Samenwerking politie en bedrijfsleven tegen ondermijning komt niet vanzelf

12-03-2019

Ondermijning is een veelkoppig monster. De vermenging van onder- en bovenwereld leidt ertoe dat bedrijven ongewild bij criminele activiteiten worden betrokken. Denk aan makelaars, notarissen, horeca, energiebedrijven en vervoerders. Of criminelen infiltreren als werknemer in een bedrijf. Branches kunnen ook worden gebruikt voor witwaspraktijken. Dat is al gebeurd met belwinkels, autoverhuurders, ijszaken, bruidsmodezaken, horeca, kapperszaken en nagel- en zonnestudio’s. 

 

Informatie delen

De aanpak van ondermijning is hoog nodig. Politie en justitie moeten de samenwerking aangaan met het bedrijfsleven. Zij moeten actief informatie over – mogelijke – criminele activiteiten met elkaar delen. Als een ondernemer twijfelt aan de bedoelingen van een potentiële klant of investeerder, zou de politie hierover kunnen informeren. Ondernemers op hun beurt houden de politie op de hoogte van verdachte zaken.

 

Vertrouwen herstellen

Die samenwerking niet vanzelf tot stand. Partijen hebben andere belangen en prioriteiten, en spreken een andere taal. In de loop der jaren is op veel plekken netwerk verdwenen en het vertrouwen in elkaar afgenomen, zo heb ik gemerkt. Er is geld nodig om dat te herstellen. Een deel van de 100 miljoen euro die minister Grapperhaus heeft uitgetrokken voor de aanpak van ondermijning, moet hieraan worden besteed.

 

Privacy criminelen? 

Daarnaast mag de privacy van criminelen niet boven die van niet-criminelen gaan. De overheid moet het mogelijk maken om gegevens over criminaliteit te delen over bedrijfssectoren heen, zonder dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) vooraf toestemming moet geven. Zoals in Groot-Brittannië het geval is. Onze AP deinst daar nog voor terug. De oprukkende ondermijning staat dat niet meer toe. 

 

Els Prins

Beleidssecretaris criminaliteit