Zoveel mogelijk echte banen? Tijd voor evaluatie inbesteden

11-06-2019

Minister Asscher (PvdA) wilde 'zoveel mogelijk echte banen', toen hij in 2015 besloot om voortaan schoonmaakdiensten door de Rijksoverheid zélf te laten uitvoeren. Wat schoonmaakbedrijven tot dan toe naar tevredenheid hadden gedaan, moest voortaan worden inbesteed. Hiermee wilde Asscher wat doen aan de 'zwakke positie' van werknemers in de schoonmaakbranche. Hun arbeidsvoorwaarden moesten beter, schreef hij destijds aan de Kamer, zodat ze 'tevreden werknemers' zouden zijn.

 

Frustrerend

Voor de schoonmaakbedrijven was dat besluit ronduit frustrerend. Zij raakten de Rijksoverheid, een grote klant, kwijt. Boden zij hun mensen dan geen 'echte banen'? En waren de arbeidsvoorwaarden dan echt zo slecht? Dát viel te bezien, want 80 tot 90 procent van hun mensen werkten al in vaste dienst. Maar ze hadden het nakijken toen Asschers politieke retoriek werd omgezet in daden. Inmiddels zijn we vier jaar verder en wordt het volgens mij hoogtijd om de Rijksschoonmaakdienst te evalueren.

 

Op kosten gejaagd

Want waar ik razend nieuwsgierig naar ben: hebben werknemers het in overheidsdienst echt zoveel beter gekregen, of is vooral de maatschappij op kosten gejaagd? De inbesteding is, door het gebrek aan ervaring bij het Rijk, immers duurder dan het uitbesteden aan professionele bedrijven. Positief is dat we momenteel stappen zetten met overheden om een dialoog over inbestedingen (ook in andere sectoren zoals afval, beveiliging en de zorg) op gang te brengen, zodat onnodige inbestedingen in de toekomst niet meer voorkomen.

 

Vaste banen

Feit is dat de schoonmaakbedrijven er momenteel prima op staan: 91 procent van de banen bij schoonmaakbedrijven zijn vast, bij driekwart gaat het dan om een contract voor onbepaalde tijd. En de laagste salarissen in de schoonmaak liggen een kwart boven het wettelijk minimumloon. Bovendien bieden veel bedrijven hun werknemers opleidingen of indien gewenst cursussen Nederlands.

 

Inbesteden? Nee, anders oplossen

Tijd voor een evaluatie dus. Waaruit zeer waarschijnlijk blijkt dat de overheid dit ook anders had kunnen oplossen als het eerder in gesprek was gegaan met de schoonmaakbranche. Bijvoorbeeld via slim inkoopbeleid eisen te stellen. Want in gezamenlijkheid ligt de oplossing. 

 

Mariet Feenstra, beleidssecretaris mededinging