Onderhandelingsproces Brexit begint vorm te krijgen

22-05-2017

Het onderhandelingsproces over Brexit begint langzaam meer vorm te krijgen. Nadat premier May op 29 maart formeel aan de EU liet weten dat het VK uit de EU wil stappen, heeft de Europese Raad precies een maand later zijn eigen leidraad voor de onderhandelingen vastgesteld. Kernpunt daarin is dat de EU eerst afspraken wil maken over het scheidingsakkoord, en pas daarna een akkoord over de toekomstige relatie wil afsluiten. Ook wil de Raad de onderhandelingen over het toekomstakkoord pas beginnen als er voldoende voortgang is gemaakt in de gesprekken over de eindafrekening die de Britten moeten betalen op basis van de verplichtingen die de EU met het VK als lidstaat is aangegaan voor de komende jaren. Alle rekeningen die het VK niet wil betalen zullen door de andere lidstaten, inclusief Nederland, moeten worden voldaan. Daar heeft niemand veel trek in.

 

Behalve de leidraad voor de onderhandelingen die de Raad voor zichzelf bepaald heeft, moet de Raad ook een onderhandelingsmandaat voor de Commissie vaststellen. Ook dat mandaat gaat over het scheidingsakkoord, nog niet over het toekomstige handelsakkoord; het zal naar verwachting op 22 mei worden vastgesteld. Dan is de EU in principe klaar voor de onderhandelingen. Die zullen echter waarschijnlijk pas beginnen na de Britse verkiezingen op 8 juni.

 

Opgaven

De belangrijkste opgave voor de exit-onderhandelingen is om rechtsonzekerheid weg te werken, vooral ook voor burgers. De issue van burgerrechten is ook voor bedrijven van wezenlijk belang, want zij bepaalt de condities voor werknemers van bedrijven om te kunnen muteren tussen VK en EU.

 

Een ander onderwerp voor het exit-akkoord dat voor bedrijven van belang is, is de status na Brexit van goederen die vóór Brexit op de markt zijn gebracht. Moet een goed dat vóór Brexit naar het VK is gebracht voor een bewerking, bij terugkomst na Brexit plotseling formeel worden ingevoerd?

 

Overgangsregime

De meeste vraagstukken die voor bedrijven belangrijk zijn zullen echter niet in het exit-akkoord geregeld kunnen worden, maar in het akkoord voor de toekomstige relatie. Wanneer dat akkoord er zal zijn is niet te voorspellen, maar de kans dat het gereed is op het moment dat het VK de EU verlaat is zeer klein. Het is te verwachten dat de onderhandelingen over dit akkoord ook weer door een ander team van de Commissie gevoerd zullen worden, met veel handelsexpertise.

 

Dat betekent dat er een overgangsregime moet komen. De onderhandelingen daarover moeten liefst zo snel mogelijk beginnen, want de tijd is sowieso krap. Over hoe zo een overgangsscenario er uit zou kunnen zien wordt veel gespeculeerd. Een van de scenario’s is dat de douane-unie nog drie jaar na de Brexit intact zou blijven, en de Interne Markt nog vijf jaar. Verder zou het VK nog tot en met 2020 het meerjarig financieel kader kunnen respecteren, zodat het daaraan blijft bijdragen alsof het lid is, maar ook de uitbetalingen ervan krijgt. En de hele bestaande Europese wet- en regelgeving wil het VK ook overnemen op het moment van Brexit, met de Great Repeal Act. Een dergelijk scenario zou veel problemen kunnen vermijden en voldoende tijd tot aanpassingen kunnen geven. Maar het kan politiek moeilijk liggen in het VK, omdat het de wens van een snelle heldere breuk die veel Brexiteers koesteren weerspreekt.

 

Tijd voor een gedetailleerde uitwerking en onderhandeling van een overgangsakkoord zal er waarschijnlijk niet zijn. Dan kom je bijna automatisch voor de keuze te staan van ofwel de bestaande situatie ongeveer volledig nog een tijdje voort te laten bestaan, ofwel om een radicale breuk door te voeren.

 

Het is zeker dat die radicale breuk het slechtste scenario voor alle partijen zal zijn, en ook voor het bedrijfsleven. Dat moet steeds weer opnieuw benadrukt worden.

 

Implicaties Brexit

Bedrijven doen er goed aan om goed in kaart te brengen wat Brexit voor hen kàn gaan betekenen, ook al is veel nu nog onduidelijk. Moet bijvoorbeeld de juridische structuur veranderd wordt als het VK en de EU geen geïntegreerde markt meer zijn? Wat betekent het als er opnieuw douaneformaliteiten worden ingevoerd tussen de EU en het VK, zoals nu vrij zeker het geval lijkt te zijn? Hoe meten bedrijven zich voorbereiden op douaneformaliteiten? Welke oorsprongsregels gaan dan gelden tussen EU en VK?

 

Om al die lastige vragen te beantwoorden op een manier die bedrijven zo min mogelijk nadeel oplevert moet de onderhandelingssfeer goed blijven. Maar juist op dat punt zijn er de afgelopen weken een paar vervelende incidenten geweest. Het is zaak dat alle partijen nu het hoofd koel houden. Maar bij alle koelte zullen bedrijven toch ook moeten nadenken over de eventualiteit dat er over twee jaar geen akkoord ligt, en hoe zij met zo een cliff scenario zou moeten omgaan.

 

Voorlopig dus vooral vragen, en weinig antwoorden. Heel veel zal afhangen van de mate van flexibiliteit die voor het VK en de EU mogelijk is na de Britse verkiezingen.

 

Nieuwsbrief Blik op Europa

Meld u aan voor de tweewekelijkse nieuwsbrief 'Blik op Europa' met de standpunten van VNO-NCW en MKB-Nederland op actuele EU-dossiers.