3 SEP, 2026 • Opinie

Ondernemers doen wat nodig is. Nu is de politiek aan zet

Wie naar de cijfers kijkt, ziet geen eenduidig economisch beeld. De Nederlandse economie groeide in het tweede kwartaal met 0,4 procent en de industriële productie lag in juni 4,6 procent hoger dan een jaar eerder. Tegelijkertijd blijft het ondernemersvertrouwen negatief: van -14,8 in april naar -5,3 in juli. Ondernemers blijven voorzichtig over de toekomst. 

Dat is minder tegenstrijdig dan het lijkt. Economische groei zegt niet automatisch dat het goed gaat met bedrijven. Ondernemersvertrouwen gaat ook over verwachtingen voor de toekomst. Achter gemiddelde cijfers gaan grote verschillen tussen sectoren en bedrijven schuil. Voor veel ondernemers blijven kosten hoog en is investeren lastig. 

Toch blijven ondernemers zoeken naar manieren om zich aan te passen. Dat is de veerkracht van het Nederlandse bedrijfsleven. De afgelopen jaren volgden een pandemie, hoge energieprijzen, inflatie, personeelstekorten, geopolitieke spanningen en veranderende handelsverhoudingen elkaar in hoog tempo op. Ondernemers pasten hun bedrijfsmodellen aan, digitaliseerden, zochten nieuwe markten en vingen kosten en risico’s op. Soms door te investeren in technologie, soms door investeringen uit te stellen of genoegen te nemen met lagere marges. 

Veerkracht betekent dus niet dat het ondernemers voor de wind gaat. Het betekent dat zij proberen vooruit te komen, ondanks de tegenwind. 

En juist daar ligt een belangrijke opdracht voor de politiek. Het aanpassingsvermogen van ondernemers is groot, maar niet onbeperkt. Bedrijven kunnen omgaan met hoge energieprijzen, maar niet met een elektriciteitsnet waarop geen aansluiting beschikbaar is. Ze kunnen personeelstekorten opvangen, maar niet als vergunningen jarenlang op zich laten wachten. En ze kunnen internationaal concurreren, maar worden kwetsbaar wanneer regelgeving, fiscale onzekerheid en hoge kosten de concurrentiepositie onder druk zetten. 

Ook investeringen staan onder druk. Onzekerheid over economie en beleid maakt grote langetermijninvesteringen moeilijker. Dat raakt niet alleen bedrijven, maar ook het groeivermogen van de Nederlandse economie. 

De opdracht voor de politiek is daarom niet om ondernemers optimistischer te maken, maar om ervoor te zorgen dat zij weer meer reden hebben om optimistisch te zijn. Dat betekent keuzes maken: ruimte creëren op het elektriciteitsnet, vergunningen versnellen, regels vereenvoudigen en investeren in infrastructuur, innovatie en arbeidsproductiviteit. En bovenal: zorgen voor voorspelbaar beleid. 

Niemand hoeft ondernemers uit te leggen hoe ze moeten ondernemen. De afgelopen jaren hebben zij laten zien dat ze zich kunnen aanpassen. Maar veerkracht mag geen excuus worden voor slechte randvoorwaarden. Als we willen dat bedrijven kunnen investeren, groeien en banen creëren, moeten we zorgen dat de omstandigheden dat mogelijk maken. 

De redactie 

administratieve lasten en regeldrukondernemersredactioneel (rubriek)