Niet naar de dealer maar naar de deeleconomie

19-03-2014

Waarom zelf een auto kopen als je er ook een lenen kunt? Voilà: de kern van de deeleconomie. Maaltijden, huizen, gereedschap. Er wordt steeds meer gedeeld. Maar wat betekent dat eigenlijk voor horeca-ondernemers, hoteliers en verhuurbedrijven?
Een aantal collega's heeft de eigen auto weggedaan. Ze redden zich nu met deelauto's van GreenWheels en denken inmiddels ook serieus na over deelgebruik van particuliere auto's, bijvoorbeeld via SnappCar. En tijdens hun vakantie verblijven ze allang niet meer in hotels. Hun onderkomens boeken ze via Airbnb. Een paar jaar geleden had geen mens durven voorspellen dat het zo zou lopen. Maar de ontwikkelingen gaan snel. De auto is steeds minder een statussymbool. Waarom dan veel geld neertellen voor iets dat toch maar weinig wordt gebruikt? En ook de status van het traditionele vakantieverblijf is niet meer wat ie is geweest. Dat kan niet zonder gevolgen blijven voor meer meer traditionele ondernemers zou je denken.

 

Niets nieuws onder de zon
'Als ik een presentatie moet houden over de deeleconomie, begin ik altijd met een beeld waarop je mijn kinderen ziet. Met daarboven de tekst 'Samen spelen, samen delen'. Dat is de boodschap die ik mijn twee dochters probeer mee te geven.' Harmen van Sprang van shareNL (platform voor de Nederlandse deeleconomie) vindt het belangrijk dat mensen kunnen delen. 'We kijken nu heel erg naar de opkomst van de deeleconomie. Maar eigenlijk is er niets nieuws onder de zon. Ook vroeger deelden we dingen met elkaar. Maar het is, voor een belangrijk deel door de technologische mogelijkheden van nu, veel gemakkelijker geworden. Kijk alleen al naar de mogelijkheden van apps. De drang naar duurzaamheid helpt ook een handje. En het is natuurlijk leuk als je door verhuur van je huis of je auto een centje kunt bijverdienen.'

 

Een niet te onderschatten factor is het sociale aspect. 'Je hebt gewoon meer en intensiever contact met elkaar als je dingen met anderen deelt.' Uit onderzoek van de Nationale commissie voor internationale samenwerking en duurzame ontwikkeling (NCDO) blijkt dat de deeleconomie niet het domein is van de jongere generatie. Het onderzoek laat zien dat het delen ook veelvuldig buiten online platforms plaatsvindt.
De ontwikkeling van de deeleconomie gaat hard, constateert Van Sprang. 'Toen ik begin vorig jaar mijn auto de deur uit deed, moest ik een kilometer fietsen om bij de dichtstbijzijnde deelauto te komen. Nu staat er eentje bij mij in de straat.' En de ontwikkeling blijft niet beperkt tot de stad, benadrukt hij. 'Het is een kwestie van tijd en ook het buitengebied is goed voorzien.'

 

Kopen? Ik dacht het niet
Delen vraagt om een andere kijk op bezit, stelt Jaspar Roos, een oud-bankman die zich als chief inspiration officer bij Future Ideas vastbijt in ontwikkelingen als de deeleconomie. 'Dit weekend had ik een hogedrukreiniger nodig. Die heb ik bij mijn buurman geleend. Mijn vrouw vroeg nog of het niet handiger was om zelf zo'n ding te kopen. Terwijl ik dacht: ik koop er wel wat hulpstukken bij die mijn buurman ook kan gebruiken.' Roos vindt het goed dat de discussie over bezit wordt gevoerd. 'We hebben het met z'n allen al jaren over duurzaamheid. Maar verder dan pleidooien als 'zet de airco een tandje lager' komen we niet. Terwijl je je eigenlijk zou moeten afvragen of je die airco überhaupt nodig hebt. Of je spullen wel nodig hebt, of dat je ze niet beter kunt delen.'

 

Dat consumenten zich dit nu ook daadwerkelijk afvragen, merken bedrijven. Waar iemand vroeger een cd aanschafte van zijn favoriete artiest, maakt hij tegenwoordig gebruik van streamingdiensten als Spotify. Cijfers van de brancheorganisatie van de entertainment­industrie NVPI laten dat ook zien. De omzet van diensten als Spotify schoot vorig jaar omhoog met dik 110 procent. Tegelijkertijd kromp de markt voor tastbare producten als cd's met een kleine 20 procent. Volgens Roos is sprake van een onomkeerbare beweging. 'Dat een initiatief als Airbnb zo'n succes heeft, zit 'm er in dat mensen een beetje klaar waren met de Hiltons en andere grote(re) organisaties van deze wereld. Ze vonden het leuk(er) om in te stappen in een lokaal initiatief.
Overigens krijgt Airbnb steeds meer trekjes van een gewoon bedrijf. Het rebelse uit de begintijd is er wel af. In veel gevallen is het allang niet meer zo dat het idee is 'we gaan lekker bij iemand inwonen'. Je ziet dat dit soort initiatieven op het moment dat ze online gaan heel snel commercieel worden. Op dat moment worden de verschillen tussen traditionele aanbieders en nieuwe aanbieders aanzienlijk kleiner.'

 

Wel even slikken
Het dichtbevolkte Nederland lijkt een ideale voedingsbodem voor deelautoconcepten. Met het snelgroeiende SnappCar als -naar eigen zeggen- onbetwist marktleider in het particuliere segment. Inmiddels telt deze aanbieder veertigduizend gebruikers. Zevenduizend daarvan zijn verhuurder, de rest huurders.
SnappCar-oprichter Pascal Ontijd schrijft het succes van zijn onderneming mede toe aan de 'alternatieve' manier waarop wordt gewerkt. 'Een verhuurbedrijf koopt auto's, hangt daar een prijs aan en probeert ze met behulp van een uitgekiende marketing zo vaak mogelijk in de markt te zetten. Als consument kom je bij een loket en moet je maar zien hoe het bedrijf zich opstelt. Wij bieden een marktplaats waarbinnen het contact tussen verhuurders en huurders tot stand wordt gebracht. Maar verder doen de mensen het zelf.'
De snelle opkomst van de deelautobedrijven als SnappCar zal voor de traditionele autoverhuurders best even slikken zijn geweest. Al was het maar omdat de nieuwe aanbieders op diverse punten in het voordeel zijn. Zo hoeven de SnappCar-achtigen niet te investeren in dure huisvesting en een kostbaar wagenpark.

 

Maar Anton Pluim, branchemanager verhuur- en deelautobedrijven bij BOVAG, denkt dat de traditionele aanbieders er al met al niet minder van hoeven te worden. 'De nieuwe aanbieders werken innovatie in de sector in de hand. En dat is goed.' Pluim ziet dat al gebeuren. Auto­verhuurders werkten traditioneel vooral tijdens kantooruren en vaak op slecht bereikbare plaatsen. Maar tijden veranderen. Pluim: 'Mensen hechten minder aan het bezit van een auto, maar willen er wel over één kunnen beschikken. Aanbieders als SnappCar zijn daar handig op ingesprongen. Zij maken volop gebruik van de mogelijkheden die onder meer internet biedt. Je ziet nu dat ook de traditionele verhuurders hun business­model aanpassen. Ook zij bieden steeds vaker de mogelijkheid om 24 uur per dag een auto te huren. Oók via internet. En er ontstaan allerlei tussenvarianten.'

 

Wij regels, zij ook regels
In de horeca is een vergelijkbare ontwikkeling gaande. Traditionele aanbieders in de sector vernieuwen. Daartoe 'aangemoedigd' door initiatieven als thuisafgehaald.nl, een online platform dat mensen in staat stelt -een deel van- het door hen gekookte maaltje te delen met anderen. En daar is niets mis mee, zegt Joris Prinssen, woordvoerder van Koninklijke Horeca Nederland (KHN). 'De deeleconomie heeft vele gezichten en biedt horecaondernemers zeker ook kansen. Gasten die eigen ingrediënten meenemen en de kok die daarvan iets lekkers maakt bijvoorbeeld. Of een eigen snack meenemen op het terras en de drankjes van het café gebruiken.'

 

Waar volgens hem wél wat mis mee is, is dat 'nieuwe' aanbieders als Airbnb in tegenstelling tot hun traditionele collega's geen afdrachten hoeven te doen. Dát zorgt voor oneerlijke concurrentie. 'Wij staan voor het principe 'gelijke monniken, gelijke kappen'. Dus als je als hoteleigenaar toeristenbelasting moet betalen en moet voldoen aan brandveiligheidseisen, dan moet dat ook gelden voor een aanbieder als Airbnb.' Het al of niet voldoen aan de geldende regels is inderdaad 'zo'n puntje' dat nog moet worden geregeld. Niet voor niets is je huis verhuren via Airbnb in steden als Berlijn en New York tot illegale activiteit verklaard. Ook in Amsterdam mocht het niet. Toch staat de gemeente de verhuur via online marktplaatsen inmiddels oogluikend toe.
Het zal horecaondernemers plezieren dat mensen die hun stulpje willen verhuren via Airbnb, wel moeten voldoen aan allerlei eisen. Onder meer op het gebied van brandveiligheid. Ook moeten ze net als commerciële logeeradressen als hotels netjes toeristenbelasting gaan afdragen. Wel spannend wat dit voor effect zal hebben op de activiteiten van verhuurders nieuwe stijl als Airbnb.
Maar toch zegt SnappCar-oprichter Pascal Ontijd: 'Over een x aantal jaar gaat dit soort initiatieven de traditionele business significant bijten. Daar ben ik zeker van.'

 

Auto's delen: 'Het begin was lastig'
'We zijn gëinspireerd door Airbnb. De mensen achter deze marktplaats voor accommodaties hebben de afgelopen paar jaar de horeca flink op zijn kop gezet. Vooral de hotelsector. We zijn gaan kijken wat zich verder voor zo'n aanpak leende. Uiteindelijk zijn we uitgekomen op auto's.'
Pascal Ontijd en zijn collega Victor van Tol richtten in 2011 SnappCar op. SnappCar concentreert zich nu op auto's. Maar het concept leent zich ook voor andere vormen van mobiliteit, zoals boten en motoren. Het eerste jaar was vrij lastig; Ontijd en Van Tol moesten mensen zien te overtuigen van hun concept. Daarna is het hard gegaan. 'We zijn nu klaar voor Europa. Daar zijn we nu via crowdfunding financiering voor aan het regelen.
Daarnaast zijn we in gesprek met grote investeerders die ons op weg kunnen helpen. In Duitsland zijn we afgelopen jaar al gestart.Low key, om te kijken waar we bij onze expansie tegenaan zouden lopen. In Engeland gaan we deze zomer van start.'

 

Zwols ruilen: 'Waarom zou je materiaal ongebruikt laten staan?'
'Bij bedrijven blijft veel materiaal en kennis ongebruikt, terwijl andere bedrijven daarvan profijt zouden kunnen hebben. Wij willen daar iets aan doen', vertelt Ruben Wetering. Wetering is betrokken bij de invoering van de bedrijvendeelmarkt op het Zwolse bedrijventerrein Hessenpoort. 'Als ondernemers profiteren van elkaars materiaal en kennis, scheelt dat in de kosten. En het helpt hen bij het streven naar duurzaam ondernemen.
Er zijn hier bedrijven met relatief weinig opslagcapaciteit, terwijl andere bedrijven juist magazijnruimte leeg hebben staan. Als je buurman de ruimte heeft om jouw spullen te stallen, kun je dat toch veel beter daar doen dan elders? Er zijn hier ook bedrijven die een hoogwerker hebben aangeschaft. Zo'n ding wordt maar incidenteel gebruikt. Maar de kosten voor keuringen en dergelijke lopen wél gewoon door. Als andere bedrijven 'm tegen een kleine vergoeding kunnen lenen, zijn zij goedkoop geholpen en heeft de eigenaar de kosten er uit. Ik kan me ook een soort ruilhandel voorstellen: dat een ondernemer iets gebruikt van een ander en daarvoor een tegenprestatie levert.'
Het initiatief van de bedrijvendeelmarkt is nog kakelvers. Maar als het concept op Hessenpoort levensvatbaar blijkt, zou het hem niet verbazen als elders soortgelijke initiatieven ontplooid gaan worden.

Dit artikel komt uit de print Forum