Waarom winkeliers (g)een wapen onder de toonbank moeten leggen

Opnieuw actueel: Is het verstandig als winkeliers zich bewapenen tegen overvallers? Of begint er dan juist een wapenwedloop in de winkel...

 

René de Beukelaer | Plaatsvervangend hoofdofficier van justitie

‘Wapenbezit is verboden. Punt’

 

'Op het moment dat een juwelier een overvaller neerschiet, wordt er gauw geroepen dat het noodweer was. Je mag jezelf en je goederen verdedigen. Maar écht noodweer komt niet zo vaak voor. Twaalf jaar geleden had ik een zaak van een juwelier die een overvaller had neergeschoten. Die heb ik vervolgd. Ik heb uitgelegd waarom; maar de hoogte van de eis bespreek je vooraf ook met de nabestaanden. We hebben het wel over doodslag, het op één na zwaarste delict in ons strafrecht.'

 

Foto: Sam Rentmeester

'Wapenbezit is verboden. Daar is geen enkele discussie over. Ik kijk wel naar dader en slachtoffer. Een winkelier die ook verdachte is, wordt meestal niet vastgezet. Dat doen we normaal gesproken wel bij een levensdelict waarbij een wapen is gebruikt. In de zaak van twaalf jaar geleden hebben wij twee jaar cel geëist. De rechter heeft tweehonderd uur dienstverlening en drie maanden voorwaardelijk gegeven. We zijn niet in appèl gegaan omdat we in deze zaak niet per se ons gelijk wilden halen.'

'Ik heb heel wat zaken gedaan waar wapens zijn gebruikt. Wat opvalt, is dat iedereen zegt dat ze het wapen hebben ter verdediging. Om zich veiliger te voelen. Naderhand hebben ze vaak enorme spijt. Dan vinden ze dat ze het wapen toch te snel hebben gebruikt.'

 

Jan Kiers | Schietclub Beilen

‘Op iemand schieten is traumatisch’

Foto: Elmer Spaargaren

'Ik doe sinds 2001 aan schietsport en ik train elke week. Je moet wekelijks oefenen wil je iets bereiken. Het is net als darten. Als Raymond van Barneveld een paar trainingen overslaat, gooit hij veel minder strak.'

'Ik moet er niet aan denken om op mensen te schieten en dat geldt voor iedereen die ik ken. Er komen bij onze club jongens van Bink over de vloer die geldautomaten bijvullen. Als ik hun verhalen hoor, kan ik mij voorstellen dat ze zich af en toe onveilig voelen. Maar van agenten die wel eens hebben geschoten, heb ik gehoord hoe traumatisch dat is.'

'Denk vooral niet dat schieten makkelijk is. Wij schieten op een stilstaand doel en dat is al moeilijk genoeg. Laat staan als je op een bewegend mens vuurt. Ik vind het heel terecht dat je geen vuurwapen onder je kussen of op je nachtkastje mag hebben. Zo'n wapen zelf doet niets, maar in verkeerde handen en op verkeerde momenten kunnen er heel vervelende dingen gebeuren.'

'Wat mij heel erg stoort, is dat na een schietincident zo vaak naar de schietsporters wordt gekeken. Wij zijn echt verschrikkelijk streng gereguleerd. Ik vind het niet erg om twee keer per jaar gecontroleerd te worden of ik mijn wapens achter slot en grendel heb. Ik denk alleen dat het goed zou zijn als justitie eens een controle overslaat en die tijd gaat gebruiken om achter illegale wapens aan te gaan. Daar gebeuren de ongelukken mee.'

 

Leo Bekker | Kappersketen Haarlijn 10

‘Ik zou het niet in mijn harses halen’

Foto: Rick Akkerman

'Wapens in de winkel? Nooit aan beginnen. Nu komen overvallers met een getrokken pistool naar binnen. Als ze denken dat je een wapen hebt, gooien ze eerst een handgranaat. Ik ben marinier geweest, VN-militair en sportschutter. Ik ben geen pacifist, maar het geweldsmonopolie van de overheid moet niet naar particulieren. Neem de VS, waar ik heb gewoond. Je wilt niet weten hoeveel ongelukken daar gebeuren omdat het kleintje gaat spelen met de revolver van pappa die even op tafel ligt.'

'Denk ook niet dat je sneller bent dan een overvaller. Zij hebben dat wapen al in de hand, jij moet 'm nog pakken. Vaak zijn het jongetjes van 12 tot 23 jaar en niet té intelligent. Met een borrel en een pil op staan ze flink te doen tegen elkaar. Ad hoc maken ze een plan, stappen op de scooter en gaan naar de eerste de beste plek waar ze een kassa denken te vinden. Je denkt dat je je kunt verdedigen met een wapen, maar een overvaller schiet je door je flikker als je verkeerd beweegt.'

'Heel soms spreek ik een collega-ondernemer die zegt dat hij een wapen wil. Vaak is dat grootspraak. Ik zou het niet in m'n harses halen om een wapen in de winkel te brengen. Toen ik ben gestopt met de schietsport, heb ik dat luidkeels aan iedereen laten weten. Ik hoef niet te hebben dat ze schietend binnenkomen omdat ze denken dat ik een vuurwapen heb.'

 

Jarno Dijkstra | MAATbeveiliging

‘Wie een wapen heeft, gebruikt het’

Foto: Sam Rentmeester

‘Ik heb begrip voor de kwetsbare positie van winkeliers. En ik snap ook de frustratie. Zeker van mensen die al meermalen met geweld zijn geconfronteerd. Maar ik denk niet dat je met geweld als antwoord bijdraagt aan een oplossing. Dus ook niet met wapens. Op het moment dat je je als winkelier bewapent, calculeer je al in dat het een keer mis zal gaan. Ik denk dat dit niet handig is. Als je een wapen in huis hebt, ben je ook sneller geneigd het te gebruiken. En dat leidt tot een vorm van verharding. Je raakt verzeild in een geweldsspiraal: je kunt er op wachten dat de andere partij ook naar steviger middelen grijpt.’

‘Een winkelier die zich bewapent, straalt ook uit dat je als klant niet welkom bent. We streven er in ons werk juist naar dat de klant zich wél welkom voelt. Natuurlijk zijn we er om een oogje in het zeil te houden. Maar we fungeren ook als host: ons uniform, onze uitstraling is er vooral ook op gericht om mensen de winkel binnen te halen. Op het moment dat je als beveiliger wapens draagt of zaken afhandelt met agressie, schrik je juist af. Ik geef toe: de oplossing is niet zo eenvoudig. Maar ik denk dat winkeliers het vooral moeten zoeken in preventie. Aanwezigheid van beveiligingsbeambten is er een van. Verder zou ik denken aan maatregelen als aanpassingen aan de winkelinrichting en het terugdringen van de hoeveelheid contant geld in winkels.’

 

Fred Witkamp | Zelfverdedigingsinstituut Witkamp

‘Wapen werkt preventief’

Foto: Jacob van Essen/Hoge Noorden

‘Je zal als winkelier maar worden overvallen. Als het tegenzit vallen er gewonden. En vaak blijft het niet bij een keer. Ik vind het te gemakkelijk om dit af te doen als risico van het vak. Zo iemand vraagt er toch niet om te worden overvallen? De impact van zo’n gebeurtenis is enorm. In veel gevallen volstaat het geleerde uit cursussen omgaan met geweld en een zelfverdedigingscursus om overvallers van repliek te dienen. Maar steeds vaker blijkt dit niet voldoende.’

‘In winkelcentra worden steeds vaker beveiligers ingezet. Maar zij doen ongewapend hun werk. En bij een gewapende overval beginnen ze dan ook weinig. Ik denk dan ook dat de tijd rijp is om mensen die werken op plaatsen met een groot overvalrisico, zoals in juwelierszaken, de mogelijkheid te geven zich te bewapenen. Natuurlijk streng gereguleerd. Gewoon met vergunningen, schietcursussen en dergelijke. Want op toestanden als in de tijd van het Wilde Westen zit niemand te wachten.’

‘Onderschat het preventieve effect van een wapen niet. De meeste overvallers grijpen alleen maar naar een wapen om te dreigen. Ze willen geld, spullen. Als je als winkelier dan een vuurwapen laat zien of laat merken dat je er een onder handbereik hebt, bedenken ze zich wel twee keer. De kans dat zij geraakt worden, werkt niet echt uitnodigend. Ik ben niet bang dat de situatie door het toestaan van vuurwapens escaleert. De toename van het aantal zelfverdedigingsscholen heeft toch ook niet geleid tot meer geweld?’