Constantijn van Oranje: ‘Nederland is nog geen Silicon Valley’

Radicale verandering, die moet van startups komen, zegt Constantijn van Oranje-Nassau. Hij is sinds 1 juli de nieuwe Startup Ambassadeur en zijn handen jeuken om voor startups aan de slag te gaan. ‘Er zijn nog niet zoveel Bookings en TomToms in Nederland.’

 

Het is een vrolijke rommel in het kantoor van Startup-Delta, dat huist tussen de startups aan de Amsterdamse ring. Misschien niet echt een locatie waar je een prins zou verwachten, maar Constantijn van Oranje-Nassau voelt zich hier prettig. B.Amsterdam was een kantoor van IBM, maar is omgetoverd tot een waar startupparadijs. Zelfs op een hete zomerdag als de dag waarop het interview plaatsvindt, krioelt het in het gebouw van de mensen. Van Oranje kijkt glimlachend rond: ‘Hier is iedereen bezig met nieuwe oplossingen en nieuwe manieren van werken.’ En daar houdt de nieuwe Startup Ambassadeur van. 1 Juli heeft hij het stokje overgenomen van Neelie Kroes.

 

U houdt van dwarse ondernemers?
‘Startups willen verandering. De gezondheidszorg vernieuwen, de telecommarkt openbreken of het onderwijs beter maken. Tijdens Startupfest heb ik ondernemers ontmoet die bezig zijn met het aanpakken van grote maatschappelijke uitdagingen op grond van een business model. Dus bijvoorbeeld irrigatiesystemen ontwikkelen om in droge gebieden de voedselvoorziening op peil te houden. Dat vind ik stimulerend. Startups zijn zeker niet allemaal maatschappelijke verbeteraars, maar ze hebben wel bijna allemaal een hoger doel. Bovendien lijken ze veel meer aandacht te hebben voor de behoeftes van hun klanten. En zijn succesvolle startup founders enorm gefocust op de agressieve groei van hun bedrijf. Die mensen wil ik graag een platform geven. Juist omdat zij voor disruptieve innovatie zorgen.’
‘Ik ontdekte al in mijn Brusselse tijd (prins Constantijn werkte van maart 2010 tot november 2014 in het kabinet van eurocommissaris Neelie Kroes; red.) dat startups amper toegang hebben tot onderzoeks- en innovatie fondsen en andere (fiscale) stimuleringsregelingen. De traditionele manier is om geld te pompen – of nou ja, eigenlijk te druppelen – in bestaande bedrijven om nieuwe technologieën te ontwikkelen. Maar dat levert meestal meer marginale innovatie op en niet per se disruptie en nieuwe business.’

 

Wat moet er volgens u gebeuren dan?
‘Het moet bijvoorbeeld veel gemakkelijker worden om vermogen te herinvesteren na een bedrijfsverkoop, zodat dat geld nieuwe bedrijven oplevert. Dat gebeurt al wel in Nederland, maar nog veel te weinig. Ik denk ook dat er nog wel wat moet gebeuren aan  het ondernemersklimaat op universiteiten. Neem bijvoorbeeld het transportsysteem de Hyperloop, een soort buizenpostsysteem bedacht door Elon Musk. Een team van de TU Delft is bezig met het ontwerp van een capsule hiervoor, zoals eerder ook geweldig innovatieve solarauto’s zijn gebouwd. Dat moet business kunnen opleveren. Maar onze universiteiten zijn daar veel minder goed op ingesteld dan bijvoorbeeld Amerikaanse universiteiten of het Engelse Cambridge. Prikkels voor vakgroepen en faculteiten liggen op het vlak van artikelen schrijven en patenten genereren, niet op het commercialiseren van die kennis en het bouwen van nieuwe bedrijven.’
‘Aan universiteiten worden technologieën ontwikkeld waarmee voedselproblemen opgelost kunnen worden, zoals bijvoorbeeld pest-resistente gewassen. Dan moet je toch gewoon zorgen dat die in Afrika terecht komen? Kennisinstellingen zouden de plicht moeten hebben om meer rendement te halen uit hun kennis.’

 

Wie is Constantijn van Oranje?Constantijn van Oranje-Nassau (Utrecht, 1969) studeerde rechten aan de Universiteit van Leiden. Hij begon zijn carrière bij het kabinet van de Europese Commissie en behaalde daarna een MBA in Frankrijk. Na diverse functies, onder meer als beleidsadviseur bij Booz Allen & Hamilton in Londen en als adviseur Europa Communicatie bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, maakte hij in 2010 de overstap naar de Europese Commissie. Naast zijn werk als Special Envoy voor StartupDelta is hij directeur Digital Technology and Macro Strategy bij MAP in Londen.

Onze universiteiten zijn niet ondernemend genoeg?
‘De o van ondernemerschap, naast onderzoek en onderwijs, is echt de zwakste poot. Het zou goed zijn als in de colleges van bestuur ondernemerschap een belangrijke prioriteit wordt. Ik zie nog steeds geen enkele ondernemer in zo’n bestuur. De meeste universiteiten en kenniscentra zien het wel in, maar er zijn te weinig prikkels om het te veranderen.’
‘Dat begint al in het basis- en middelbaar onderwijs. Kinderen die onder schooltijd aan hackathons willen meedoen, krijgen geen vrij van school. Een kind dat in het Nederlands jeugdhockeyelftal zit wel. We gaan echt een enorme slag missen als we kinderen niet stimuleren om te programmeren en te ondernemen.’

 

U klinkt niet erg optimistisch over het Nederlandse startup-klimaat.
‘Er is heel veel dynamiek in het Nederlandse startup-klimaat, maar het is geen Silicon Valley. Er zijn wel steeds meer succesvolle Nederlandse scaleups, zoals Adyen, elasticSearch, Catawiki en natuurlijk Booking.com. Vaak gestart door mensen die al eerder een bedrijf hadden en het nu sneller en beter doen. Een bedrijf bouwen en snel laten groeien is heel moeilijk. Dat vergeten we wel eens in de startuphype.’
‘Medewerkers bij startups hebben een grote mate van vrijheid in vergelijking met meer traditionele bedrijven, maar niet in het proces, dat is heel rigide en professioneel. Dat moet wel als je echt serieus wilt internationaliseren en doorgroeien. Maar het is niet veel mensen gegeven om dat te doen. In Silicon Valley ontmoet je dat soort mensen bij wijze van spreken in elke Starbucks op de hoek van de straat. Mensen die je uitdagen groter te denken en die het zelf al hebben bewezen. In Nederland is er nog niet zo’n gemeenschap van dit soort ondernemers, er zijn niet zoveel Bookings en TomToms.’

 

‘De overheid besteedt jaarlijks voor honderden miljarden aan, maar startups komen daar niet tussen’

 

Is Silicon Valley een goed rolmodel voor Nederland?
‘Nee, dat denk ik niet. Er zijn elementen waar we iets aan hebben. Bijvoorbeeld de netwerken van bedrijven, financiers, en kennisinstellingen rond startups. Maar Californië zelf… Het is verbazingwekkend hoeveel succesvolle bedrijven daar zitten terwijl de publieke infrastructuur in zekere zin failliet is. De wegen zijn allemaal verstopt, de treinen zijn hopeloos verouderd. Er is een energieprobleem, een waterprobleem. Maar het toont het ondernemerschap van Amerika en de dynamiek van zo’n ecosysteem dat daar zoveel innovaties en nieuwe bedrijven vandaan komen. In Nederland hebben we wellicht de luxe dat we niet de urgentie voelen die ze daar wel hebben. Silicon Valley trekt uit de hele wereld de beste talenten aan die het hardst willen knokken voor hun succes.’

 

Hoe werkt zo’n netwerk dan?
‘Bedrijven als Cisco en Google zijn de fase van startup n­og niet zo lang geleden ontgroeid. Daardoor is de bereidheid om startups te helpen veel groter. Door launching customer te zijn, door startups te voorzien van advies en een netwerk. Hoe structureer je je aandelen, waar zoek je kapitaal, hoe doe je je hr? Dat moeten we ook bouwen in Nederland. Nu is die samenwerking er nog onvoldoende. Ik geloof ook dat dat een kwestie van tijd is. Ook grote bedrijven kunnen meer doen. En ze zullen wel moeten, want traditionele businessmodellen zijn ook aan verandering onderhevig. Bombardeer startups niet gelijk plat met ingewikkelde contracten, maar ga samen een risico aan. Daar geloof ik meer in dan bedrijven die denken startups te moeten ‘helpen’ door mentoren aan te bieden en steunprogramma’s op te zetten. Je hoeft geen fund te starten, maar wees launching customer en betaal je rekeningen op tijd. Daar heeft een groeiend bedrijf veel meer aan.’

 

De missie van startupdeltaOnder leiding van Neelie Kroes startte StartupDelta in 2015 met de missie het Nederlandse klimaat voor start­ups te verbeteren. Niet alleen door Nederland stevig te promoten in het buitenland, maar ook door regelgeving te verminderen en in kaart te brengen wat startups nodig hebben om uit te groeien tot volwaardige bedrijven. StartupDelta wil startups, investeerders, ondernemers, kennisinstellingen en overheden met elkaar in gesprek te brengen. Een concreet succes is bijvoorbeeld de invoering van een speciaal startupvisum voor buitenlandse founders.

Financiering is toch ook een probleem?
‘Een goed bedrijf met goede mensen en een heldere strategie om te exporteren en om te groeien, komt wel aan geld. Soms moet je het misschien in het buitenland ophalen. Daar zitten grotere fondsen die ook veel ervaring meebrengen. Het zou overigens wel goed zijn als de component Nederlandse investeerder groter wordt.’ 

 

Wat verwacht u van de overheid?
‘Die kan veel zeggen over beleid, maar wat overheden zelf in de hand hebben, zijn publieke aanbestedingen. Die honderden miljarden die de overheid jaarlijks besteedt: die zouden ook beschikbaar moeten komen voor startups.  De gevraagde specificaties staan innovaties en participatie van jonge bedrijven in de weg. Nu heb je als aanbieder vaak een trackrecord van een paar jaar nodig en zijn de bureaucratische verplichtingen zodanig dat een startup het zich niet kan permitteren om mee te dingen. Innovatie in de manier van aanbesteden zou een enorme impact hebben.’
‘En data openstellen! Daar kun je ook een enorme boost mee geven zodat daar diensten op ontwikkeld kunnen worden. In België klaagden de spoorwegen een appbouwer aan die op basis van openbare data een betere routeplanner had gebouwd. Dat vind ik vreemd. Het is zonde dat data voor één specifieke dienst wordt gebruikt. Er moet een open cultuur ontstaan.’
‘De overheid kan ook een norm stellen. Bijvoorbeeld over vijftien jaar alleen maar elektrische auto’s op de weg. Dan jaag je ook innovatie en ondernemerschap aan.’