Internationaal ondernemen: waar blijft de kwantumsprong?

Als er één moment is. Eén moment waarop we de kans moeten grijpen om het meest welvarende land in de wereld te worden, de onbetwistbare kampioen als het gaat om internationaal ondernemen, dan is het nu. Niet volgend jaar, niet de volgende kabinetsperiode, nú. Klinkt misschien raar, nu de kranten dagelijks volstaan over de vele brandhaarden op de wereld, maar toch is het zo.

Tel maar op. De rente staat historisch laag, investeren was nog nooit zo goedkoop. De euro is niet duur. Onze bedrijven zitten boordevol innovatie. We scoren hoog op duurzaamheid, maatschappelijk verantwoord ondernemen en de happiness index. We hebben een geweldig potentieel, voor onszelf en voor de wereld. maar de stap over de grens is wel essentieel. Sterker nog, duurzame welvaart voor allen is simpelweg onmogelijk als we ons beperken tot slechts de thuismarkt van 17 miljoen.

Nederlandse ondernemers gaan in het buitenland voor goud én brengen goud. Elke handelsmissie toont dat. Onze unieke expertise – duurzame voedselproductie vol technisch kunnen, cybersecurity via unieke chips, leefbare steden met veilig vervoer, vitale vergrijzing, schone energie – vindt in het buitenland gretig aftrek. Ik zag dat zelf van dichtbij bij het Staatsbezoek aan Japan en Korea. Heel veel Nederlandse ondernemers zijn succesvol in het buitenland en ik ben ervan overtuigd dat een nog veel grotere groep dat óók in zich heeft. Zeker als zo goed wordt samengewerkt met de overheid als tijdens het staatsbezoek aan Korea en Japan.

Een bedrijfsleven dat niet maximaal gesteund wordt door zijn overheid, belandt echter onherroepelijk op achterstand. Ik waardeer wat de Nederlandse overheid nu al doet, maar ik pleit voor een kwantumsprong. Op alle fronten moet het beleid voor internationaal ondernemen in een hogere versnelling. Het kabinet moet een exportteam Nederland zijn, waarin álle export bevorderende ministeries nauw samenwerken – Buitenlandse Zaken, EZ en Landbouw, Infrastructuur en Milieu, Volksgezondheid, Onderwijs. Met goede exportfinanciering en een ‘Export ANWB’ die ondernemers op weg helpt. Met meer Europese samenwerking, om de Interne Markt en handelsverdragen met de VS en Japan te realiseren. Met gerichte Task Forces voor de export van onder meer de Topsectoren. Ook nieuwe sectoren, zoals de hightech niche-spelers en de semi-publieke sector, moeten meer bij de exportbevordering betrokken worden. Het spreekt voor zich dat ook de ondernemers zelf en hun organisaties hun export-beleid moeten intensiveren.

Voor internationaal ondernemen zijn relaties en kennis nodig. Onze ambassades en consulaten-generaal spelen daarbij een sleutelrol. Terwijl de Nederlandse economische diplomatie steeds beter vorm krijgt, zijn veel posten door de bezuinigingen tot op het bot uitgekleed. Dat is ‘Penny-wise Pound-foolish’.

Deze Special van Forum zet de schijnwerper op het belang van het buitenland, een sterk buitenlands economisch beleid en het werk van onze posten. Internationale markten zijn doorslaggevend voor onze welvaart. Daarom moeten we nu in actie komen. Daar zet ik graag met ondernemers en de overheid de schouders onder.

Hans de Boer, Voorzitter VNO-NCW

Dit artikel komt uit de print Forum