Zorg goedkoper als bejaarden thuis blijven wonen: investeer in woningen

23-02-2012

Als woningen worden aangepast, kunnen ouderen langer thuis wonen. Dat zou zomaar miljarden kunnen schelen. Het kan, het mag, maar het gebeurt niet. Wanneer worden we creatief met onze bejaardenzorg?

Een op het oog doodgewone galerijflat. Eentje van het type dertien-in-een-dozijn. Met een dito indeling: gang, woonkamer, keukentje, toilet, doucheruimte en twee slaapkamers. Wie de jarenzeventigflat in de Delftse wijk Voorhof binnenwandelt, ziet het levensloopbestendige er niet direct vanaf. Maar schijn bedriegt. Er is wel degelijk flink aan gesleuteld om ‘m geschikt te maken voor bewoning door ouderen. Nekkenbrekers als dorpels ontbreken en een aantal draaideuren heeft plaatsgemaakt voor rollatorvriendelijke schuifdeuren. En ook de douche en het toilet zijn rollatorvoorbereid.

Meer dan duizend mensen bezochten afgelopen jaar de Wel Thuis voorbeeldwoning: verantwoordelijken bij woningcorporaties, installateurs, maar ook politici. Ze wilden maar wat graag weten hoe mensen de gang naar dure instellingen als verzorgings- en verpleeghuizen zo lang mogelijk kunnen uitstellen. Echt verrassend is die belangstelling niet. Terwijl het kabinet links en rechts schraapwerk doet om nog wat miljarden te vinden voor het dichten van de gaten van vandaag, doemt een levensgroot probleem op: de vraag naar zorg stijgt explosief. Met dank aan de vergrijzing hebben over zo’n twintig jaar 1,6 miljoen mensen zorg nodig in plaats van de huidige 1,2 miljoen. Nu al is duidelijk dat we daar bij lange na niet voldoende hulpverleners voor hebben. Personeelstekorten in de zorg zijn er al en die groeien alleen maar verder naar zo’n 450 duizend in 2025.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over de kosten. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) deed half januari een poging. Het prijskaartje klinkt angstaanjagend. Kost de zorg de overheid nu op jaarbasis 11 miljard euro, als we op dezelfde voet doorgaan, gaat het over een kleine twintig jaar om meer dan het dubbele: 25 miljard. Alom klinkt de vraag: hoe zorgen we dat die kostenexplosie wordt voorkomen? De flat die door Wel Thuis (een samenwerkingsverband van zorgsector, overheid, woningcorporaties en installatiebranche) is aangepast, zou maar zo een deel van het antwoord kunnen zijn. De rekensom is simpel: wie langer zelfstandig kan blijven wonen, kost de gemeenschap minder geld. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten de komende jaren zo’n half miljoen woningen worden aangepast.

Eenvoudig
Technisch is dat geen probleem. Wie wil weten wat er allemaal mogelijk is op bouwkundig en installatietechnisch gebied, kan in Woerden terecht voor een rondgang door een van de op ware grootte gebouwde voorbeeldhuizen. Eenmaal binnen knallen de rode, groene en gele wanden je tegemoet. Die kleuren zijn niet gebruikt om de woning een beetje op te frissen, legt Peter Helmink, innovatiemanager bij de organisatie van installateurs UNETO-VNI, uit. Het is speciaal zo geverfd en getegeld om woning geschikt te maken voor mensen met verminderd gezichtsvermogen. ‘Contrast, daar draait het hier om. Zo voorkom je dat de bewoner op de tast zijn weg moet zoeken.’

En dat is niet het enige dat aan de woning is aangepast. Als je beter kijkt, zie je dat de gang wat breder is dan standaard. In de voorbeeldwoningen is ook de nodige domotica verwerkt. Die huisautomatisering biedt legio mogelijkheden. Maar de onbekendheid van consumenten met deze slimme techniek zorgt ervoor dat deze toch nog maar beperkt wordt toegepast. ‘Probleem is dat de voorbeelden ervan niet voor het grijpen liggen in een winkel. En zien en voelen is toch een voorwaarde voor succes’, zegt Helmink. Zelfs in de modelwoningen in Woerden is het zoeken naar de verschillen met een doorsnee huis. Maar die verschillen zijn er wel degelijk. In de woonkamer van een van de woningen staat bijvoorbeeld een communicatiesysteem. Dit biedt de mogelijkheid om vanuit huis direct contact te hebben met zorgverleners. Praktisch, want veel dagelijkse vragen kunnen zo zonder bezoek van bijvoorbeeld een thuishulp worden beantwoord.

Snel verdiend
Maar ook met relatief simpele en dus goedkope bouwkundige aanpassingen valt al veel te bereiken. We pakken het voorbeeld van de Delftse galerijflat er nog maar even bij. De aanpassingen in die woning kostten ongeveer 10.000 euro. Zet dat af tegen de kosten van een plaats in een verzorgingshuis (al gauw een kleine 20 mille op jaarbasis) en je ziet dat de investering in de aanpassingen snel is terugverdiend. ‘Elke maand dat je de eerste opname in een verpleeg- of verzorgingshuis kunt uitstellen, is winst’, stelt Freek Bomhof. Als consultant bij onderzoeksinstituut TNO was hij betrokken bij de ontwikkeling van een keuzemodel voor de installatiebranche.

Maar als het allemaal kan, waarom gebeurt het dan niet? Bouwers denken er niet altijd aan, installateurs ook niet, weet Bomhof uit eigen ervaring. Hij was betrokken bij workshops om installateurs duidelijk te maken wat levensloopbestendig bouwen van ze vraagt. Daar bleek al snel dat niet iedereen daarop is voorbereid. ‘Een van de deelnemers zei, bijna boos: ‘Ik ben toch geen consultant?’ Maar voor veel anderen was het een eye opener. Ze zagen wat voor kansen deze groeimarkt biedt.’

Wat ook een rol speelt, zegt hij, is wie de investering in de aanpassingen doet en wie er de baten van heeft. ‘Dat zijn vaak niet dezelfde partijen.’ Veel aanpassingen zullen nodig zijn in woningen zoals de Delftse flat. Huurwoningen, waarvan veel in de sociale sector. Bewoners van dat soort woningen hebben er meestal het geld niet voor. Maar woningcorporaties zitten er ook niet op te wachten om de beurs te moeten trekken. Zeker als ze de investering in de aanpassingen niet terugzien in de huuropbrengst.

Waar moet het geld dan wél vandaan komen? Putten uit het budget van de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ) is een van de mogelijkheden, oppert UNETO-VNI-voorzitter Marcel Engels. ‘Nu wordt nog veel zorg uit de AWBZ bekostigd. Als het je lukt om mensen langer zelfstandig te laten wonen, kan daar fors op worden bespaard. Zaak is dan wel dat een deel van dat geld wordt overgeheveld naar het potje waaruit de aanpassingen van woningen worden bekostigd.’

Maar hij ziet ook een rol weggelegd voor de ziektekostenverzekeraars. Mensen die leven in een levensloopbestendige woning, lopen minder kans op ongelukken. En dat scheelt fors in de ziektekosten. Ook een deel van het geld dat daarmee wordt uitgespaard, zou gebruikt kunnen worden voor de aanpassing van woningen.

Wakker worden
Die herverdeling van geld is alleen niet van de ene op de andere dag geregeld. Regelmatig zitten de installateurs met overheid, verzekeraars en andere betrokkenen aan tafel. En Engels proeft inmiddels vooruitgang. Hij heeft het idee dat de politiek langzamerhand wel overtuigd raakt van de kansen van levensloopbestendig bouwen. ‘Een aantal Kamerleden dat tijdens het zomerreces de voorbeeldwoning in Delft bezocht, leek bereid minister Schippers van Volksgezondheid om meer aandacht te vragen voor het langer zelfstandig wonen van ouderen.’ Dus minister Schippers, word eens wakker!

Meer informatie over onder meer de proefprojecten is te vinden op www.welthuis.net, www.stappenplanzorgwoning.nl, www.ttn.otib.nl en www.invoorzorg.nl





Topsector maakt werk van langer zelfstandig wonen
De ontwikkelingen zouden weleens in een stroomversnelling kunnen komen. Want bevordering van zelfredzaamheid staat centraal in één van de routekaarten voor onderzoek en innovatie binnen de topsector Life Sciences & Health. De routekaart Homecare & Self-management richt zich op de ontwikkeling van technologieën die mensen in staat moeten stellen om langer zelfstandig te leven en hun eigen zorg te organiseren. Met als resultaat onder meer een betere kwaliteit van leven, een grotere arbeidsproductiviteit en een beperking van de kosten van de gezondheidszorg.



Dure bejaarden kunnen goedkoper… met de juiste hulp


Voordeur openen

De bel gaat. Tja, wie staat er voor de voordeur? Even kijken en praten via de videodeurtelefoon geeft duidelijkheid. Want veiligheid gaat voor alles. Als het goed volk is, kan de deur dankzij de elektrische voordeuropener eenvoudig vanuit de woonkamer (of elke andere plaats in huis) worden geopend. Dat scheelt weer.



Beetje breder

Je ziet er bijna niets van. Het scheelt misschien 10 tot 15 centimeter. Dus wat maakt het nu helemaal uit? Die extra centimeters gangbreedte zorgen wel voor veel meer bewegingsvrijheid. Zodat je niet bij elke manoeuvre met de scootmobiel of rollator klem komt te staan. En dan zijn ook de dorpels weggehaald tussen de diverse ruimtes. Kun je met scootmobiel, rollator, of als het een keer zonder kan, beter uit de voeten.



Op afstand bedienen

Een op het oog simpele afstandbediening. Maar met een druk op de knop open je er de gordijnen mee. En je bedient er zonwering en ventilatie mee. Dat scheelt toch weer twee ritjes van de thuishulp. En, oh ja, er klinkt nu ook eens in de zoveel tijd een alarmsignaal om te helpen herinneren dat er medicijnen ingenomen moeten worden. Ook daarvoor hoeft de thuishulp dus niet meer apart langs te komen.



Home trainen

Hier had natuurlijk ook een hometrainer moeten staan of een vergelijkbaar apparaat om fit te blijven. Want dagelijks 30 minuten bewegen voorkomt een hoop ellende. Minder kans op hart- en vaatziekten, kanker en diabetes. Een beetje bewegen zorgt ook dat je sterker blijft en makkelijker uit de voeten kunt. Dus minder kans op vallen en botbreuken en langer lekker zelfstandig blijven. Daarvan profiteren ouderen zelf én wij met zijn allen. Want de ziektekosten blijven zo een beetje binnen de perken.



Zorg op het scherm

Even controleren of alles wel goed gaat met de bewoner van flat nummer zoveel? Vroeger zou je er een dokter of wijkverpleegster op af sturen. Maar dankzij een directe link met hulpverleners is het monitoren van de gezondheidstoestand en het oplossen van kleine medische problemen nu op afstand mogelijk. De handjes die zo worden uitgespaard kunnen elders beter worden ingezet.



Likje verf

Hier was het nog niet nodig, de wanden zijn gewoon nog in één kleur geschilderd. Toch is een uniforme (lichte) kleur niet altijd handig. Als je wat minder goed begint te zien, helpt het niet echt om de weg in eigen huis te vinden. Simpele ingrepen als een patroontje in het tegelwerk voor badkamer en toilet helpen al. Net zoals een behangetje in een afwijkend kleurtje. Of wat te denken van zoiets kleins als schakelaars in een contrasterende kleur?
Dit artikel komt uit de print Forum