Ingerukt mars?: Defensie wordt uitgekleed

18-10-2012

Bezuinigen, bezuinigen, bezuinigen. Defensie dreigt totaal te worden uitgekleed. Dat kost banen, omzet en export: bij de krijgsmacht en in het bedrijfsleven. 'We naderen de kritische grens.'

'Beste Wouter, beste Henk'. Zo begon de brandbrief die Wim van de Donk, Commissaris van de Koningin van de provincie Brabant, mede namens het Brabants bedrijfsleven en de burgemeesters van de vijf grootste steden in de provincie stuurde. Eind september viel hij op de deurmat bij informateurs Wouter Bos (PvdA) en Henk Kamp (VVD). Van de Donk is er niet gerust op dat de partijen die nu gesprekken voeren over de vorming van een nieuwe regering, voldoende van de ernst zijn doordrongen: Defensie en bedrijfsleven kunnen niet zonder elkaar. En verdere bezuinigingen zullen alleen maar meer schade aanrichten. Aan het leger zelf, maar ook aan het bedrijfsleven en de economie. Van den Donk: 'We moeten het in Nederland hebben van hoogtechnologische innovatie, hoogtechnologisch onderhoud. Waarbij Defensie een belangrijke partner is. Maar de sterke positie die we de afgelopen jaren mede dankzij die samenwerking hebben opgebouwd, is door de nieuwe bezuinigingen die er dreigen aan te komen serieus in gevaar. Natuurlijk, je kunt altijd ruimte proberen te zoeken in de begroting. Maar er komt een moment dat je je moet afvragen of een systeem nog wel robuust en geloofwaardig is. En bij Defensie hebben we nu echt de bodem bereikt.'

De Commissaris van de Koningin staat niet alleen in zijn opvattingen. Uit het rapport De Waarde van Defensie (zie kader Wat is Defensie waard?), dat het Haags Centrum voor Strategische Studies op 8 oktober presenteerde, blijkt ook onomwonden wat de gevolgen zijn. De onderzoekers constateren dat de baten van de krijgsmacht voor het Nederlandse publiek onvoldoende zichtbaar zijn. Daardoor blijft het debat over Defensie nu te vaak steken bij discussies over de hoogte van het budget. Zonde, vinden ze. Want daardoor krijgt de werkelijke waarde die Defensie voor Nederland heeft veel te weinig aandacht.

Niet alleen de inzet voor vredesmissies vraagt om een volwaardige Defensie. De krijgsmacht speelt ook een belangrijke rol voor Nederland als handelsnatie, bijvoorbeeld door het beveiligen van schepen tegen aanvallen van piraten. Maar ook waar het gaat om de werkgelegenheid is Defensie een niet weg te cijferen factor. Met zo'n zestigduizend medewerkers is de krijgsmacht een van Nederlands grootste werkgevers. En dat is nog exclusief de vijftienduizend mensen die werken in de defensie-gerelateerde industrie. Een industrie die goed is voor een jaaromzet van 3 miljard euro, waarvan twee derde export.

Serieus gevaar
'Willen we écht terug naar het tijdperk van de gebroken geweertjes?' Van de Donk, gruwt bij het idee. 'De geschiedenis heeft ons geleerd dat we ons op geen enkel moment slappe knieën kunnen veroorloven. En wat doen wij? We stellen gewoon complete squadrons gevechtsvliegtuigen buiten bedrijf.'

Prima dat wordt nagedacht over een Europese defensiepolitiek, vindt Van de Donk. 'Maar zolang in de gesprekken daarover nog geen schot zit, moet je dit soort onomkeerbare stappen niet willen zetten. En ook als die grensoverschrijdende defensiepolitiek tot stand komt, zal een substantiële Nederlandse bijdrage worden gevraagd.' Hij verbaast zich er ook over hoe gemakkelijk het belang van Defensie voor de interne veiligheid terzijde wordt geschoven. 'Een voorbeeld: als er straks geen tank meer is om bij een bosbrand een brandgang te trekken, heeft dat vergaande en kostbare gevolgen. Ik weet het wel: die tanks zijn daar niet primair voor bedoeld, maar het is wel handig dat we ze daarvoor kunnen gebruiken. Nog verder bezuinigen brengt deze vormen van samenwerking serieus in gevaar.' Zijn allergrootste zorg: de gevolgen voor de economie. In Brabant, maar ook daarbuiten.

Stappen voor
'We doen als toeleverancier veel werk in de defensiemarkt', vertelt Paul Malcontent, business manager bij VDL Defence Technologies uit Helmond. Het bedrijf, onderdeel van de VDL Groep, is een van de vele Nederlandse bedrijven die hun brood verdienen met Defensieopdrachten (zie kader Verdienen aan Defensie).

VDL Defence Technologies produceert onderdelen voor rups- en wielvoertuigen, met name voor buitenlandse fabrikanten. 'Op dit moment leveren we onder meer een bijdrage aan een order van de Nederlandse staat (voor een kleine serie Kodiak genievoertuigen; red.). De onderdelen die bij ons van de productielijn komen, gaan naar de assemblagelijn van de buitenlandse fabrikant. En vervolgens komen de complete voertuigen terug naar Nederland.'

Maar de hoeveelheid nieuwe projecten loopt wél terug. Dat geldt overigens niet alleen voor ons land. Ook elders in Europa neemt de vraag naar nieuw materieel af. 'Als die trend doorzet, zullen we daar op moeten reageren. In dat geval zullen we onze focus moeten verleggen richting de instandhouding (onderhoud; red.) van bestaand materieel.'

Veel ontwikkelingswerk dat VDL Defence Technologies in eerste instantie doet voor Defensie, komt later ook ten goede aan de civiele markt. Zoals het geval is bij de zogenoemde pick and place machines die we voor de elektronische industrie produceren. Het werk wat het bedrijf doet voor de krijgsmacht, levert ook een concurrentievoordeel op voor het civiele werk. 'We hebben vanwege dat werk certificaten moeten halen waarmee we kunnen aantonen wat we in huis hebben. Neem onze lassers, die zijn Champions League. Dat gegeven gebruiken we natuurlijk ook in andere markten. Want als ik de buitenwereld kan uitleggen dat we gecertificeerd pantserstaal mogen lassen, loop ik stappen voor op de concurrentie. Het is dan veel gemakkelijker om een klant uit te leggen dat juist wij zijn object, bijvoorbeeld een kraan, conform de specificaties in elkaar kunnen zetten.'

Het zal niemand verbazen dat Malcontent zeer te spreken is over de samenwerking met Defensie. Ook al omdat het zijn organisatie scherp houdt. 'De krijgsmacht kenmerkt zich door engineering op de grens. De organisatie stelt hoge eisen. Een product moet zo licht mogelijk zijn, maar tegelijk ook zo sterk mogelijk. En daar liggen voor mijn techneuten geweldige uitdagingen. Ik merk nu nog elke dag dat het werk voor Defensie de mensen naar een hoger technologisch niveau tilt. Als het werk voor de krijgsmacht terugloopt, kun je er op wachten dat dit effect minder wordt. En dat zou ik erg jammer vinden.'

Doodzonde
Bij Defensie zelf zijn ze ook zeer te spreken over de samenwerking. Sander Schnitger, commandant luchtstrijdkrachten, stelt zelfs dat de krijgsmacht niet meer zonder die samenwerking kan. Een voorbeeld: het logistiek centrum Woensdrecht. De onderhoudsorganisatie van de luchtmacht die daar is gevestigd, besteedt nu al 70 procent van het werk uit, zegt Schnitger. 'Dat scheelt geld, tooling en engineering.' En wat voor onderhoud geldt, geldt ook voor innovatie. Dankzij de samenwerking met het bedrijfsleven kan dat sneller, beter en goedkoper. 'We zouden het werk niet meer zelf aankunnen. De organisatie zou er fors voor moeten groeien en daar hebben we het geld niet meer voor.'

Ook Schnitger kijkt met spanning naar de onderhandelingen over een nieuw kabinet. Vooral de laatste bezuinigingsronde bij Defensie heeft diepe sporen nagelaten in de operationele capaciteit. 'We hebben van alles stil moeten zetten: tanks, helikopters, schepen. Dat hakt vreselijk in op ons vermogen ons werk te doen. Maar het hakt ook in op de hoeveelheid werk die we in Nederland kunnen wegzetten.' Een volgende bezuinigingsronde zou volgens hem het einde van Defensie als samenhangende organisatie betekenen. En daarmee een zware wissel trekken op de nu nog zo intensieve samenwerking met het bedrijfsleven.

Hij vreest onder meer voor het schrappen van het project-F35 ofwel de Joint Strike Fighter. Er is veel geld mee gemoeid en – mede daardoor – veel discussie over. Volgens Schnitger betekent het nieuwe jachtvliegtuig, dat de F16 moet opvolgen, veel voor Defensie. 'De komst van de F35 betekent voor ons een grote stap vooruit in technologie, operationele capaciteit. Daarnaast kan het Nederlandse bedrijven – en zeker in Brabant – veel werk opleveren. Maar dan moet nu wel een keer positief over de aanschaf worden beslist.'

Kijk maar naar de positieve ervaringen die tot nu toe zijn opgedaan met de F16, zegt de commandant luchtstrijdkrachten. Hoewel dit vliegtuig aan het einde van zijn levenscyclus is, zijn er nog steeds Nederlandse bedrijven bezig met onderhoud. Of, zoals hij het noemt, instandhouding. Bij de F35 is de betrokkenheid van bedrijven uit ons land veel groter. 'Nu al in de ontwikkelingsfase laten we ons duidelijk gelden. In de F16-opvolger zitten twintig key Technologies van Nederlandse bodem. En ook in de productie en het onderhoud zouden bedrijven uit ons land een belangrijke rol kunnen spelen.'

Hoewel in ons land geen vliegtuigen meer worden gebouwd, is de Nederlandse luchtvaartindustrie nu nog goed voor een zesde positie binnen Europa. 'Fokker in Hoogeveen is een van de bedrijven die in het noorden de eer hoog houdt. Maar hier in Brabant zit toch de harde kern. Zo'n voorsprong ga je toch niet te grabbel gooien?' Hij verwijst naar de initiatieven als Aviolanda in Woensdrecht en Gate 2 in Rijen (gericht op bundeling van luchtvaartgebonden activiteiten) en de inspanningen om grote buitenlandse bedrijven binnen te halen. 'Daar zijn we elke dag mee bezig.'

Maar alles valt of staat volgens Schnitger bij het imago van Nederland. 'We werden altijd gewaardeerd als betrouwbare partner. Bijvoorbeeld waar het ging om deelname aan vredesmissies. Maar door de ontwikkelingen van de afgelopen jaren zie je dat imago nu in sneltreinvaart verdampen. Dat heeft z'n weerslag op buitenlandse investeringen. En dat is doodzonde voor een land dat flink wat van zijn omzet uit het buitenland haalt.'

Wat is Defensie waard?

De Nederlandse defensie-industrie zet jaarlijks ruim 3 miljard euro om. De bedrijven die in deze markt actief zijn, bieden hoogwaardige werkgelegenheid aan vijftienduizend mensen. Maar er is meer. Het onderzoek De Waarde van Defensie van het Haags Centrum voor Strategische Studies (HCSS) brengt in beeld dat Defensie een van de grootste opleidingsinstituten van ons land is, met jaarlijks zo'n zesduizend gediplomeerden. Velen van hen stromen na verloop van jaren door naar het bedrijfsleven. Volgens het onderzoek kan Defensie een belangrijke rol spelen bij het voorkomen van cybercriminaliteit. Nu levert deze vorm van criminaliteit jaarlijks nog zo'n 20 tot 30 miljard euro schade op. Ook in de ondersteuning van civiele hulpdiensten en nationale en lokale overheden is voor Defensie een rol weggelegd. Alleen al vorig jaar werd de krijgsmacht daarvoor dik tweeduizend maal ingezet. Voor uiteenlopende klussen, variërend van dijkbewaking (door F16's met infraroodcamera's) en de bestrijding van bosbranden (door heli's met waterzakken), tot evacuatie van mensen (met legertrucks en -vaartuigen).

 

Verdienen aan Defensie?

De lijst met Nederlandse bedrijven die een link hebben met Defensie is indrukwekkend. Er prijken relatief veel bekende namen op als Fokker Services (onderhoud en service vliegtuigen), Thales Nederland (ontwikkeling en productie van radarsystemen) en ruimtevaartonderneming Dutch Space. Maar ook minder bekende, zoals Airborne International (producent van composieten) en Bradford Engineering (ontwerp, ontwikkeling en productie van elektronische en mechanische producten voor de ruimtevaart).

 

Friesland, Groningen, Brabant, Drenthe

De Brabantse Commissaris van de Koningin Wim van de Donk weet zich in zijn oproep aan informateurs Bos en Kamp gesteund door onder meer de Brabants-Zeeuwse Werkgeversvereniging (BZW). Het is niet de eerste keer dat deze regionale ondernemersvereniging pleit voor 'snijden met beleid' in de Defensieorganisatie. En de BZW staat ook niet alleen in zijn oproep. Ook in andere delen van het land laten ondernemersorganisaties van zich horen. Zo riep VNO-NCW Noord het kabinet vorig voorjaar nog op om Noord-Nederland niet onevenredig hard te treffen bij komende bezuinigingsrondes. In een toelichting op een brief aan het kabinet wees directeur Lambert Zwiers er op dat Defensie -  met de kazernes in Assen en Havelte en de vliegbasis in Leeuwarden -  nauw verweven is met de Noord-Nederlandse economie. Opheffen van legeronderdelen heeft volgens hem grote gevolgen. 'De regio kent een betrekkelijk ijle economie, waardoor het moeilijk is om vervangende werkgelegenheid te genereren.'

www.bzw.nl, www.vno-ncwnoord.nl

Dit artikel komt uit de print Forum