Europa moet buitenlands talent over grens lokken

Als we willen dat Europa economisch kan groeien en mee blijft doen met andere grootmachten zoals de Verenigde Staten en China, dan moet onze arbeidsmarkt mobieler worden. Immers, een dynamische arbeidsmarkt zorgt ervoor dat tekorten in het ene land worden opgelost door een teveel aan werknemers in het andere land. Kijk bijvoorbeeld maar naar Duitsland, waar werkgevers zitten te springen om personeel. Of naar Spanje, waar een kwart van de beroepsbevolking werkloos is.

Maar… vrij verkeer van personen is toch een van de pijlers van de EU? Onze arbeidsmarkt is toch mobiel? Op papier wel, ja. Maar in de praktijk kan er nog veel verbeterd worden. Begin alleen al met het updaten van EURES, de nog veel te onbekende Europese vacaturebank. En zorg ervoor dat werkgevers en werknemers minder administratieve rompslomp voor hun kiezen krijgen.

Nu gaan maar weinig Europeanen de grens over, blijkt uit onderzoek: zo'n 0,3 procent op jaarbasis. Daarom moet ook het debat rond arbeidsmigratie een andere toon krijgen. De gemiddelde euroscepticus denkt bij het woord arbeidsmigrant toch gelijk aan het clichébeeld van de Oost- of Zuid-Europeanen die 'onze' banen in komen pikken. Dat is zonde. Natuurlijk moeten illegaal werk en het uitbuiten van buitenlandse werknemers keihard worden aangepakt, maar dat is niet het resultaat van een vrije arbeidsmarkt, maar van falend toezicht.

Want ook voor werkgevers zijn buitenlandse krachten een welkome aanvulling. Niet alleen omdat ze vaak andere skills hebben dan Nederlanders, maar ook omdat hun cross culturele kennis een bron van innovatie vormt. Niet voor niets hebben veel bedrijven Engelse wervingspagina's om de grootste talenten van Europa naar Nederland te halen. Daarom moeten we af van de angst voor de buitenlandse werknemer, want arbeidsmobiliteit is juist de smeerolie van de Europese economische motor.