'Misbruik voorkomen, maar prepack moet wel aantrekkelijk blijven'

23-06-2017

'Misbruik moet zeker voorkomen worden, maar laten we het kind niet met het badwater weggooien.' Dat is de reactie van VNO-NCW en MKB-Nederland op de uitspraak van het Europese Hof over de doorstart van kinderopvangorganisatie Estro in 2014. De rechter oordeelde gisteren dat de nieuwe eigenaar werknemers in dienst moet houden met dezelfde arbeidsvoorwaarden als voorheen. De ondernemingsorganisaties waarschuwen dat de consequenties van deze uitspraak voor het wetsvoorstel over prepack er niet toe moeten leiden dat doorstarts nog moeizamer van de grond komen.

 

Stille doorstart via prepack

Bij prepack wordt in stilte een doorstart voorbereid. Met de uitspraak van faillissement van de onderneming vindt dan de doorstart plaats, waardoor onnodig verlies van kapitaal en werkgelegenheid zoveel mogelijk wordt voorkomen. Sinds 2011 wordt al door acht van de elf rechtbanken geëxperimenteerd met doorstartovereenkomsten. Een voorstel om dit wettelijk te regelen werd bij de Eerste Kamer aangehouden in afwachting van de uitspraak van het Europese Hof.

 

Misbruik tegengaan

Een wettelijke regeling is volgens VNO-NCW en MKB-Nederland van belang om duidelijkheid en uniformiteit te garanderen. 'Misbruik op welke wijze moet worden tegengegaan, want ook wij wensen niet dat het faillissementsrecht wordt gebruikt om zich gemakkelijk van schuldeisers en werknemers te ontdoen. Dat komt ook de concurrentiepositie van welwillende bedrijven niet ten goede. Maar regelgeving die ervoor zorgt dat de eisen voor een eventuele doorstart zo hoog zijn dat de risico’s te groot worden voor een eventuele overnamekandidaat, treft zowel de schuldeisers als de werknemers', aldus de ondernemingsorganisaties.

 

Werknemers op straat

Doorstarts komen nu al moeizaam van de grond, stellen VNO-NCW en MKB-Nederland. 'Extra hindernissen in de regelgeving zouden kunnen leiden tot meer liquidaties in plaats van doorstarts waarbij alleen de activa nog interessant zijn voor kopers. Voor de schuldeisers blijft er dan minder over dan bij een doorstart, hetgeen deze bedrijven, vaak leveranciers, in de problemen kan brengen. Ook is de werkgelegenheid hiermee niet gebaat omdat alle werknemers dan op straat komen te staan.'