sluisdeur op tijd is vervangen. En weinig Kamerleden krijgen applaus omdat een spoorverbinding betrouwbaar blijft functioneren. Toch zijn het juist deze investeringen die bepalen of een economie blijft draaien.
Infrastructuur onder druk
Dat blijkt uit de praktijk. Recent werd bekend dat Rijkswaterstaat onderhoud in delen van Noord-Nederland moet stilzetten omdat het budget tekortschiet. Vrijwel tegelijkertijd bleek dat er wel geld beschikbaar is voor woningbouw, maar onvoldoende middelen om nieuwe woningen goed aan te sluiten op het wegennet.
Dat zijn geen incidenten. Ze leggen een ongemakkelijke waarheid bloot. Nederland heeft te lang te weinig geïnvesteerd in zijn infrastructuur. We willen woningen bouwen, onze economie verduurzamen, onze weerbaarheid vergroten en onze concurrentiekracht versterken. Maar ondertussen laten we de infrastructuur die al die ambities mogelijk moet maken steeds verder slijten.
Achterstallig onderhoud raakt economie en woningbouw
Jarenlang konden onderhoud en vervanging worden uitgesteld zonder dat de gevolgen direct zichtbaar waren. Inmiddels is die ruimte er niet meer. Storingen, beperkingen, vertragingen en omrijdkosten zijn geen theoretische risico’s meer, maar dagelijkse praktijk.
Dat raakt niet alleen ondernemers. Nieuwe woningen hebben weinig waarde als mensen ze niet kunnen bereiken. Economische groei blijft uit als goederen niet efficiënt worden vervoerd. Ook onze veiligheid en weerbaarheid zijn afhankelijk van infrastructuur die betrouwbaar functioneert.
Investeren in de basis
Daarom is de eerste vraag niet welke projecten voorrang moeten krijgen, maar of we bereid zijn voldoende te investeren in de basis. Op die vraag zullen het kabinet en de Tweede Kamer tijdens het debat over infrastructuur en de augustusbesluitvorming antwoord moeten geven. Niet kiezen voor aanvullende investeringen is in feite een keuze voor achteruitgang.
Van plannen naar uitvoering
Maar zelfs als er extra geld bijkomt, blijven keuzes onvermijdelijk. De achterstand in onderhoud en de lijst met gewenste projecten zijn inmiddels zo groot dat ze niet in één kabinetsperiode zijn weg te werken. Daarom is het logisch eerst te investeren in projecten die de economie versterken. Een sterke economie levert immers ook de middelen op om later verder te investeren in wegen, spoor, bruggen en sluizen.
Dan moet dat geld wel tot zichtbare resultaten leiden. Te veel projecten blijven jarenlang hangen in plannen, procedures en onderzoeken. Op papier gebeurt er van alles, maar buiten verandert er weinig. Daarom zou niet alleen gekeken moeten worden naar het verwachte economische effect van een project, maar ook naar de vraag of het binnen afzienbare tijd gerealiseerd kan worden. Uiteindelijk heeft Nederland meer aan een goed project dat wordt gebouwd dan aan een perfect project dat in een la verdwijnt.
Max Tóth
Strategisch beleidsadviseur mobiliteit en logistiek


