Duurzaam architect Thomas Rau: 'Ik ben een terrorist'

Onbegrepen, uitgelachen. Thomas Rau voelde zich lang niet serieus genomen als architect. Duurzame bouw was onzin, werd gezegd. 'Je denkt toch niet dat ik me daardoor laat ontmoedigen? Ik ga de wereld op zijn kop zetten.'


Het is doodstil op het architectenbureau van Thomas Rau. Je durft er bijna niet harder te praten dan op een zachte fluistertoon. Alleen het geluid van aanslagen op een toetsenbord is er te horen. En af en toe waait er wat straatgeluid binnen door een open raam. Alsof je zojuist een bibliotheek bent binnengestapt. Hier worden de duurzame gebouwen ontworpen waarmee de Duitser Rau in de duurzame top-100 van het dagblad Trouw belandde. Al twee jaar staat hij daar op plaats 26. Als enige architect. Hij is de man achter het kantoor van de Triodosbank en het verbouwde hoofdkwartier van het Wereld Natuurfonds in Zeist. Daarmee won hij prijzen en het bezorgde hem de nodige bekendheid.

Rau praat geconcentreerd, zacht met een licht Duits accent. Langzaam buigt hij voorover op zijn stoel, en zegt: 'Ik ben een terrorist.' Plop, meteen schiet zijn bureaustoel weer achterover. De vingertoppen tikken op tafel. Dat gebeurt vaker tijdens het gesprek: een provocerende uitspraak doen en kijken wat er gebeurt. 'Ik ben een terrorist', herhaalt hij, 'van binnenuit.'

Meneer Rau, dat mag u uitleggen.

'Ik provoceer, confronteer. Om mezelf en mensen om me heen te laten nadenken. Te laten zien dat als je vanuit een ander perspectief kijkt, je omgeving er heel anders uitziet. Dat je de dingen dan ook heel anders kunt aanpakken. Als een terrorist van binnenuit: niet met geweld de wereld veranderen, maar zelf dingen doen en in beweging zetten.'

 

Wat wilt u als architect dan in beweging zetten?
'Ik heb als eerste in Nederland Philips gebeld en gezegd: 'Ik ben niet geïnteresseerd in lampen, alleen in licht. Ik betaal alleen voor het licht. De lamp blijft eigendom van jullie, die hoef ik niet.' Ik ben ervan overtuigd dat in de toekomst niemand meer eigenaar is van gebouwen en spullen. We gebruiken ze alleen. Op kantoor werk ik dus al zo. Ik huur lichturen van Philips en dat dwingt het bedrijf ertoe een lamp zo produceren dat ze de onderdelen straks opnieuw kunnen gebruiken. Wat voor lichturen geldt, geldt ook voor de rest hier op kantoor: alles wat hier staat, van de stoelen tot de vloerbedekking, is niet van mij. Ik wil daar niets mee te maken hebben. Dat is dé nieuwe niche. Ik ga de wereld daarmee helemaal op zijn kop zetten.'

Toe maar, dat is nogal een ambitie.
'Niets is te groot. De geschiedenis laat zowel in positieve als in negatieve zin zien: er is maar één mens nodig om de dingen volledig op zijn kop te zetten. Kijk maar naar Gandhi. Die heeft in zijn eentje waanzinnig veel bereikt.'

 

'Ik heb veel scepsis ontmoet, tegenstand, aversie, soms zelfs agressie. Je denkt toch niet dat ik me daardoor laat ontmoedigen?' Even valt Rau stil. Dan: 'Ik heb heel veel tegenwind gehad in mijn leven. Tegenwind laat de vlieger stijgen. Ook de mijne.'

U geniet van die tegenstand.
'Ja, en? Ik geloof in de dingen die ik doe. Ik krijg niet altijd gelijk en zeker niet op korte termijn, maar er ontstaat altijd iets nieuws. Weet je, ze hebben me vroeger uitgelachen. Letterlijk. Waar is die jongen in godsnaam mee bezig? Maar ondertussen is duurzaamheid dus wel mooi mainstream geworden.' In staccato: 'Vol-ko-men ge-ac-cep-teerd. De wereld is ongelooflijk veranderd.'

 

Rau (51) groeide op in het naoorlogse Duitsland. In Gummersbach, zo'n 50 kilometer ten oosten van Keulen. De ravage van de bombardementen was grotendeels opgeruimd, maar de sporen van de oorlog waren ook in de jaren zestig nog goed zichtbaar. Letterlijk, maar ook maatschappelijk. Vooral in de studentenbeweging ontstond steeds meer onvrede. Ook over - in haar ogen - de ontkenning of verdringing door de naoorlogse generatie van schuld aan de nationaalsocialistische misdaden. Thuis bij Rau werd er niet over de oorlog gepraat. 'Zelfs niet op school. De hele periode 1934-1945 was als het ware uit de geschiedenisboekjes gescheurd. Ik ben wel zelf op onderzoek uitgegaan om erachter te komen wat er nu eigenlijk was gebeurd.' Het was ook de tijd van de opkomst van de Rote Armee Fraktion (RAF). Die maakte indruk op Rau. Vanwege het verzet tegen het kapitalisme, tegen 'het systeem'. Daar had hij wel sympathie voor. Alleen niet voor de manier waarop de RAF dat er gewelddadig doorheen probeerde te drukken. 'Dat stond me tegen.' Zelf was hij ook 'helemaal klaar met het systeem'. Hij provoceerde de directeur en leraren op zijn middelbare school. Tot aan zijn eindexamen toe. In plaats van zijn tentamen natuurkunde te maken, besloot Rau een kritisch rapport te schrijven over zijn school en het onderwijssysteem. We worden gemanipuleerd, schreef hij, het systeem deugt van geen kanten. 'Ik stond er tot dan heel goed voor, maar met deze actie heb ik mijn eindexamen echt verkloot. Jammer dan: ik wilde er niets meer mee te maken hebben.'

Dat was uw verzet tegen de oorlogsgeneratie?

'Ik heb een heel ernstig ongeluk gehad toen ik een jaar of 10 was. We zaten thuis te barbecueën en ik zou het vuurtje een beetje opstoken. Toen ik de inhoud van een jerrycan erover heen wilde gooien, explodeerde die in mijn handen. Vanaf mijn middel naar beneden ben ik helemaal verbrand. Een jaar lang heb ik in bed gelegen. Het vocht druppelde uit mijn lijf en ik had zo ongelooflijk veel pijn. Terwijl ik daar op dat bed lag, dacht ik echt: ik ga dood. Mijn moeder zegt altijd dat ik na het ongeluk haar vierde kind was. We waren met zijn drieën thuis, maar ik was zo veranderd qua persoon. Sindsdien ben ik altijd een beetje een outsider geweest. Was als kind met hele andere dingen bezig dan mijn leeftijdgenoten. Altijd op zoek naar iets dat buiten de fysieke wereld lag, naar wie ik ben. Op dat moment heb ik besloten: ik stap uit het systeem.'

Dat klinkt nog steeds als 'ongeleid projectiel'.
'Misschien wel ja. Ik ben me vaak kapot geschrokken van het systeem. Van wat mensen daar van maken. Mijn vervangende dienstplicht heb ik vervuld in een gezinsvervangend tehuis. Allemaal moeilijk opvoedbare kinderen, net als ik. Kinderen van ouders die hun leven niet op orde konden krijgen. Ik heb me daar aldoor afgevraagd: wie heeft hier nou therapie nodig? Die ouders of die kinderen?'

 

'De directeur daar knokte voor 'zijn' Heimkinder. Hij was er zelf een geweest en wist wat het betekende. Prachtig. Tot bleek dat hij ook een duistere kant had. Ik was radeloos. Dit systeem deugt niet, dit is niet wat ik wil.'

'Ineens droomde ik dat ik architect zou worden. Ik heb altijd mijn intuïtie gevolgd, al wist ik vaak niet waarom. Toen ook. Ik ben opgestaan en heb besloten: ik word architect.'

 

Helemaal zonder slag of stoot ging dat niet vanwege zijn slechte eindexamen. Bovendien sprak het systeem van de opleiding hem niet aan. 'Te technocratisch: wel bezig zijn met dingen maken voor de mens, zonder een idee te hebben wie de mens nou eigenlijk is.'

En? Wie is de mens Rau dan?
'Dat weet ik nog niet. Ik ben enorm benieuwd naar wie ik eigenlijk wil zijn. Daar ben ik nog mee bezig. Ik weet wel wat ik belangrijk vind. Vrijheid is één van die dingen. Dat is het allergrootste goed dat we hebben. Alles wat mensen niet uit vrijheid doen, heeft nauwelijks waarde. Dan kun je het beter laten. Zo werk ik, zo ga ik met anderen om.'

 

'Ik laat me niet voor een karretje spannen. Daarom werk ik ook niet voor sommige projectontwikkelaars. Als hun ambitieniveau op het gebied van duurzaamheid me niet hoog genoeg is, ga ik ze niet bedienen.'

Kunt u zich dat veroorloven? De schoorsteen moet toch roken.
'Ja, ik heb de vrijheid om die keuze te maken. Desnoods sluit ik mijn bureau. Ik heb nog meer ondernemingen, dus werk zat. Maar als het betekent dat ik schoenen moet gaan poetsen, dan doe ik dat. Mijn vrouw en ik zeggen altijd: als we maar genoeg hebben voor een VW-busje. Meer hebben we niet nodig.'

 

Thomas Rau
1960 Geboren in Gummersbach, Duitsland
1979 Pedagogiek, Bonn
1982 Pedagogisch medewerker
1983 Technische Universiteit Aken, architectuur
1985 Kunstacademie, Bonn
1989 Architect bij verschillen bureaus in Amsterdam
1992 Oprichting RAU Architecten, directeur-eigenaar
2008 Oprichting Oneplanet Architecture Institute
2010 Oprichting Turntoo
Thomas Rau is getrouwd en heeft 3 kinderen

 

Drie stellingen
Hebzucht is goed
'Absoluut niet. In Tibet heb ik geleerd: je hebt niets nodig om een voldaan leven te leiden. We komen met niets, we gaan met niets en tussendoor is er ook niets. En dat werkt. Hebben leidt alleen maar af.
Wie niet in staat is een fout te maken, is tot niets in staat
'Dat klopt. Ik heb enorm geblunderd in mijn leven en geleerd: er is altijd een nieuw begin. Wat er ook gebeurt, je kunt de dingen de volgende keer anders doen. Die vrijheid heb je en daar groei je van.'
Duurzaam is een uitgehold begrip
'Met duurzaamheid wordt vaak niet meer bedoeld dan de condoompjes die we over onze activiteiten trekken. Dat is green washen. Het betekent niets. Waar duurzaamheid om gaat, gaat veel verder: we zijn niet langer gastheer op aarde, maar gast.'

 

 

Dit artikel komt uit de print Forum