Technisch onderwijs schiet tekort, bedrijven gaan zelf vaklui opleiden

12-01-2012

Op scholen lijken complete technische opleidingen te verdwijnen. Hoe vangen ondernemers de groeiende vraag naar technisch personeel dan op? Zelf maar opleiden?

De kerstpakketten staan al klaar. Maar het is in de aanloop naar de feestdagen nog even aanpoten in het opleidingsbedrijf van InstallatieWerk Noord-Holland in Beverwijk. Jongeren in overalls zijn in een grote hal bezig met de installatie van verwarmingsketels. Ze brengen de kort daarvoor opgesnoven theorie direct in de praktijk. Onder deskundige begeleiding. En als ze het werk eenmaal in de vingers hebben, kunnen ze er mee aan de slag bij hun werkgever.

Elektrotechnische bedrijven, maar ook bedrijven in andere sectoren zitten te springen om goed geschoold technisch personeel. Oók nu de economie er minder goed voor staat. Wat ze van school krijgen aangeleverd is niet voldoende: het aantal niet en de kwaliteit ook niet. Dus trekken ondernemers alle registers open om die vakmensen dan maar zelf te kweken. Zoals in Beverwijk dus bij InstallatieWerk.

Goede boterham
Steeds minder leerlingen die voor een technische opleiding kiezen, steeds minder scholen die zo’n opleiding nog in huis hebben. Dat zijn de scenario’s waar de technische branches tegenaan kijken: hoe moeten ze de groeiende vraag naar goed opgeleid en deskundig technisch personeel opvangen? ‘We hebben een imagoprobleem’, constateert Theo den Blanken, directeur van InstallatieWerk Noord-Holland. ‘Ik zou willen dat we dat nu hier aan tafel konden oplossen.’ Dat ouders hun kinderen niet meer automatisch pushen toch vooral te kiezen voor een algemeen vormende opleiding als de havo.

Er is genoeg werk in de techniek, zegt Den Blanken. ‘De hoeveelheid werk is in tien jaar tijd verdubbeld en daarvoor zijn nieuwe mensen nodig.’ Er valt ook een goede boterham mee te verdienen. Maar kennelijk trekt dat de jongeren niet over de streep. Hoe krijg je ze dan zover dat ze voor techniek kiezen? Enthousiasme, daar draait het om, zegt Den Blanken. Je moet als branche laten zien wat je allemaal te bieden hebt. ‘Gisteren stond het hier helemaal vol met kinderen. Die komen met hun leraar kijken.’ Maar ze kunnen ook snuffelstage lopen bij InstallatieWerk. Of naar open dagen. ‘Dan hebben we hier zomaar honderden kinderen met hun ouders over de vloer. We nodigen leerlingen uit om een middagje stage te lopen. Dan kunnen ze kennismaken met alle technische vakgebieden.’

En ook de leerlingen die al een opleiding volgen, worden niet vergeten. Speciaal voor hen organiseert InstallatieWerk kampioenschappen. Op 20 december was er weer een editie. Met een grote beker en publiciteit voor de winnaar. Blanken: ‘En afgelopen jaar zijn we met een groep leerlingen naar Ethiopië geweest. Daar hebben we een project gedaan op het gebied van zonne-energie.’

Inmiddels hebben zich zo’n drieduizend bedrijven aangesloten bij InstallatieWerk, waarvan rond 680 bij de Noord-Hollandse tak. Daarbij zitten eenmanszaken, maar ook echt grote bedrijven. En de resultaten mogen er zijn: de instroom van nieuwe leerlingen is drastisch omhooggegaan en de vroegtijdige uitval sterk verminderd.

In eigen handen
Opleidingen van instellingen als vmbo’s sluiten vaak minder goed aan op de praktijk, oordeelt Den Blanken. ‘De bedrijven krijgen leerlingen van school die minder kunnen dan zij verwachten. En de leerlingen merken dat ze nog veel moeten leren. Niet echt motiverend. Gevolg is dat bijna de helft van hen er het eerste jaar al de brui aan geeft. Deze mensen zijn gelijk verloren voor de branche.’

Een groep installatiebedrijven besloot daarom een aantal jaren geleden het heft in eigen hand te nemen. Zij bundelden hun krachten in InstallatieWerk. Het opleidingsbedrijf verzorgt voor de aangesloten bedrijven het hele traject: van de promotie van het vak, tot aan de werving, selectie, opleiding en plaatsing van leerlingen. Zaken waarvoor een doorsnee bedrijf de mankracht en kennis vaak niet in huis heeft.

Voor de kosten hoeven werkgevers het niet te laten. ‘De leerlingen zijn in dienst van InstallatieWerk. De bedrijven hoeven alleen de gewerkte uren af te rekenen, de risico’s van ziekte, verlet en dergelijke zijn voor onze rekening. En het lukt ons beter om bijvoorbeeld scholingssubsidies van het Europees Sociaal Fonds in de wacht te slepen. Kom daar als individueel bedrijf maar eens om.’

De economische dip lijkt redelijk aan het opleidingsbedrijf voorbij te gaan. ‘Het is wel wat lastiger om mensen te plaatsen, maar er is nog steeds iets meer vraag dan aanbod. Gisteren meldde zich nog een bedrijf bij me dat vier mensen kon plaatsen. Ik heb beloofd dat ik voor hen op zoek ga, want ik heb ze niet voorhanden.’ Jongeren die bij InstallatieWerk de opleiding verlaten met een diploma op zak, gaan normaal gesproken één op één door naar de bedrijven. ‘Lukt dat een keer niet, dan begeleiden we ze naar een alternatief. En dat gaat ons ondanks de tegenvallende economische omstandigheden verrassend gemakkelijk af.

Klaargestoomd
Wat Installatiewerk op grote schaal doet via vestigingen verspreid over heel Nederland, doen kleinere groepjes bedrijven op regionale of zelfs lokale schaal. Zoals in het Overijsselse Rijssen. Daar werken bedrijven uit diverse sectoren samen in het regionale instituut voor elektro- en metaalopleidingen REMO.

De Van Dam Groep verzorgde z’n elektrotechnische en installatietechnische opleidingen in eigen huis. Maar toen REMO ze in het opleidingenpakket opnam, hevelde het bedrijf die activiteiten over naar dat instituut. ‘Wij zijn hier in staat om mensen in korte tijd veel bij te brengen’, vertelt Jan Brinks, directeur van de Van Dam Groep en bestuurslid van REMO. ‘Een opleiding waar normaal twee jaar voor staat, doorlopen ze hier in anderhalf jaar. Dat betekent dat we sneller kunnen beschikken over volwaardige monteurs.’ Volgens Brinks is het succes voor een deel te danken aan de manier waarop leerlingen bij REMO worden klaargestoomd voor hun opleiding. ‘We hebben ze hier eerst zes weken binnen om te kijken wat er aan bijscholing nodig is. Na die zes weken hebben ze een basis waarmee ze aan de slag kunnen. Daarna maken ze de keuze bij welk bedrijf ze aan de slag willen. En daar blijven ze normaal gesproken dan ook.’

IHC Merwede laat zien wat er binnen een grotere onderneming mogelijk is op het gebied van opleidingen. Het bedrijf, bouwer van onder meer baggerschepen en offshore schepen, heeft een eigen technisch opleidingscentrum. Vorig jaar werd zelfs nog nieuwbouw in gebruik genomen. ‘We zijn een modern bedrijf met technisch hoogwaardige producten. Dat willen we ook graag laten zien in een omgeving die daarbij past’, vertelt Victor Tollens, manager van het opleidingscentrum. De opleidingen die het bedrijf aanbiedt, beperken zich allang niet meer tot vervolgopleidingen en cursussen voor mensen op vmbo-niveau. Zo kunnen hbo-opgeleiden terecht op de IHC Management School. Net als bij de overige bedrijfsopleidingen is de verbinding tussen theorie en praktijk bij die opleiding nadrukkelijk aanwezig. Specialisten uit eigen huis verzorgen de lessen. Zo neemt de president-directeur de lesmodule strategie voor zijn rekening en de financieel directeur de module financiën.

Die manier van werken pakt voor beide partijen goed uit. Cursisten leren spelenderwijs of ze in de wieg zijn gelegd voor een managementfunctie binnen het bedrijf. En de leiders van het bedrijf komen op een informele manier te weten wat voor vlees ze in de kuip hebben, zegt Peter Wemmers, concernmanager opleidingen bij het bedrijf. De ervaringen met de hbo-training zijn zo positief dat IHC Merwede inmiddels ook werkt aan een mbo-variant.

Persoonlijk
Leerlingen sneeuwen bij ons niet onder in het geweld van zoiets als een ROC met een paar duizend leerlingen, zegt Den Blanken (InstallatieWerk). ‘We houden continu een vinger aan de pols. Verzuimt een leerling? Dan wordt hij nog dezelfde dag met dat verzuim geconfronteerd. Gaat hij niet naar school? Dan maken we van die dag die normaal wordt doorbetaald een onbetaalde dag. Nou, dat komt aan. Mooi dat ze de week erna gewoon weer op school zitten!’

Ook bij REMO geen vrijblijvendheid. Dat betekent dat het beginsignaal op de theoriedagen op hetzelfde moment gaat als in de bouw – dus vroeg in de ochtend. Je kunt er maar alvast aan gewend zijn. Brinks: ‘Het klinkt allemaal heel streng, maar je krijgt er heel gemotiveerde jongeren voor terug.’ En de kruisbestuiving tussen theorie en praktijk stimuleert enorm, stelt Wemmers (IHC Merwede). ‘We halen de school in het bedrijf en dan zie je dat mensen wel degelijk bereid zijn cursussen te volgen. Omdat ze direct ervaren wat ze ermee kunnen. We steken ook veel energie in de ontwikkeling van de softe skills: sociale vaardigheden, kwaliteitsbewustzijn en dergelijke. Want je kunt wel veel tijd besteden aan technische vaardigheden, maar als je de andere kant van het verhaal niet brengt, haal je nog geen maximaal rendement.’

Misschien kan opleiden buiten de deur goedkoper, maar voor de diverse ervaringsdeskundigen staat vast dat hun koers het beste uitpakt. Wemmers (IHC Merwede). ‘Wij hebben in al die jaren dat we bezig zijn met opleiden altijd meebewogen met de golven. In tijden dat het slechter ging, hadden we een kleinere leerschool, in tijden dat het beter ging een grotere. Maar opheffen, dáár hebben we nooit over gedacht.’


Help, de techniek verzuipt

Koude rillingen lijken ouders en leerlingen ervan te krijgen: de combinatie van vmbo en techniek. Het aantal leerlingen in de techniek is de laatste jaren spectaculair gedaald. En als het zo doorgaat, zullen complete technische afdelingen binnen het vmbo verdwijnen. Terwijl de vraag naar technisch personeel de komende jaren alleen maar groeit.

Begin december luidden VNO-NCW en MKB-Nederland daarom de noodklok met het manifest Toekomst voor Techniek. In 2014 is er een tekort aan 38.400 technische vmbo’ers en 23.100 technische mbo’ers. Dat tij moet gekeerd worden. Bijvoorbeeld door betere voorlichting aan docenten en ouders in het basisonderwijs en toevoeging van een praktische component aan de CITO-toets (die zwaar meetelt bij de keuze van een vervolgopleiding). Ook zou er een meldpunt moeten komen waar scholen dreigende sluiting van vmbo-opleidingen kunnen melden, zodat op tijd een oplossing kan worden gevonden.
Lees meer over
Dit artikel komt uit de print Forum