3 MRT, 2026

Inbreng voor het nota-overleg over de Nota Ruimte: Maak ruimte voor een sterker Nederland

Nota-overleg nota ruimte
9 maart 2026

MAAK RUIMTE VOOR EEN STERKER NEDERLAND

Krachtige ruimtelijke keuzes nodig
Op 9 maart 2026 spreekt de Tweede Kamer over de Nota Ruimte. Door definitieve vaststelling van de nieuwe Nota Ruimte kunnen het kabinet en de Tweede Kamer in 2026 belangrijke besluiten nemen over de toekomstige inrichting van ons land. Er zal voldoende ruimte moeten worden gevonden voor de grote ruimtelijke opgaven waar we als land voor staan: er liggen grote opgaven rond infrastructuur, mobiliteit, energie, water, bodem en klimaat, defensie, recreatie, natuur, woningbouw én ruimte voor ondernemers, economie en industrie. Vanuit het bedrijfsleven zien VNO-NCW en MKB-Nederland dat op korte termijn nijpende tekorten ontstaan aan ruimte voor bedrijven en ondernemers. Nederland dreigt vast te lopen als er niet tijdig nationale keuzes worden gemaakt, waarbij structureel ruimte wordt vrijgemaakt voor bedrijven, zoals wij ook in onze uitgebreide zienswijze op de ontwerp-Nota Ruimte hebben aangegeven[1].

Regeerakkoord goed startpunt voor aanpak ruimtelijke opgaven
In de afgelopen jaren hebben eerdere kabinetten stappen willen zetten richting het hernemen van landelijke regie op de inrichting van Nederland. Ook de partijen die recent het coalitie-akkoord ondertekenden willen een sterkere regierol van het rijk in ruimtelijke ordening en woningbouw. De partijen geven aan dat voor bedrijvigheid van nationaal strategisch belang het Rijk waar nodig zelf regie neemt. Ook worden er meer woningbouwlocaties aangewezen. De coalitiepartijen geven aan dat water en bodem sturend een richtinggevend principe zal worden in de ruimtelijke ordening. Wij vinden het belangrijk dat de partijen aangeven dat er een ruimtelijk-economische strategie komt voor de vijf nationale industrieclusters. En wij waarderen dat de coalitiepartijen aangeven dat ze voldoende ruimte willen geven aan fysieke uitbreiding van bedrijven – waarbij er fysieke ruimte van strategisch belang aangewezen zal worden rondom regionale innovatieclusters – en voldoende ruimte wordt ingetekend voor bedrijventerreinen. Met gemeenten wil het nieuwe kabinet werken aan het compenseren van bedrijfsruimte door gemeenten als zij terreinen opheffen of transformeren.[2]

Als ondernemersorganisaties onderschrijven wij de noodzaak om tot ruimtelijke regie en besluiten te komen. Het is hard nodig om ruimtelijke keuzes te versnellen die bepalend zijn voor onze toekomstige welvaart en samenleving. In een land waar de opgaven voor wonen, energie, klimaat, water en bodem, natuur en infrastructuur steeds sterker op elkaar drukken, is richting vanuit het Rijk onmisbaar. In de ontwerp-Nota Ruimte is een aantrekkelijk toekomstbeeld voor 2050 geschetst en worden waardevolle stappen gezet, zoals het aanwijzen van  woningbouwlocaties en het nadrukkelijker beschermen van economische ruimte. De ontwerp-Nota Ruimte is een goed startpunt, nu is uitvoering nodig.

Ruimte voor economie nodig voor toekomstige welvaart
Ook is de afgelopen jaren helder vast komen te staan dat de ruimte voor economie in Nederland onder grote druk staat, terwijl daar juist méér ruimte voor nodig is om onze toekomstige welvaart en noodzakelijke transities mogelijk te maken – zoals ook het rapport van Peter Wennink liet zien[3]. De huidige fysieke ruimte voor economie bedraagt slechts 2,6 procent van het Nederlandse landoppervlak[4]. In de Ruimtelijk-Economische Visie (REV) uit juni 2025 concludeerde het kabinet-Schoof dat de bedrijventerreinen in de meeste provincies tussen 2030 en 2035 uitverkocht zullen zijn[5]. De ruimte voor ondernemers op bedrijventerreinen staat bovendien onder druk door oprukkende woningbouw. Aangezien de planvorming voor een nieuw bedrijventerrein veelal 10 tot 15 jaar duurt, betekent dit dat er op korte termijn acute tekorten ontstaan. Daar komt bij dat voor de transitie naar een circulaire en toekomstbestendige economie extra ruimte noodzakelijk is, namelijk circa 15 procent meer bedrijventerreinen tot 2050 (5.000-9.500 hectare) en daarbovenop nog meer dan 1.100 hectare in de nationale industrieclusters[6]. Het is dus duidelijk hoe groot en urgent de opgave is: door gebrek aan ruimte zitten ondernemers klem, wat een negatief effect heeft op het vestigingsklimaat[7].

Figuur 1: Ruimtetekort bedrijventerreinen in hectares in 2030 (Bron: Rapport Wennink, STEC Groep 2025)

Ruimtetekort bedrijventerreinen in hectares in 2030

Welke keuzes zijn nodig?
In 2026 kunnen de Tweede Kamer en kabinet belangrijke keuzes maken in de ruimtelijke ordening. Het vaststellen van de Nota Ruimte en aanvullende uitvoeringsstrategie is hier een belangrijk onderdeel van.

  • Wij roepen de Tweede Kamer op om met het kabinet te komen tot steviger commitment en concrete nationale doelen voor ruimte voor economie. Het nieuwe kabinet heeft de heldere ambitie uitgesproken om meer regie op de ruimte voor economie en bedrijven te voeren. Daarvoor is het nodig om de ruimte voor economie beter te beschermen, beter te benutten én strategisch uit te breiden. Er moeten op korte termijn plannen gemaakt worden voor 9500 ha bedrijventerrein en 1355 ha op de industrieclusters. Daarbij gaat het niet alleen over voldoende fysieke vierkante meters, maar ook over behoud en uitbreiding van milieuruimte en ontwikkelruimte voor bedrijven, op goed bereikbare locaties, zodat bedrijven zich kunnen aanpassen aan de energietransitie en de circulaire economie. Daarbij dient meer oog te zijn voor de ruimte voor ondernemerschap in het landelijk gebied[8].
  • Wij pleiten voor duidelijke nationale doelstellingen – met concrete taakstellingen en heldere monitoring voor provincies en gemeenten. Het gaat niet alleen om extra hectares, maar om hoogwaardige en betaalbare locaties voor een toekomstbestendige economie. Dat zijn locaties met voldoende milieuruimte, goede bereikbaarheid, betaalbare ruimte voor mkb-ondernemers en specifieke locaties voor maakindustrie, logistiek, mobiliteit, recreatie, digitalisering, campussen en watergebonden activiteiten[9]. Grondstoffenwining moet weer een nationaal belang worden[10]. Door het op te nemen in de Nota Ruimte kan erop toe worden gezien dat provincies de benodigde vergunningen verstrekken. Voor de leefbaarheid is van belang dat er voldoende ruimte wordt gereserveerd voor recreatie – want hier ontstaan tekorten[11]. VNO-NCW en MKB Nederland willen graag met kabinet en medeoverheden werken aan concrete en bindende afspraken over het behouden, verbeteren en uitbreiden van de ruimte voor economie. Dit verdient een aanpak die vergelijkbaar is met de maatschappelijke coalitie die tot Woontop-afspraken is gekomen en waar door overheden en bedrijven gezamenlijk wordt gestuurd op de realisatie van 100.000 woningen per jaar.
  • Er wordt in 2026 gewerkt aan een Uitvoeringsagenda voor ruimte voor economie met kabinet, ondernemersorganisaties en de mede-overheden. VNO-NCW en MKB-Nederland zien het als een belangrijke stap dat de minister van EZ en de minister van VRO met provincies, gemeenten en ondernemersorganisaties tot een concrete gezamenlijke uitvoeringagenda willen komen[12]. Als het kabinet bereid is om tot concrete afspraken te komen liggen er hier kansen om de ambities uit de Nota Ruimte en de Ruimtelijk-Economische Visie tot uitvoering te brengen. Er zullen ruimtelijke besluiten nodig zijn om bedrijventerreinen beter en intensiever te benutten, beter te beschermen en uit te breiden.
  • Wij zien graag dat het kabinet voortvarend aan de slag gaat met de ruimtelijk-economische visies voor de nationale industrieclusters in goede samenwerking met ondernemers en ondernemersorganisaties, en daarbij ook vaart te maken met de verkenning van zeewaartse uitbreiding bij de haven van Rotterdam. Wel vinden wij van belang dat er ook een strategie wordt ontwikkeld voor de industrie die buiten deze vijf nationale clusters gevestigd is (“Cluster 6”) – waarbij het uiteraard van belang is om rekening te houden met de sterke lokale en regionale verbondenheid van deze bedrijven. Alleen als geschikte nieuwe ruimte beschikbaar is (ruimtelijke en financiële compensatie), kunnen bedrijven verplaatst worden. Dat geldt in sterke mate voor mkb-ondernemers en de industriële bedrijven in het 6e cluster in Nederland.

Kom met ondernemers tot uitvoering
Het vaststellen van de Nota Ruimte en het komen tot een Uitvoeringsagenda voor ruimte voor economie zijn waardevolle stappen. Het echte werk – de stap van plan en visie naar uitvoering en investeringen door overheden en marktpartijen – begint dan natuurlijk pas. Als ondernemersorganisaties staan wij klaar om met de Tweede Kamer, kabinet, provincies, gemeenten en ondernemers samen te werken aan de uitvoering van een toekomstbestendige ruimtelijke inrichting van Nederland. Voor onze toekomstige welvaart is het belangrijk dat in onze ruimtelijke ordening voldoende en hoogwaardige fysieke en milieuruimte voor ondernemers en bedrijven beschikbaar is.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:

VNO-NCW en MKB-Nederland
Rik Enequist
Strategisch adviseur ruimtelijke ordening
enequist@vnoncw-mkb.nl
06 – 13 16 68 46

 

[1] VNO-NCW en MKB Nederland 2025. Nationale Ruimtelijke keuzes voor een sterker Nederland. Zienswijze Nota Ruimte.

[2] Aan de slag: Coalitieakkoord 2026-2030, Coalitieakkoord

[3] Rapport Wennink 2025. Zie https://www.rapportwennink.nl/

[4] Dit is ruimte voor bedrijfsvestigingen, dus bedrijventerreinen, industrie, havens, kantoren. Detailhandel en horeca vallen hier niet onder.

[5] Kamerbrief Ruimtelijk Economische Visie

[6] Ministerie EZ 2025 Onderzoek circulaire economie op bedrijventerreinen  en  Ministerie KGG 2025 Nationale prognose over de ruimtebehoefte op industrieclusters

[7] VNO-NCW en MKB Nederland nieuwsbericht REV

[8] Zie Inbreng Nota Ruimte Cumela over noodzaak voor betere ruimtelijke bescherming van ondernemerschap in het landelijk gebied.

[9] Zie de Zienswijze van BOVAG voor verbeteringen voor ondernemers rondom mobiliteit en laadinfrastructuur.

[10] Er dreigen tekorten aan grondstoffen die essentieel zijn om tot bouw en gebiedsontwikkeling te komen: Zie analyse Cascade

[11] De ruimte voor recreatie staat onder grote druk, terwijl er uitbreiding nodig is met 27.000 ha tot 2030 en 63.000 ha tot 2050: zie Platform Gastvrij NL en ANWB onderzoek ruimte voor recreatie

[12] Kamerbrief EZ Voortgang programma ruimte voor economie

ruimteruimtelijke ordening