Coronacrisis: houden ondernemersorganisaties het hoofd boven water?

02-04-2020

‘De hulp van brancheorganisaties is belangrijker dan ooit’, zo noteerde de NOS op 18 maart bij monde van ondernemers. Dat is, vanuit mijn professie als directeur zakelijk bij VNO-NCW en MKB-Nederland en als partner bij de Academie voor Verenigingsmanagement, leuk om te lezen. Maar welke betekenis zal de coronacrisis nu echt krijgen voor ondernemersorganisaties? Zal het ons opus magnum blijken of juist een gevaar?

 

Gebrek aan diversiteit 

Nederland kent een fijnmazig systeem bestaande uit enkele honderden verenigingen, met naar schatting een achterban van ruim 200.000 leden. In internationaal perspectief is uniek dat binnen de koepelorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland letterlijk vrijwel alles samenkomt. Daar zitten niet alleen grote brancheorganisaties bij, maar ook veel kleine(re) spelers.

Verenigingen maken net als ieder ander een ontwikkeling door. Al geruime tijd. Een jaar of 10 geleden ging er een schokgolfje door de diverse verenigingen voor ondernemers. De toenmalige premier had zich sceptisch uitgelaten over brancheorganisaties en hen ‘mannen in blauwe pakken’ genoemd. Het ging hem overduidelijk niet over de kledingkeuze vermoed ik, maar meer over het gebrek aan diversiteit en – zoveel was duidelijk uit de context – het gebrek aan écht ondernemersgehalte. Ook sommige ministeries gaven vrij expliciet aan liever met ‘echte’ ondernemers te praten.

 

Fijnmazig netwerk 

In de coronacrisis, maar ook tijdens bijvoorbeeld de problemen rond PFAS, werd – helaas – weer duidelijk dat een fijnmazig netwerk van georganiseerde verenigingen waarde heeft. Daardoor kan snel met de politiek geschakeld worden. De politiek heeft een klankbord, doorgeefluik en aangever tegelijk. Hierdoor winnen we aan effectiviteit. We komen er met zijn allen snel achter wat werkt en wat niet en ondernemers weten snel waar ze wel of niet aan toe zijn. Er kan snel geschakeld worden. Zie bijvoorbeeld de aanvulling op het noodpakket dat afgelopen zaterdag door het kabinet, na één dag, gedaan werd. In landen waar dit netwerk, vaak vanuit de historie, niet bestaat of nog niet goed functioneert gaat dit stroever.

 

Ledenverlies 

Dus ja: de coronacrisis en vooral het beperken van de gevolgen daarvan, wordt het opus magnum van de ondernemersverenigingen. Voor wie niet? Vanzelfsprekend zal dit het hoofdthema zijn bij de komende verkiezingen. Tegelijk is het paradoxale dat de branches die het hardst geraakt worden het meest vrezen voor verlies aan middelen door ledenverlies. Immers: ook verenigingen en stichtingen hebben als werkgever te maken met loonkosten die doorlopen terwijl de inkomsten als gevolg van de coronacrisis terugvallen. In sectoren waarin omzetten van ondernemers terugvallen of zelfs geheel wegvallen, kan dat ook gevolgen hebben voor de omzet – ofwel de (contributie)inkomsten – van brancheorganisaties.

 

Waardevol netwerk 

Gelukkig lijkt het erop dat in de NOW-regeling het begrip ‘omzet’ breed moet worden gelezen, waardoor ook contributies en retributies daaronder vallen. En zo zijn er wellicht meer regelingen waar ondernemersverenigingen een beroep op moeten kunnen doen. Alleen op die manier houden we het zo waardevol gebleken netwerk in stand.

 

Leo de Boer

Directeur zakelijk bij VNO-NCW en MKB-Nederland en partner Academie voor Verenigingsmanagement