Kunnen we de fabeltjes over topsectoren eens achter ons laten?

Nederland is trots op zijn topsporters. Iedereen weet dat het een enorme prestatie is om op wereldniveau te kunnen presteren. De topsporter moet dat vooral zelf doen, maar kan dat niet alleen. Dat vraagt om een topsportklimaat dat stimuleert en de topsporter laat doen waar hij of zij goed in is.
Hoe anders is dat wanneer het gaat over onze topsectoren. Stuk voor stuk uitblinkers op het wereldtoneel. We zijn tweede exporteur van voedsel, onze tv-formats en dj’s veroveren de wereld en ergens in Veldhoven bepalen we het tempo van de ict-revolutie. Maar een beetje trots zijn op onze topsectoren, ho maar. Het politieke debat hierover concentreert zich vooral op hardnekkige fabeltjes.
Zo zou het topsectorenbeleid gaan om grote subsidiepotten die allemaal voor de grote bedrijven zijn. Niks is minder waar. Van al het geld dat naar innovatie gaat, wordt ruim 90 procent gestoken in algemene toegankelijke fiscale regelingen. Ruim de helft daarvan gaat naar het mkb. De 10 procent die overblijft gaat nauwelijks over subsidies, maar is een regeling die op elke door het bedrijfsleven geïnvesteerde euro een kwartje extra bijlegt voor de wetenschap. Het mkb doet daar volop aan mee.
En nee, het topsectorenbeleid gaat niet ten koste van het fundamentele onderzoek, ook al zo’n hardnekkige gedachte. Ruim 90 procent van de middelen voor de wetenschap wordt generiek weggezet. Het topsectorendeel beslaat krap 10 procent, en als we er eerlijk naar kijken (het echte samenwerkingsdeel) krap 5 procent. Bovendien worden in de topsectoren ook fundamentele programma’s gedraaid, zoals op het gebied van quantum-technologie of chemie.
En dan zouden topsectoren ook nog eens geen oog hebben voor crossovers en maatschappelijke uitdagingen. Ook hier wijzen de cijfers anders uit. Ruim de helft van de topsectorprojecten gaat over crossovers. Tussen de topsectoren zelf en tussen topsectoren en andere sectoren. En bijna 70 procent van de projecten liggen op het gebied van maatschappelijke uitdagingen.
Is het dan allemaal perfect? Nee zeker niet. Er is veel te zwaar bezuinigd op onderzoek en innovatie waardoor de rek er nu wel uit is. Ook moeten we de ambitie hebben een groter deel van het innovatief mkb bij de topsectoren te betrekken. Maar de koers van beleid is goed. Topsectoren zijn topsport. Dáár zouden we het over moeten hebben in plaats van het continue voorlezen van de fabeltjeskrant.