Ik vertrek (niet). Waarom over de grens werken maar niet lukt

Wat in de Verenigde Staten wél lukt, komt in Europa maar niet van de grond. Voor geen baan krijg je de Europeaan de staatsgrens over. Hoe krijgen we hem in beweging?

 

Ook toen Frans Coehoorn alweer een tijdje terug was in Nederland vroegen zijn vrienden wanneer hij weer wegging voor een nieuw buitenlandavontuur. De 30-jarig it'er, geboren en getogen in Assen, werkte na zijn afstuderen in Warschau en Dublin als gametester. 'Ik heb mijn tijd in het buitenland ervaren als een avontuur én een goede investering in mezelf', vertelt Coehoorn. 'Ik kan het iedereen aanraden.'

Maar de meeste Nederlanders zijn behoorlijk honkvast. Wie in de databank van het Meertens Instituut duikt, ontdekt dat een verrassend groot aantal Nederlanders nog altijd woont in de woonplaats van hun grootouders. Verhuizen doen ze over kleine afstanden. Met die kennis in het achterhoofd is het niet gek dat Nederlanders amper werk zoeken aan de andere kant van het land, laat staan emigreren. En wat voor Nederlanders geldt, gaat ook op voor de gemiddelde Europeaan. Ontzettend zonde, stellen de onderzoekers van het rapport Making the Most of EU Labour Mobility. Op papier is de Europese Unie immers één grote arbeidsmarkt, vrij toegankelijk voor werknemers. In Duitsland hebben werkgevers moeite om genoeg werknemers te vinden; dat zou toch een paradijs moeten zijn voor Spanjaarden, van wie 24 procent werkloos is. De werkelijkheid is weerbarstiger: jaarlijks verkast maar 0,3 procent van de Europeanen.

 

Zorg voor europese vacaturebank

Gemakkelijk wordt het de jobzoekende Europeanen helaas niet altijd gemaakt. Regeltjes, verschillende belastingsystemen, maar ook het zoeken naar werk. Waar begin je? Misschien bij EURES, de Europese vacaturebank voor publieke werkgevers. Maar: slecht gevuld, niet goed bijgehouden en onbekend. En nog altijd geen mogelijkheid voor ondernemers om hun eigen vacatures te plaatsen. In 2010 kende slechts 12 procent van de Europeanen de dienst. Nooit van gehoord, zegt ook Coehoorn.

Hij ervoer aanvankelijk dat over de grens aan het werk gaan een stuk makkelijker was dan hij dacht. 'Een ochtendje op het gemeentehuis en ik had mijn Ierse burgerservicenummer', zegt Coehoorn, die direct na zijn afstuderen in 2008 een baan in Dublin aannam. 'Wellicht dat andere Europeanen daar toch een verkeerd beeld van hebben. Maar het blijft natuurlijk wel meer werk dan bijvoorbeeld een Amerikaan die alleen in een andere staat iets meer belasting moet betalen. Wat dat betreft ga je wel echt naar het buitenland, niet naar een andere staat, waar men zijn eigen regels heeft. Het is geen Amerika.'

 

Zorg voor gelukszoekersgevoel

Over de VS heerst vaak nog het beeld van de Amerikaanse gelukzoeker, die telkens zijn boeltje oppakt voor een baan elders. Dat idee is onderdeel de mystiek van het land, zeggen Amerikaanse onderzoekers, en komt terug in veel Amerikaanse populaire cultuur, zoals in Steinbecks klassieker The Grapes of Wrath. Zo groot als de arbeidsmobiliteit was tijdens bijvoorbeeld de economische crisis in de jaren dertig zal het wellicht nooit meer worden. Feit blijft wel dat in de Verenigde Staten het aantal jobhoppers over grenzen tien keer zo groot is als in Europa. En in de VS woont 30 procent van de inwoners niet langer in de staat waar hij geboren is.

In Europa wordt het publieke debat anders gevoerd en vaak overschaduwd door verhalen over uitkeringsfraude. Onterecht, want de voordelen van een hoge arbeidsmobiliteit zijn legio. Werklozen helpen zichzelf aan een inkomen en het land dat ze verlaten kent een uitkeringsgerechtigde minder. Ook voor werkgevers zijn buitenlandse krachten een toevoeging aan het bedrijf. Ze innoveren en nemen nieuwe ideeën mee uit hun thuisland.

'Nationaliteit is voor ons secundair', zegt Enrico Heidelberg, IT recruitment coördinator a.i. bij Coolbue. 'Zoeken in andere landen vergroot simpelweg je vijver, zeker als het gaat om developers. Daarnaast: de taal van het internet spreekt iedereen.' De culturele diversiteit van de medewerkers is dan alleen maar mooi meegenomen. 'Dat is niet ons primaire uitgangspunt, want dat is het aannemen van de beste mensen', zegt Heidelberg. 'Maar het is zeker een pluspunt om te werken met diverse mensen.' Het bedrijf begeleidt nieuwe medewerkers intensief als ze naar Nederland komen. Zo krijgen ze ook een talencursus bij het bedrijf.

 

Maak carrière zonder grenzen

Veel Amerikanen blijven van nature bereid om hun geluk elders te beproeven, zegt ook Scott LePage, vicepresident bij hotelgroep Wyndham in New Jersey, die in de loop van zijn carrière al voor vier werkgevers naar drie verschillende staten is verhuisd. 'De frontiermentaliteit, het idee dat er over de horizon nóg meer mogelijkheden lonken, is nog steeds aanwezig.' LePage, die opgroeide in de noordoostelijke staat Connecticut, sloeg al op relatief jonge leeftijd zijn vleugels uit. Om zijn studie te bekostigen nam hij eind jaren tachtig dienst bij de Amerikaanse marine, waar hij als straaljagerpiloot op een vliegdekschip de halve wereld werd overgezonden.

Een dergelijke wanderlust karakteriseert ook zijn burgercarrière. Na een verblijf van zeven jaar in New York, waar hij voor een accountancy-firma en een internetconglomeraat werkte, verkaste LePage met zijn vrouw en kinderen naar Texas. Daar ging hij aan de slag bij Cameron-Brooks, een headhuntersbedrijf dat militaire officieren helpt bij de transitie naar de burgermaatschappij. Hoewel LePage werd aangetrokken door het Texaanse landschap, hadden zijn ambities hem bij wijze van spreken ook naar Alaska kunnen voeren. 'Ik sluit in principe geen enkele staat uit. Als je serieus een carrière nastreeft, is het naïef om te veronderstellen dat het allemaal in één regio kan.' Migratie in de VS leidt zelden tot complicaties voor pensioen of AOW, wat verhuizen naar een andere staat makkelijker maakt.

 

Dat ze in heel de VS Engels spreken, is ook een leerpuntje voor de EU. Het Europese onderwijs moet daarom koersen op het aanleren van minstens twee vreemde talen, zeggen de onderzoekers in het rapport. Daarmee los je natuurlijk niet de cultuurverschillen op binnen Europa. Coehoorn: 'Voor een stad als Warschau was het echte Oost-Europa-gevoel toch meer aanwezig dan ik had verwacht. Ik voelde soms wat discriminatie jegens mij en mijn mede-collega's uit het Westen. Die West versus Oostgedachten spelen nog erg in Polen, vond ik, hoewel ze dat nooit echt snel zouden zeggen.'

Ondanks de gemeenschappelijke taal heeft ook LePage regelmatig culturele belemmeringen moeten overwinnen. 'Buitenstaanders denken vaak dat Amerika een homogeen land is, maar op regionaal niveau zijn er behoorlijke verschillen.' Zo hechten Texanen enorm aan hun onafhankelijkheid. Dat is nogal een contrast met het overgereguleerde New Jersey, waar het zelfs verboden is om je eigen benzinetank vol te gooien. Kortom, het is te simpel om te stellen dat Europa niks van de VS kan leren.

 

Stimuleer meer mobiliteit

Ook de Verenigde Staten heeft te lijden onder de gevolgen van de financiële crisis. Zo moest een nieuwe collega van LePage zijn gezin achterlaten in de staat Georgia, omdat hij zijn huis niet verkocht kreeg. Hoewel hij de flexibiliteit heeft gekregen om zoveel mogelijk thuis te werken, moet hij regelmatig vijftienhonderd kilometer forenzen. Een onlangs ingediend wetsvoorstel moet daar verandering in brengen. De American Worker Mobility Act geeft langdurig werkloze Amerikanen een subsidie van maximaal 10.000 dollar om elders in het land hun heil te zoeken. Een idee voor Europa?

Coehoorn is inmiddels klaar met zijn jobhop-avonturen als gametester over de grens. 'Voor mij leverde dat werk in Ierland en Polen uiteindelijk te weinig geld en zekerheid op om definitief te blijven. Ik dacht: 'Dit heeft geen zin meer zo.' Sindsdien werk ik weer in Nederland, verdien ik stukken meer daar en bouw ik mijn sociale zekerheden op. Ja, het is 'maar' Nederland, daar is voor mij weinig avontuurlijks aan. Maar als ik even weg wil, zoek ik gewoon mijn maten in Dublin weer op. En wie weet stuurt mijn werkgever me nog eens de grens over.'

 

En de Polen, Roemenen en Bulgaren dan?Er zijn de laatste jaren zeker Europeanen geweest die de grens wel over gingen. Polen, Roemenen en Bulgaren kwamen in groten getale naar rijkere lidstaten om hun geluk te beproeven. Hogere lonen en genoeg werk in de bouw of sectoren waar inwoners van de lidstaten zelf niet wilden werken, maakten de stap aantrekkelijk. En als de omstandigheden in eigen land niet echt geweldig zijn, wordt zo'n beslissing misschien ook sneller genomen.
Vaak, schrijven de onderzoekers in het rapport, gaan discussies rond werken over de grens over het 'inpikken van banen' en het drukken van immigranten op het nationale sociale vangnet - zeker met de opkomst van eurosceptische partijen. Onterecht, stelt het rapport. Er is geen bewijs dat mobiliteit het ontvangende land geld kost. Sterker nog, onderzoeken laten juist zien immigratie van werknemers meer oplevert dan het kost. Natuurlijk moet het onderbetalen en uitbuiten van werknemers tegengegaan worden, maar dit is niet inherent aan het halen van personeel aan andere landen, maar eerder een gevolg van falend toezicht. Daar moet dan ook tegen opgetreden worden. Daarnaast zorgt een dynamische arbeidsmarkt ervoor dat Nederlandse bedrijven niet met tekorten zitten en voor elke openstaande vacature een werknemer kunnen vinden.

Wat Europa kan doen om werknemer te verlokkenDe onderzoekers van het rapport Making the Most of EU Labor Mobility zijn heel duidelijk: een dynamische arbeidsmarkt in Europa is nodig om bedrijven te laten groeien en investeren, alleen al om mee te blijven doen met andere wereldeconomieën. Daarnaast haalt een dergelijke arbeidsmarkt druk weg bij landen met een hoge werkloosheid en helpt het landen die juist opzoek zijn naar meer werknemers. Maar daarvoor moet er wel wat veranderen. Er moet een betere vacaturebank komen, er moet meer aandacht zijn voor taalonderwijs en natuurlijk moeten kwalificaties over de grens geaccepteerd worden. Ook kunnen overheden werkgevers best een handje helpen om personeel uit andere landen te werven. Als voorbeeld noemen de onderzoekers Duitsland, waar verschillende projecten liepen om werkgevers te steunen bij het werven en het aannemen van Spanjaarden. De bedrijven werden ondersteund met subsidies om bijvoorbeeld het personeel een goede taaltraining aan te bieden en verhuiskosten te vergoeden. De werknemers op hun beurt kregen wat meer begeleiding om zo snel te wennen.