Test op regeldruk vooraf goed idee

02-06-2016

Ondernemers hebben een broertje dood aan regeldruk – alle verplichtingen die voortkomen uit regelgeving. Ook de Nederlandse overheid is daarvan al langer doordrongen. Ze werkt inmiddels al decennia aan oplossingen om de regeldruk te verminderen. Maar desondanks valt er ook nu nog veel te verbeteren.

Ambitieus plan
Ik heb even zitten terugbladeren in de archieven. En wat blijkt? Het is alweer 22 jaar geleden dat toenmalig EZ-staatssecretaris Anneke van Dok haar eerste plan voor de aanpak van de regeldruk presenteerde. Het was een ambitieus plan: tot 2002 moest 25 procent van de regels worden geschrapt. Of die doelstelling het gevolg was van een overmaat aan optimisme, laat ik in het midden. Maar uiteindelijk bleef de reductie steken op een schamele 6 procent. Ook de kabinetten die volgden, hadden de grootst mogelijke moeite om hun doelen te halen. Ik kan maar één conclusie trekken: de strijd tegen de regeldruk is ook nu, 22 jaar later, nog steeds niet gestreden.

Impact assessments
Tot nu toe richt de overheid de pijlen vooral op het snoeien in bestaande regels. Nuttig. Maar wel achteraf, als ondernemers de pijn van de regels al volop voelen. En zie dan nog maar eens iets te veranderen. De afgelopen jaren werd al eens vaker geopperd om vooraf te kijken of regels wel echt nodig zijn. Maar het kwam er niet van. Jan ten Hoopen, voorzitter van regelwaakhond Actal, pleitte deze week voor het toepassen van impact assessments voor nieuwe regels. De toets waarvoor Ten Hoopen pleit, moet duidelijk in beeld brengen wat de gevolgen van de regels zijn, óók voor ondernemers. Daarbij maakt het wat hem betreft niet uit of het gaat om voorstellen van de Nederlandse overheid of van de Europese Unie. In beide gevallen geldt: pas als nieuwe regels de test op toegevoegde waarde voor de maatschappij hebben overleefd, mogen ze worden ingevoerd. In het Verenigd Koninkrijk heeft deze aanpak zich al bewezen. Ik verwacht er dan ook veel van.

Onafhankelijke instantie
Het is de bedoeling dat de impact assessments worden opgesteld door het verantwoordelijke ministerie. Dat lijkt me een goede zaak. Voordeel van deze manier van werken is dat dit ministerie direct zicht heeft op het effect en de naleefbaarheid van de wet- en regelgeving. En als dat nodig is de regels kan bijstellen, zodat deze (nog) beter aansluiten op de praktijk. Van groot belang is dat er een onafhankelijke instantie komt die een stevige vinger aan de pols houdt. Zodat we zeker weten dat regels er alleen komen als deze echt nodig zijn.

Emile Rodenhuis
secretaris beleidsteam Regelgeving, Marktwerking en Consumentenbeleid