Een nationaal frauderegister: het kan en het moet

01-03-2018

4 miljard verdwijnt er jaarlijks in de zakken van fraudeurs – alleen al in Nederland. Een duizelingwekkend bedrag. Dat bedrag, daar doen fraudeurs niet hun boodschappen van. Dat wordt veelal geïnvesteerd in drugshandel, hennepkwekerijen en mensenhandel. Tot zover het slechtste nieuws dat u gaat lezen in deze column. Het goede nieuws is dat daar wat aan gedaan kan worden. En daarvoor moeten we inzoomen op onze overzeese buren van het Verenigde Koninkrijk.

 

Frauderegister Cifas

Daar heeft men zo’n 30 jaar geleden met succes Cifas opgericht, een nationaal frauderegister dat sector-overstijgend is. Banken, verzekeraars, winkelketens: ze doen allemaal mee. Net als de Nationale Ombudsman, die het register scherp in de gaten houdt. Cifas voorkomt zo jaarlijks meer dan een miljard euro aan fraudes. Meer dan de helft van de fraudeurs maakt slachtoffers in meerdere branches en dat is nou juist dat Cifas succesvol tegen kan gaan.

 

Eigen frauderegister

In Nederland zijn we nog lang niet zover. In een aantal branches, zoals de detailhandel en financiële instellingen, werken ondernemers al met zwarte lijsten volgens wettelijke vereisten. Hartstikke handig natuurlijk, maar wat als zo’n fraudeur zich gewoon weer naar een andere sector beweegt? Dan sta je als ondernemer met lege handen. En daarom moet ook Nederland zijn eigen Cifas gaan oprichten, waar elke ondernemer gebruik van kan maken. Want dat komt nu niet van de grond.

 

Privacy

En dat komt door de houding van de Autoriteit Persoonsgegevens. Hoog tijd dus dat de privacywet op dit punt wordt aangepast. De behandeling van de UAVG in de Tweede Kamer biedt daar een uitgelezen mogelijk voor. Gegevens moeten verzameld mogen worden als het doel daarvan is om criminaliteit tegen te gaan. Op vragen als ‘kun je zomaar op zo’n lijst komen’ en ‘kom je er ooit nog van af’: daar heeft het Engelse Cifas antwoorden op. Privacy is een groot goed en het Engelse model laat zien dat dat prima gewaarborgd kan worden. Nu Nederland nog.

 

David de Nood

Beleidssecretaris ICT en privacy