Woningtekort oplossen? Dat begint met extra bouwlocaties

25-04-2018

Worden er in Nederland genoeg huizen bijgebouwd om het huidige en toekomstige woningtekort op te vangen? Over die vraag buigt de Tweede Kamer zich vandaag. Op het eerste gezicht lijkt het kabinet op de goede weg. Volgens verantwoordelijk minister Ollongren is het versnellen en vergroten van de bouwproductie een belangrijke prioriteit. Die toezegging is dus alvast binnen.

 

Op papier genoeg bouwlocaties

Nog meer goed nieuws lijkt het vorige week verschenen rapport ‘Inventarisatie Plancapaciteit’ in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Daarin staat dat de plancapaciteit op papier groter is dan de toekomstige vraag naar woningen. Plancapaciteit betekent dat provincies en gemeenten genoeg plekken hebben die in een bestemmingsplan zijn aangewezen als bouwlocatie.

 

Helft plannen heeft lage overlevingskans

Plancapaciteit is echter iets anders dan woningbouwprojecten die daadwerkelijk worden opgeleverd. Uit onderzoek in de provincie Noord-Holland weten we dat ruwweg de helft van deze plannen tot uitvoering komt. De andere helft heeft een beperkte tot lage overlevingskans. Plannen die uiteindelijk bij voornemens blijven. Gemeenten hebben dus meer plancapaciteit, tot zo’n 120%, nodig om te komen tot ‘harde’ bouwlocaties om te voorkomen dat de spanning op de woningmarkt verder oploopt.

 

Woningtekort al groot

En die spanning is nu al groot. Anno 2018 is het woningtekort al opgelopen tot zo’n 200.000 woningen. Diverse groepen hebben nu al weinig te kiezen op de woningmarkt. Zo kunnen starters die te veel verdienen voor een sociale huurwoning, geen huis kopen. Huishoudens met een middeninkomen die nu in een sociale huurwoning zitten, kunnen geen geschikte woning vinden in het vrije huur- of koopsegment. Door de crisis, het ingrijpende woningmarktbeleid en bezuinigingen is jarenlang te weinig gebouwd.

 

Miljoen extra woningen nodig

De bevolking blijft doorgroeien, waardoor we tot en met 2030 een miljoen woningen nodig hebben. Die behoefte is het grootst op plekken waar het al druk is. Dat betekent dat er meer bouwlocaties moeten komen voor juist die gebieden. Behalve naar bouwmogelijkheden binnen de stad moeten we daarbij ook kijken naar de randen van de stad. Dit concludeerde ook het Planbureau voor de Leefomgeving begin 2017. Het Planbureau berekende dat in het hoge groeiscenario slechts 35 procent gerealiseerd kan worden binnen de bestaande bebouwing. Dat betekent dat we op sommige plekken echt in het groen moeten bouwen.

 

Mensen willen huis met tuin

Dat sluit ook aan bij de woonwensen van de burgers. We zien te vaak dat gemeenten de woningbouwopgave alleen kwantitatief bekijken. Zeventig procent van de huishoudens wil een huis met een tuin. Bij binnenstedelijke projecten, zeker waarbij gesaneerd of uitgekocht moet worden, is dat vaak niet haalbaar. Er zijn dan namelijk veel appartementen nodig om het project financieel sluitend te maken.

 

Minister moet woningbouwplannen versnellen

De minister werkt momenteel aan wetgeving om onnodige lucht uit procedures te persen, hiermee winnen we een half jaar tijd. Daarnaast gaat de minister het land in om regionale afspraken te maken over het versnellen van woningbouwplannen. Daarbij zal ze soms op haar strepen moeten gaan staan. Zodat we in de toekomst geen luchtkastelen bouwen maar duurzame huizen die voldoen aan de woonwensen van onze burgers. 

 

Maxime Verhagen, voorzitter Bouwend Nederland

Hans de Boer, voorzitter VNO-NCW