Deze ondernemer gaat de strijd aan met plasticafval

19-02-2020

Ineens zat het idee in het hoofd van bloemenhandelaar René Wesselman: stoppen met al die plastic potjes. Maar minder plasticafval... dat blijkt gemakkelijker gezegd dan gedaan.

 

Jaarlijks produceren we alleen al in Nederland 3,5 miljard planten met plastic potten. Laat dat getal even bezinken: drie-en-een-half-miljard plastic bloempotten! Hoe mooi zou het zijn als al die potjes bij het gft konden, dacht bloemenhandelaar René Wesselman. En daarmee begon het avontuur van WPT Biobased.

 

Papierpulp voorkomt plasticafval

Via via vonden Wesselman en zijn compagnon Mart van Tol een Amsterdamse hoogleraar met biohars en een patent. Na ongelofelijk veel moeite ('Weet je nog toen die Amerikaanse eigenaar ons de fabriek uitzette? En dat we toen stiekem gebleven zijn?') kwamen ze terecht bij een Duitse fabrikant die daarmee papierpulppotjes wilde maken. 'En dan nog alleen omdat de oudste medewerker daar zich kon herinneren dat ze het jaren geleden ook eens hadden geprobeerd. Zijn baas wilde eerst niet, maar hij zei: 'Als je de mallen kunt vinden, dan mag het.' Die man graven. En ja hoor, veertien dagen later belde hij op: hij had ze. Intact.'

Soms is het een gevechtOndernemen: dat gaat niet altijd van een leien dakje. Verzin je iets nieuws dat de wereld of jouw sector een beetje beter maakt, loopt de wetgeving achter. Of snapt een certificeerder als TÜV of KEMA-KEUR je niet. En dan kan ondernemen ineens een hele worsteling zijn. Daarover vertellen ondernemers in de nieuwe Forum-serie De worsteling. Vandaag deel 1 met bloemenhandel René Wesselman. Hij ontdekte tot zijn schrik dat we er in Nederland elk jaar 3,5 miljard plastic bloempotten doorheen jagen. Dat moet anders kunnen?! Tja en wat er toen gebeurde…

In Amsterdam bouwden ze een kleine proeffabriek waar kleine aantallen potjes per maand voorzien werden van biohars. En toen begon het testen. Is het potje stevig genoeg om machinaal te verwerken? (Ja) Groeit de plant er wel goed in? (Ja zeker!) Moet je hem meer of minder water geven? (Meer, anders blijft hij kleiner.) Groeien de wortels er doorheen? (Nee.) Die fase duurde lang, zegt Wesselman. 'Maanden, per test. Ja, zo’n plant groeit zo snel als hij groeit. Je kunt er wel bij staan kijken, maar daar gaat het niet sneller van.'

En toen waren zij overtuigd: het was een goed product. 2016 was het inmiddels. Al die tijd, en nog steeds, runden Wesselman en Van Tol hun eigen bedrijven naast deze 'hobby', inmiddels een volwaardig bedrijf onder de naam WPT Biobased. 'Er gaat wel honderd uur per maand in zitten. En nogal wat geld.' Idealistisch als het begon, inmiddels zouden de heren het wel fijn vinden als ze wat van hun investering terug zouden zien.

 

Wie wil het duurzame potje hebben?

De telers zijn enthousiast. 'Je merkt dat zij ook van het plastic af willen. De meeste hebben allerlei varianten van duurzame potjes al geprobeerd.' Ze willen best meer betalen voor de potjes, ook omdat hun afnemers een markt zien voor een duurdere, 'groene' plant. Retailers, bijvoorbeeld supermarktketens, staan er voor open. Mits die claim gestaafd kan worden met de juiste certificaten.

En daar gaat het mis. De certificeerder, TÜV, ziet geen geschikt hokje voor dit product en schaart het uit arren moede maar onder bioplastic. Voordat bioplastic bij het gft mag, moet het voldoen aan heel strenge eisen. Het moet binnen twaalf weken volledig composteren. Daarna mag er geen snippertje meer van te zien zijn in het afval.

Hoe dat afbreekbare potje eruit ziet? Kijk hier maar eens 

 

De ramp van geen gft

Dit potje vergaat alleen net wat trager dan de voorgeschreven twaalf weken. Het bestaat immers uit papier, en papier bestaat uit houtvezel. Hout verteert ook trager dan twaalf weken, maar mag wel bij het gft. De vezels waar het potje uit bestaat vormen zelfs een verrijking van het compost en de Vereniging Afvalbedrijven is informeel dan ook zeer gecharmeerd van het product. Helaas, ze willen niets op schrift stellen. Ze zijn te bang dat de consument dan ook de reguliere plastic potjes bij het gft gaat gooien en dat zou een ramp zijn. Daarom heeft WPT Biobased op dit moment één kleine klant, die verkoop zonder certificaat wel aandurft. 'Grotere willen niet en dat gaat ons een keer opbreken.'

Subsidie om de prijs te drukken hebben ze niet gevonden. Er is een regeling voor duurzame bedrijfsmiddelen zoals auto’s, die lange tijd op de balans staan. De potjes komen als wegwerpartikel niet op de balans. Dag subsidie. 

Verbeter de wereld, begin een bedrijfVeel ondernemers doen hun best om natuur en milieu zoveel mogelijk te ontlasten. Groene groeiers gaan een stapje verder. Zij willen met hun product of dienst een bijdrage leveren aan een betere, leefbare wereld. Maar ondernemen buiten de gebaande paden valt niet altijd mee. Het netwerk Groene Groeiers levert steun en kennis om hen verder te helpen. Ook groene groeier worden? Sluit je hier aan!

Een worsteling met teveel regels

Het is een achtbaan waar ze in zitten, zeggen ze, maar de ervaren ondernemers praten er eigenlijk heel rustig over. Dit is ondernemen. Het hoort erbij. Dan wordt Wesselman ineens toch fel. 'Weet je wat me het meeste dwars zit? Mensen op tv roepen dat plastic de wereld uit moet en dat het bedrijfsleven meer moet doen. Terwijl er al zoveel goeds gebeurt! Mensen hebben daar geen weet van. Zoveel ondernemers zijn bezig met duurzaamheid. En de oplossing is nog niet altijd optimaal, maar we doen heel veel!'

 

WPT Biobased wint prijs na prijs voor hun uitvinding. Op 31 januari van dit jaar ontvingen ze de Plastic Act Challenge van de regionale investeringsmaatschappij Zuid-Holland. Een cheque ter waarde van 50.000 euro. Met dat bedrag willen ze andere vormen en maten potjes ontwikkelen. Maar daar laten ze het even bij. 'Het product is geschikt voor allerlei soorten verpakkingen, ook voedingsmiddelen. Maar dan kom je een partij regels tegen. Dan wordt de worsteling nog drie keer zo groot.'

 

Op de hoogte blijven van onze beste artikelen? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

 

MindbogglingIn elke vrachtwagen die de veiling in Aalsmeer verlaat zit al gauw zo’n 1.000 kilo plastic. Dagelijks rijden daar 1.800 vrachtwagens de poort uit.
Eén kruidenteler verbruikt 30 miljoen potjes per jaar.
Regels voor de verwerking van gft verschillen per land. In Oostenrijk wordt al het afval nog begraven. Frankrijk kent geen gft. Duitsland heeft per gemeente andere regels.
Tussen de 20 en 40 procent van het plastic in Nederland wordt gerecycled.
70 procent van het plastic dat we de afgelopen decennia hebben geproduceerd, zwerft nog ergens rond op aarde.