Kabinet: Zorg voor landschap is belangrijk

15-04-2019

Minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) en minister Schouten (Landbouw) vinden de zorg voor het landschap belangrijk. Dat antwoordden zij op de Kamervragen van Tweede Kamerleden Smeulders (GroenLinks) en Van Eijs (D66) over de Nationale Landschap Enquête van Natuurmonumenten. Daaruit bleek dat 81 procent van de Nederlanders zich zorgen maakt om de toekomst van ons landschap en vreest dat het landschap onvoldoende beschermd wordt bij ruimtelijke keuzes.

 

Bedreigende ontwikkelingen

Burgers voelen zich betrokken en verbonden met het landschap: het geeft mensen identiteit, schrijven de ministers. Maar maatschappelijke en ruimtelijke ontwikkelingen hebben hun weerslag op het landschap. Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen een bedreiging vormen voor de kwaliteit van het landschap. Het kabinet vindt het wel van nationaal belang om bij ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied unieke cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten te behouden of te versterken, aldus Ollongren en Schouten.

 

Provinciale rol

Het is van belang dat landschappelijke kwaliteiten een volwaardige rol hebben bij keuzes over ontwikkelingen die ruimte vragen. De zorg voor het landschap ligt bij de provincies. Die moeten met omgevingsvisies, verordeningen en andere beleidsinstrumenten ervoor zorgen dat sectorale ruimteclaims goed terechtkomen in het landschap, rekening houdend met beleid, doelen en kaders die het Rijk en de EU hebben geformuleerd. Een voorbeeld daarvan is de ladder voor duurzame verstedelijking om te sturen op zorgvuldig ruimtegebruik, zo schrijven de bewindslieden.

 

Rol Rijk

Als het nodig is, moet het Rijk een expliciete rol pakken, aldus Ollongren. Een voorbeeld daarvan is het Kustpact, waar in een gesprek met relevante partijen de kernwaarden en collectieve kwaliteiten van de kust zijn vastgesteld. Dat leidde tot een convenant waarin alle partijen deze kernwaarden en collectieve kwaliteiten onderschreven, wat weer heeft geleid tot regels op provinciaal niveau.