Hans de Boer: 'Wie ondernemerschap vooruit helpt, wordt mijn beste vriend'

19-03-2014

Voor de stroperigheid van de politiek en de polder is hij niet bang. Hans de Boer wordt op 1 juli de nieuwe voorzitter van VNO-NCW en heeft er zin in. 'Ik zie het als een buiten­kans om het bedrijfsleven neer te zetten als kracht die écht het verschil maakt.'

 

Hij staat bekend als uitgesproken en geldt als 'bewezen communicatief talent'. In de media werd de benoeming van Hans de Boer tot kandidaat-voorzitter van VNO-NCW dan ook positief onthaald. Maar wie is de man die Bernard Wientjes, vier jaar achtereen uitgeroepen tot meest invloedrijke persoon van Nederland, gaat opvolgen?

Een onbekende voor ondernemers is hij zeker niet. Hij werd landelijk bekend in zijn periode als voorzitter van MKB-Nederland. En al daarvoor zette hij zichzelf op de kaart door zijn Bureau voor Economische Argumentatie van de grond af op te bouwen en succesvol te verkopen aan KPMG. De afgelopen jaren opereerde hij vooral in de luwte. Als tijdelijk en gedelegeerd directievoorzitter van LSI Project Investment was hij betrokken bij de herinrichting van het stationsgebied in Rotterdam. Ook is hij commissaris, onder andere bij ArboNed, Siemens Nederland en de supermarktgroep Sperwer.

De Friese econoom heeft iets met cijfers: 'Ik kon als jongetje extreem goed rekenen'. Maar zet zich ook graag maatschappelijk in: 'Je moet wel een beetje airmiles sparen voor het hiernamaals'. Bovenal ziet Hans de Boer zich als een echte ondernemer. 'Ik houd ervan om initiatief te nemen, bovendien zie ik ondernemerschap als iets dat goed is voor de samenleving. Iets dat overal ter wereld welvaart heeft gebracht.'

 

Dus u werd gevraagd door VNO-NCW en dacht ­meteen: doen!

'Nou, ik heb er echt wel even over nagedacht, want het is niet niks. En ik heb nu een vrij leven, met een aantal start-ups onder mijn hoede en een aantal commissariaten bij grotere bedrijven. Maar soms stopt er een trein - dan moét je wel instappen.'

 

U bent al een keer MKB-Nederland-­voorzitter geweest. Wat is straks het verschil met Hans de Boer als VNO-NCW-voorzitter?

'Een kilo of 5, haha. Nee, even serieus. Maakt het verschil? Ja. De core business van VNO-NCW is lobbyen, dingen regelen voor bedrijven. Dat ga ik dus ook doen. En als persoon zit ik er veel maatschappelijker in dan vroeger. Ik zie het als een buitenkans om het bedrijfsleven neer te zetten als groep en kracht in de samenleving die écht het verschil maakt. Die zorgt voor werkgelegenheid, een belasting­basis, een blik op de wereld. Die de kans geeft aan jonge mensen om zich te ontplooien.'

'Mijn buurmeisje doet een traineeship bij Heineken en krijgt daar de kans om internationale ervaring op te doen. Dat is toch fantastisch? En dat kan dankzij Heineken. Of neem het laboratorium van Shell in Rijswijk: dat biedt toch gouden mogelijkheden voor mensen om zich te ontwikkelen? Het bedrijfsleven is een beweging die ontzettend veel goeds teweeg brengt. Maar de samenleving kijkt verkeerd naar ondernemers, vind ik. Die relatie zit gewoon niet goed. Het zal dan wel aan twee kanten liggen, maar daar moet echt wat aan gebeuren.'

 

Is de politiek belangrijk voor ­ondernemers?

'Wil je het rationele of het emotionele antwoord? De realiteit is dat het gros van de ondernemers heel diep moet nadenken voor ze tot de slotsom komt dat politiek belangrijk voor ze is. Zij zien de politiek in eerste instantie als blok aan het been. Maar dan gaan ze doordenken en zien ze dat ze de politiek en de overheid wel nodig hebben om te zorgen voor wegen, onderwijs, veiligheid, om de markten te regelen, enzovoorts. En vervolgens komt het gevoel dat de balans wel een beetje is zoekgeraakt. De politiek zit ondernemers zo ontzettend in de nek te hijgen, dat is echt doorgeslagen. De politiek moet niet vergeten dat zij ondernemers ook nodig heeft. Dus kan die kerk alsjeblieft weer een beetje in het midden komen?'

 

U bent lid van het CDA, hoe politiek actief bent u?

'Dat is heel beperkt hoor. Ik betaal mijn contributie en dat is het wel zo'n beetje. Mijn zus zegt wel eens: 'Hans is lid van het CDA zoals opa lid is van de blauwe knoop'. Nou, en die hield erg van een borrel! En straks in mijn functie als VNO-NCW-voorzitter geldt al ­helemaal: wie het ondernemerschap vooruit helpt, die wordt mijn beste vriend.'

 

Als er één ding gevraagd wordt van een voorzitter van VNO-NCW dan is dat ondernemerschap. Maar wat ís dat volgens u?

'Ondernemerschap gaat over mensen die het besluit nemen iets te maken waar een markt voor is en dan nét iets beter dan wat er al is. Dat is, denk ik, de kern: mensen van vlees, bloed en emoties; vernieuwing en innovatie als drijvend mechanisme; plus dat het voor eigen rekening en risico is. Als het goed gaat, kun je profiteren, maar als het slecht gaat, moet je op de blaren zitten. Ik ben niet heel ideologisch, maar daar geloof ik wel in: die eigen verantwoordelijkheid en eigen kracht van mensen.'

 

Waarom past dat bij u?

'Ik houd ervan om initiatief te nemen, ook al moet ik dan soms op de blaren zitten. En ook omdat ik ondernemerschap zie als iets dat goed is voor de samenleving. Het aardige is dat ondernemerschap ook verandert door de tijd. Als je een bedrijfje start, heb je een plan en een visie en dan moet je met een zekere doodsverachting die stap zetten. Eigenlijk moet je elke avond met je blote knietjes op het zeil. En keihard buffelen natuurlijk. Zo ben ik zelf begonnen toen ik 29 was.

Nu is dat anders voor mij. Ik kijk er strategischer en afstandelijker naar. Zeker bij grotere bedrijven waar ik commissaris ben, kijk ik meer naar de balans van zo'n onderneming: hoe zit het met de financiën, je marktaandeel, wat zijn je assets.

Eigenlijk is ondernemerschap een combi: van de durf en creativiteit van de jeugd met de ervaring en het vakmanschap van de wat ouderen. Vernieuwing houdt dus wel in dat je jongeren goed aan bod laat komen binnen organisaties. Het talent zit in alle hoeken en gaten. Daar moet je open voor staan.'

 

Kreeg u het ondernemerschap van huis uit mee?

'Niet echt, mijn opa had wel een aannemers­bedrijfje in Friesland, maar mijn vader heeft na de oorlog een positie aangeboden gekregen bij het postbedrijf en is geëindigd als directeur van een postkantoortje. En mijn moeder was een huisvrouw, zoals dat in die tijd ging. Maar in mijn studietijd, toen ik samen met Hans Kamps congressen organiseerde, heb ik met hem afgesproken om nog eens voor onszelf te beginnen. Maar ja, dat kun je wel zeggen, maar dan moet er nog wel iets langskomen.'

Dat 'iets' kwam voor De Boer op Curaçao: 'Daar heb ik voor toenmalig minister Jan de Koning de economische argumentatie geschreven voor het openhouden van de raffinaderij van Shell daar. Die twee woorden van Jan de Koning, economische argumentatie, bleven enorm in mijn geest haken. Dáár zitten mensen om te springen, dacht ik. Dat je een plan hebt en wilt weten of het kan en onder welke voorwaarden. Daar heb ik toen samen met Hans Kamps een formule van gemaakt en dat bureau hebben we na een aantal jaar aan KPMG verkocht.'

 

U vond alleen ondernemen te beperkt, dat u daarna voorzitter werd van een ­werk­geversorganisatie?

'Nou, toen ik mijn bedrijf had verkocht had ik een concurrentiebeding. Dus dat voorzitterschap van MKB-Nederland kwam me eigenlijk heel goed uit. Maar los daarvan, ik vind het heel mooi om op dat grensvlak tussen publiek en privaat te opereren. Ik ben ook altijd op zoek naar die combinatie.

Daarom ben ik ­bijvoorbeeld een aantal jaar geleden ook met de Vakcolleges gestart. Dat zijn combinaties van de oude lts en mts en daar hebben we een franchiseformule van gemaakt. Heel vernieuwend, er zijn er nu honderd van in Nederland. Toen het zo groot werd, is USG People er voor 80 procent aandeelhouder in geworden.

Jammer genoeg wekt dat ook weerstand op. In Nederland wil men in zo'n domein als onderwijs eigenlijk geen beursgenoteerd fonds zien. Maar zoiets vind ik nou juist geinig.'

'Ik zie veel mogelijkheden om de technieken uit de markt los te laten op het publieke domein. Ik denk dan: of de kat nou wit of zwart is, als hij maar muizen vangt! Dus als er straks een particuliere club opstaat die de politiemacht veel beter en effectiever en plezieriger voor de mensen op kan zetten, zou ik zeggen: 'Kom maar op'. Maar dat wil Nederland niet. Er zijn heel veel burgers en politici die dat eng vinden en daar afstand van nemen.'

 

Hoe kijkt u terug op uw ervaringen tot nu toe met de politiek en de polder?

'De economie en de samenleving kunnen niet zonder structuren. Het is nu heel bon ton om je af te zetten tegen van alles en nog wat. De politiek deugt niet, het kabinet bestaat uit zakkenvullers, de polder is naatje: het is allemaal niks in de publieke opinie. Maar ja, je kunt wel vrije verkiezingen hebben, vervolgens heb je toch structuren nodig waarbinnen alles zijn weg vindt. Daar hoort in Nederland de polder bij. Die moet je dus niet afserveren, maar het kan soms wel wat slagvaardiger.'

'Ik was destijds bijvoorbeeld betrokken bij het SER-advies over allochtonen. Dan zitten daar allemaal doctorandussen punten en komma's te verschuiven. Maar je kunt elkaar wel voor rotte vis gaan uitmaken, uiteindelijk willen we in de basis hetzelfde, namelijk ook allochtonen een baan gunnen. Daarom was ik op een gegeven moment het geklets wel een beetje zat. Toen zijn we gestart met het allochtonenconvenant: gewoon praktisch aan de slag om allochtonen aan werk te helpen. Dat creëerde wel wat verwarring: de Doekles en Lodewijks van deze wereld wisten eigenlijk niet goed wat ze met me aan moesten. Maar zó moet de polder werken, na het praten, moet er altijd iets achteraan komen.'

 

U laat zich niet afschrikken door de stroperigheid van het politieke proces?

'Nee, en als het te erg wordt, zal ik proberen er via een gevatte opmerking een beetje beweging in te krijgen. Trouwens, wie wil er nu stroperig zijn? Dat is geen inherente eigenschap van mensen. Je moet alleen af en toe zeggen: En nu weer even allemaal gewoon doen met elkaar.'

Wie is Hans de Boer?Hans de Boer (59) werd geboren in Oostdongeradeel. In Amsterdam studeerde hij Economie aan de Vrije Universiteit. Na zijn studie ging hij aan de slag bij het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven. Vier jaar later werd hij beleidsadviseur van de regering op de Nederlandse Antillen. In opdracht van toenmalig minister Jan de Koning ging hij in 1985 op zoek naar de economische argumentatie voor het openhouden van de raffinaderij op Curaçao.
Terug in Nederland richtte hij – samen met studievriend Hans Kamps – het Bureau voor Economische Argumentatie op, dat hij acht jaar later verkocht aan KPMG.
Van 1997 tot 2003 was Hans de Boer voorzitter van MKB-Nederland. Sindsdien is hij ondernemer, commissaris en adviseur bij diverse organisaties. Ook was hij voorzitter van de Taskforce Jeugdwerkloosheid, lid van het Innovatie­platform en initiatiefnemer van Vakcolleges, een keten van moderne ambachtsscholen.De Boer is getrouwd en heeft twee kinderen.

Dit artikel komt uit de print Forum