‘In het buitenland kun je grotere stappen maken’

Ondernemers laten nog geld liggen: in het buitenland valt prima zaken te doen. Hoe vergaat het de ondernemers die de stap al waagden? ‘In Nederland beland je sneller in een sleur.’




Klaas de Groot, Arcadis (Infrastructuur, water, milieu)

‘Voor veel landen is de Nederlandse aanpak nieuw’

‘In veel landen duurt het even voor je vertrouwen hebt. Maar als dat zo is, dan kun je er grotere stappen zetten dan in Nederland.’ Klaas de Groot werkt als senior adviseur en business developer bij ARCADIS, een bedrijf met onder meer expertise op het gebied van watermanagement, met kantoren in ruim veertig landen en projecten verspreid over bijna de hele wereld. Soms worden die gefinancierd met lokaal geld, maar soms ook met geld van onze eigen ministeries van buitenlandse zaken of van infrastructuur en milieu. De Groot vindt de dynamiek van het werken in het buitenland erg inspirerend. ‘In Nederland beland je sneller in een sleur.’ Bovendien kan hij met die grote stappen echt iets bijdragen. ‘Het geeft een goed gevoel als je de kans krijgt de wereld wat beter maken.’

Elke context vraagt om een andere aanpak. In Myanmar dacht ARCADIS in opdracht van de Nederlandse overheid mee over een nationale waterstrategie. Een interessante uitdaging vond De Groot. ‘Aziaten zijn minder uitgesproken dan Nederlanders, dus je moet omzichtiger communiceren.’ Maar niet alleen cultuurverschillen spelen een rol: ‘In Colombia opereren we in een ander politiek krachtenveld dan in Nederland. We luisteren daarom goed naar Colombiaanse collega’s. Alleen dan kun je iedereen op een goede manier bij de projecten betrekken.’ Want dat laatste is volgens De Groot waarin Nederlands watermanagement zich onderscheidt van andere landen. ‘Voor veel landen is de Nederlandse aanpak nieuw. Ook anderen kunnen een brug of dam aanleggen. Vaak goedkoper dan wij. Onze meerwaarde ligt in hoe we een besluitvormingsproces ingaan, de juiste mensen betrekken en rekening houden met ecologische, sociale en institutionele aspecten. Het geheel moet elkaar goed aanvullen.’

Populair
En die aanpak werpt zijn vruchten af. Vaak merkt De Groot dat projecten tot nieuwe opdrachten leiden. ‘In Colombia werkten we aan een ‘ruimte voor de rivier’ project, om de kans op overstromingen te verkleinen. Inmiddels denken we nu ook mee over het optimaliseren van transport over water en steunen we de overheid bij een masterplan op het gebied van kustbeheer.’

Wereldwijd werken, het klinkt aantrekkelijk. Maar ARCADIS stapt nooit zomaar in een project. ‘Belangrijk is en : kunnen we er veilig werken? Is het land betrouwbaar? Hoe zit het met transparantie? Weten we zeker dat we betaald worden? Ook hebben we onze . Daar moeten partijen aan voldoen.’

Voorlopig ziet De Groot echter nog veel mogelijkheden. ‘We willen wereldleider zijn en als center of expertise Nederlandse kennis en technologie naar buiten brengen’, vertelt hij enthousiast. De Nederlandse overheid steunt die ambitie van harte. ‘Nederlandse ministeries en ambassades proberen overal markten voor Nederlandse bedrijven te openen. Niet alleen op het gebied van water, maar ook voor andere kennisvelden waarin Nederland toegevoegde waarde heeft. Daar ben ik heel enthousiast over.’





Maurits Teunissen, Styleshoots (Kledingfotografie)

‘China was een groot vraagteken’

China is een van de snelst groeiende economieën ter wereld. Nederland organiseert er regelmatig handelsmissies. Styleshoots was een van de bedrijven die afgelopen voorjaar met zo’n missie meeging. Een bedrijf dat ‘de wereld van kledingfotografie voor internet totaal veranderd heeft,’ volgens directeur Maurits Teunissen. Styleshoots ontwikkelde apparatuur waarmee kleding binnen 60 seconden loepzuiver gefotografeerd en vervolgens aantrekkelijk op internet gepresenteerd wordt. ‘Een tijdwinst van soms wel twee uur, in vergelijking met de traditionele manier van fotograferen en nabewerken,’ aldus Teunissen. In januari 2012 maakte het bedrijf een vliegende start en zette dat jaar al miljoenen om. Sindsdien ging het hard. Zalando en Marks & Spencer maken gebruik van de apparatuur naast klanten in Duitsland, Denemarken en Turkije.

‘In Europa gaat het lekker. Maar we zijn benieuwd naar China,’ vertelt Teunissen. ‘De belangrijkste textielschuren voor het Westen zitten er. Die hebben baat bij goede samplefotografie. Bovendien is er een hard werkende middenklasse ontstaan. Die shopt vooral op internet. En daar moeten goede foto’s op staan.’ Styleshoots diende daarom een aanvraag in bij het Oranje Handelsmissiefonds, een samenwerkingsverband van ING, KLM, het ministerie van Buitenlandse Zaken en MKB-Nederland. Elk jaar steunt het fonds tien geselecteerde bedrijven bij het realiseren van exportambities. En zo zag Teunissen zichzelf in gezelschap van minister Ploumen, in China uitleggen wat Styleshoots te bieden heeft.

Een bijzondere ervaring. ‘China was een groot vraagteken. Het is anders dan elk ander land waar ik werkte. Er is bijvoorbeeld een geleide economie. Als je er handel drijft, moet je ook iets met staatsrelaties’. Niet alleen het land, ook de inwoners verbaasden Teunissen. ‘Ze zijn allemaal even vriendelijk en lachen allemaal. Maar ik kan ze niet doorgronden. Als je me vraagt of ik nu weet hoe de Chinezen in elkaar zitten, moet ik ‘nee’ tegen je zeggen’.

Cachet
Toch is Teunissen door de handelsmissie alleen maar enthousiaster geworden. ‘De handelsmissie was een goede . De aanwezigheid van de minister gaf de missie bovendien cachet.’ De volgende reis naar China, deze keer op eigen gelegenheid, staat alweer gepland. Vooral om contacten en afspraken opvolging te geven, vertelt Teunissen. Hoewel de overheid er deze reis niet bij is, zal Teunissen nog steeds gebruik maken van haar expertise.

‘We komen dilemma’s tegen. Is bijvoorbeeld het Nederlandse handelsrecht van toepassing of het Chinese? Hoe is de aansprakelijkheid geregeld en is de certificering van onze technologie in China ook geldig? Bovendien heeft China in sommige gevallen importblokkades,’ aldus Teunissen. Voor het laatste probleem biedt het Nederlandse consulaat in Shanghai soelaas. ‘Het consulaat maakt ons wegwijs in , waarmee import betaalbaar blijft.’

Zo gaat Teunissen steeds nieuwe uitdagingen aan. ‘Zaken doen in China heeft tijd nodig. Ik maak me geen illusie dat ik in januari terugkom met een grote tas met opdrachten. Maar het is niet onmogelijk.’





Carlien Helmink, Studio Jux (Duurame Mode)

‘Een deadline wordt in Nepal heel anders opgevat’

‘JUX, van de uitdrukking Jux und Tolerei, betekent plezier maken. Dat willen wij. Niet alleen voor onszelf, maar óók voor onze werknemers in Nepal,’ vertelt Carlien Helmink enthousiast. Samen met modeontwerpster Jitske Lundgren runt ze een kledingatelier in Nepal. De ontwerpen worden gemaakt van duurzame stoffen die het tweetal overal ter wereld opduikt. In Nepal liggen veel kansen voor modeproductie aldus Helmink. Van oudsher had het land een grote kledingindustrie, maar sinds de guerrilla-oorlog staan fabrieken en machines er verlaten bij. Interessant voor buitenlandse producenten zoals Helmink en Lundgren.

Inmiddels bestaat JUX vijf jaar. ‘Het loopt uitstekend. Onze kleding is verkrijgbaar in zestig winkels, waarvan Wehkamp voor Nederlanders het bekendst is.’ De kleding wordt verkocht in veertien landen, maar vooral in Nederland en Duitsland. Behalve in Nepal is er ook een atelier in Portugal, om ‘duurzame stof uit Europa niet naar Nepal te hoeven vliegen.’ Een mooi resultaat na vijf jaar, maar om zover te komen heeft Studio JUX flink geïnvesteerd in onderzoek naar duurzame stoffen. ‘Het geeft ons een frontrunner-positie ten opzichte van andere duurzame modeproducenten. Steeds meer modelabels willen via ons produceren.’ Studio JUX kreeg in het afgelopen jaar meerdere steuntjes in de rug. JUX won de Green Fashion Award in 2012. Een geldprijs van 25.000 euro voor duurzame mode. De award is een gezamenlijk initiatief van het ministerie van Economische Zaken en Amsterdam Fashion Week. Ook won Studio JUX eerder een exportsubsidie naar Japan, verstrekt door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en is het momenteel samen met andere kledingmerken de Duitse markt aan het betreden via partners van het business programma, ook van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

niet voortrekken
Studio JUX heeft behalve aandacht voor milieu ook zorg voor mensen. ‘Nepalese fabriekseigenaren zijn verbaasd over onze lage doorstroom. Maar wij betalen een maandloon en geen stukloon. Dat geeft onze medewerkers veel meer zekerheid.’ Bovendien heeft oprichter Jitske Lundgren vier jaar in Nepal gewoond en er de fabriek samen met een vrouwelijke Nepalese manager gerund. Het heeft geresulteerd in veel vertrouwen van de werknemers. ‘Ze voelen zich bij ons thuis,’ vertelt Helmink trots. Enthousiast verhaalt ze over de sieradenlijn van studio JUX, die gemaakt wordt door alleenstaande en ongeschoolde Nepalese vrouwen. Ze kunnen zo voorzien in hun bestaan. Toch zit er een grens aan de mate waarin JUX anderen kan helpen. ‘Een broertje van onze accountant heeft reuma. Maar veel mensen zijn hier hulpbehoevend of kennen anderen die dat zijn. Hoewel we hem willen helpen, is het toch een werkgevers-werknemersrelatie. We kunnen geen mensen voortrekken.’

Behalve het verschil in welvaart komt Helmink ook cultuurverschillen tegen. ‘Een deadline wordt in Nepal heel anders opgevat dan bij ons, dus inmiddels zetten we die wat vroeger. Ook hebben we het personeel getraind om ze de kwaliteit te laten leveren waar we naar zoeken. Uiteindelijk vinden we overal een oplossing voor.’
Dit artikel komt uit de print Forum