Ook Nederland moet een 'Vriend van de Industrie' worden

17-05-2017

Soms maken we onszelf kleiner dan we daadwerkelijk zijn. Wie is bijvoorbeeld de industriële grootmacht van de wereld? U denkt aan China? Of misschien de Verenigde Staten? Twee keer mis, want Europa steekt met kop en schouders boven beide uit als het gaat om het aandeel in de totale toegevoegde waarde van de industrie wereldwijd. Die is bij ons namelijk 28 procent, terwijl China het met 20 procent moet doen en de VS met 18 procent. De Europese industrie mag er dus zijn, maar heeft tegelijkertijd redenen om op z'n tellen te passen. Zo blijven de investeringen in de Europese industrie, ook in onderzoek en ontwikkeling, achter. Daar zijn verschillende redenen voor waaronder de sterk versnipperde markt in Europa, de hoge energiekosten voor het bedrijfsleven en de relatief hoge kosten in Europa als gevolg van regulering.

 

'Friends of Industry' 

Niet onbelangrijk dus dat de Europese Commissie volgend jaar met een nieuwe industriestrategie gaat komen. Een strategie die, als het aan een groot aantal EZ-ministers ligt, leidt tot een ambitieus industriebeleid. Deze 'Friends of Industry' zoals ze zichzelf noemen, komen geregeld samen om het onderwerp op de Europese agenda te houden en te praten over de inhoud van het beleid. Vorig jaar in Warschau ging het bijvoorbeeld over de digitalisering van de Europese industrie. Dat leidde tot een gezamenlijke brief aan de Europese Commissie door landen als Duitsland, België, Frankrijk, Luxemburg, Oostenrijk, Italië, Litouwen, Kroatië, Polen, Spanje, Portugal, Roemenië, Tsjechië, Hongarije, Letland, Malta en Slovenië.

 

Gemiste kans 

Mist u ook een belangrijk industrieland in dit rijtje? Inderdaad, Nederland heeft zich niet aangesloten bij de 'Friends of Industry'. Dat vind ik onbegrijpelijk. Tijdens de 'dag van de industrie' sprak de politiek juist vol trots over onze industrie. En terecht. Nederland behoort in sommige sectoren tot de absolute wereldtop. Overheerst bij het kabinet de angst dat het teveel zal gaan om 'ouderwetse industriepolitiek'? Of is het streven om 20 procent van het BBP te verdienen met de industrie de graat in de keel? Hoe dan ook aan de zijlijn te blijven staan is in ieder geval een gemiste kans, want juist ook voor Nederland is het belangrijk om mee te praten over de toekomst van de industrie. Laat het daarom een van de eerste daden van de nieuwe minister van Economische Zaken zijn om zich in Nederland én Europa te laten gelden als 'Vriend van de Industrie'.

 

Thomas Grosfeld

Beleidssecretaris Industrie en Innovatie