31 AUG, 2026

POSITION PAPER RONDETAFEL DEFENSIENOTA 2026 WET OP DE DEFENSIEGEREEDHEID

31 augustus 2026

Veiligheid is een basisvoorwaarde voor vrijheid, welvaart en ondernemerschap. VNO-NCW en MKB-Nederland onderschrijven daarom dat de krijgsmacht sneller en realistischer moet kunnen oefenen, materieel beschikbaar moet hebben en bondgenoten door Nederland moet kunnen laten bewegen. De Wet op de defensiegereedheid (Wodg) biedt daarvoor een regulier wettelijk kader. Zij is geen noodwet en kan ook buiten een acute crisis worden toegepast. Juist daarom moet versnelling gepaard gaan met duidelijke grenzen, voorspelbare uitvoering en democratische controle.

VNO-NCW en MKB-Nederland vragen uw aandacht voor:

  1. Geef bedrijven zekerheid om op te schalen: voorspelbare vraag, langjarige contracten, marktconforme fianciering en een snelle route van innovatie naar toepassing zijn nodig om te investeren in capaciteit, mensen en technologie.
  2. Versnel de hele keten, niet alleen Defensie: voorkom asymmetrische versnelling door ook civiele en industriële knelpunten rond vergunningen, infrastructuur, energie, logistiek en financering gericht op te lossen.
  3. Borg versnelling met duidelijke waarborgen: afwijkingen van bestaande wet- en regelgeving moet tijdelijk van aard en aantoonbaar noodzakelijk zijn. Voorkom afwenteling van kosten en schaarste op bedrijven en zorg voor tijdige betrokkenheid, compensatie, rechtsbescherming en democratische controle.

1. Reactie van het bedrijfsleven op de Defensienota 2026

VNO-NCW en MKB-Nederland steunen de koers van de Defensienota 2026: voorbereiding op een grootschalig conflic in NAVO-verband, bescherming van het Koninkrijk, een sterker Europa binnen de NAVO en anticiperen op een veranderende veiligheidsomgeving. De structurele groei van Defensie biedt kansen voor economische weerbaarheid, technologieontwikkeling en hoogwaardige werkgelegenheid.

Voor het bedrijfsleven zijn vooral de industriële ambities relevant. Defensie wil oplopend 10% van het defensie-investeringsbudget inzetten voor innovatie en industrieopschaling – circa €2 miljard in 2030 – en streeft ernaar minstens 50% bij Nederlandse en Europese ondernemers in te kopen. Ook worden minimaal drie toonaangevende militaire eindsystemen en vijf cruciale componenten als deelambities genoemd en wordt een Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit ingericht.

De kracht van deze koers staat of valt met de uitvoering. Budgetten zijn nog geen orders en beleidsambities zijn nog geen investeringszekerheid. Bedrijven hebben behoefte aan een concreet afnameperspectief, snellere besluitvorming, evenwichtige contractvoorwaarden en fysieke ruimte om te produceren. Daarbij is zorgelijk dat Defensie blijft inkopen langs de ‘ladder van eenvoud’, waarbij in beginsel eerst wordt gekozen voor de eenvoudigst en snelst beschikbare oplossing. Die benadering moet ruimte bieden om ook strategische industriële belangen, economische efecten en het verminderen van ongewenste afhankelijkheden volwaardig mee te wegen. De Wodg kan belemmeringen voor Defensie wegnemen, maar is geen vervanging voor een industriële opschalingsstrategie.

2. Wat de industrie de komende jaren nodig heeft

Het Nederlandse bedrijfsleven is bereid te investeren in productiecapaciteit, personeel en innovatie. Dit vraagt om voorspelbare vraag, passende contractering en een overheid die knelpunten in de hele keten oplost.

Defensie moet eerder en concreter aangeven welke capaciteiten, volumes en levertijden nodig zijn. Meerjarige afnameperspectieven, evenwichtige risicoverdeling en waar nodig voor- en ketenfinanciring zijn noodzakelijk om investeringen mogelijk te maken, in het bijzonder voor het mkb. Daarnaast ontstaat veel relevante technologie ontstaat buiten de klassieke defensie-industrie. De nieuwe innovatie- en opschalingsautoriteit moet daarom aansluiten op bestaande ecosystemen, de Nationale Technologiestrategie en Europese programma’s. Defensie moet daarbij optreden als launching customer, met een vooraf duidelijke route van experiment naar validatie, afname en opschaling.

De Nederlandse industrie is sterk gespecialiseerd en internationaal verweven. Schaalvergroting is om die reden voorwaardelijk voor opschaling. Nederland moet daarom vroeg deelnemen aan Europese ontwikkelprogramma’s en gezamenlijke verwerving, en Nederlandse OEM’s en mkb-toeleveranciers vanaf de ontwerpfase positioneren. Deelname aan SAFE of de opvolger van het programma zou sterk overwogen moeten worden door Nederland. Ook bij aankoop van buitenlandse systemen moeten productie, onderhoud, kennisopbouw en structurele inschakeling van Nederlandse leveranciers onderdeel zijn van de verwervingsstrategie.

3. Wodg: Versnel de hele keten, niet alleen Defensie

De Wodg is formeel geen bedrijfslevenwet. De memorie van toelichting stelt expliciet dat activiteiten van particuliere bedrijven buiten het wetsvoorstel vallen en dat de wet geen verplichtingen voor bedrijven bevat. Tegelijk erkent dezelfde toelichting dat een sterke defensie-industrie essentieel is voor het voortzettingsvermogen en de veerkracht van de krijgsmacht.

Voorkom daarom asymmetrische versnelling. De Wodg geeft Defensie mogelijkheden om procedures te versnellen, tijdelijk van regels af te wijken, infrastructuur met voorrang te benutten en onder voorwaarden sneller in te kopen. Bedrijven die Defensie moeten bevoorraden, onderhouden en ondersteunen, krijgen die ruimte niet automatisch. Als een producent, haven, onderhoudsbedrijf of energie- en telecomleverancier vervolgens vastloopt op vergunningen, netcongestie, personeel of financiring, wordt het knelpunt alleen verplaatst. Versnel niet alleen Defensie, maar ook de strategische civiele en industriële investeringen waarvan de gereedheid afhankelijk is. Daarbij moet de keten breder worden bezien dan productiecapaciteit alleen. Defensiegereedheid vraagt ook om technologische en kennisgereedheid. Versnelling vraagt bovendien om voldoende mandaat, passende inkoopprocessen en een financirings- en kasritme dat daarop aansluit, bijvoorbeeld voor tijdige aanschaf van long-lead items.

Gebruik de jaarlijkse rapportage over belemmeringen voor de gereedstelling hiervoor als een echte ketentoets defensiegereedheid. Breng daarin ook knelpunten bij industrie, onderhoud, logistiek, infrastructuur, energie, test-, innovatie- en certificerigscapaciteit in beeld en maak duidelijk wie verantwoordelijk is voor de oplossing en binnen welke termijn deze wordt gerealiseerd. Richt daarnaast voor investeringen die aantoonbaar noodzakelijk zijn voor de gereedstelling één interdepartementaal versnellingsspoor in.

Ook op de arbeidsmarkt moet asymmetrische versnelling worden voorkomen. Defensie, de defensie-industrie en andere cruciale technische sectoren zijn voor hun groei afhankelijk van dezelfde schaarse middelen, bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt. Als de personele groei van Defensie ten koste gaat van de bedrijven die materieel produceren en onderhouden of van de sectoren die energie-, digitale en logistieke infrastructuur realiseren, wordt de gereedstellingsopgave slechts verderop in de keten verplaatst.

Gebruik ook versnelde inkoop om de industriële gereedheid op langere termijn te versterken. Kijk bij verwerving niet alleen naar prijs en directe levertijd, maar ook naar leveringszekerheid, onderhoud en onderdelen, strategische herkomst en het vermogen van Nederlandse en Europese bedrijven om op te schalen. Een snelle aankoop die nieuwe afhankelijkheden creëert, lost het probleem van vandaag op maar kan het voortzettingsvermogen verzwakken.

Maak vooraf afspraken over de inzet van schaarse civiele capaciteit voor Host Nation Support en militaire mobiliteit. Deze opgaven kunnen grote druk leggen op havens, spoor, wegen, opslag, energie en personeel. Hanteer daarom een helder afwegingskader dat zowel de behoeften van Defensie als de continuïteit van vitale en economische processen borgt. Defensiegereedheid en economische weerbaarheid moeten elkaar versterken, niet verdringen.

4. Borg versnelling met duidelijke waarborgen

VNO-NCW en MKB-Nederland steunen de extra ruimte die Defensie nodig heeft om sneller gereed te zijn. Juist omdat de Wodg structurele bevoegdheden creëert om van reguliere regels af te wijken, moeten noodzaak, proportionaliteit, tijdelijkheid en controle vanaf het begin goed zijn geregeld.

4.1. Houd afwijkingen tijdelijk en voorkom verdringing

Gebruik afwijkingen van reguliere regels alleen wanneer dat aantoonbaar noodzakelijk is voor de gereedstelling en toets periodiek of zij nog nodig zijn.

Breng daarbij ook de gevolgen voor andere ruimtevragers in beeld. Defensieactiviteiten mogen niet ongemerkt beslag leggen op schaarse stikstofruimte, netcapaciteit, infrastructuur of andere ontwikkelruimte die bedrijven nodig hebben. Tijdelijke afwijkingen moeten daarom altijd gepaard gaan met een route naar een structurele oplossing.

4.2. Wentel kosten van defensiegereedheid niet af op bedrijven

Defensie kan voor militaire mobiliteit aanwijzingen geven aan infrastructuurbeheerders en activiteiten uitvoeren die gevolgen hebben voor bedrijven en hun omgeving. Overleg en wederkerige afspraken moeten vooropstaan; doorzettingsmacht is een laatste middel. Als bedrijven capaciteit moeten reserveren of extra kosten maken voor beveiliging, infrastructuur of herstel moeten die kosten volledig en tijdig worden vergoed. Ook ecologische compensatie moet door Defensie worden gefiancierd.

4.3. Zorg voor rechtszekerheid en tijdige betrokkenheid

Versnelling mag niet betekenen dat bedrijven pas achteraf horen welke activiteiten plaatsvinden. Informeer betrokken bedrijven en beheerders daarom zo vroeg mogelijk, richt één herkenbaar aanspreekpunt in voor planning, schade en compensatie en zorg voor laagdrempelige geschilbeslechting. Rapporteer daarnaast aan de Kamer over het gebruik en de duur van afwijkingen, betaalde compensatie en relevante gevolgen voor de civiele economie.

VNO-NCW en MKB-Nederland steunen het doel van de Wodg, maar echte defensiegereedheid vraagt dat ook de civiele, industriële, technologische en kennisbasis tijdig kan opschalen. Versnelling moet daarom hand in hand gaan met investeringszekerheid, voldoende capaciteit en duidelijke waarborgen tegen afwenteling en verdringing.

VNO-NCW en MKB-Nederland
Martijn van Wanrooij
wanrooij@vnoncw-mkb.nl
06 – 22 88 93 51

defensie

POSITION PAPER RONDETAFEL DEFENSIENOTA 2026 WET OP DE DEFENSIEGEREEDHEID