Herziening Europees Emissiehandelssysteem na 2020, brief aan staatssecretaris Dijksma van Infrastructuur en Milieu

27-02-2017

Excellentie, beste Sharon,

 

Aanstaande dinsdag 28 februari buigt de Milieuraad zich onder andere over

de voorstellen voor de herziening van het Europees Emissiehandelssysteem

(EU ETS) voor de periode na 2020. CO2-emissiehandel is hét instrument om

Europese reductiedoelstellingen op kostenefficiënte wijze te realiseren.

 

In uw brief van 23 februari aan de Tweede Kamer schrijft u dat voor

Nederland een belangrijk uitgangspunt is om te zorgen dat bedrijfssectoren

met een daadwerkelijk risico op koolstoflekkage afdoende worden

beschermd. Hier is VNO-NCW het zeer mee eens. Hiervoor is noodzakelijk

dat de voorstellen met betrekking tot de bepaling van de benchmarkwaarden

worden aangepast. Daarnaast bepleiten wij dat de verhouding tussen te veilen

en toe te wijzen rechten moet worden aangepast, zodat er geen generieke

kortingsfactor nodig zal zijn. Tevens zal allocatie van de emissierechten

plaats moeten vinden op basis van de daadwerkelijke productie en moet een

kwalitatieve beoordeling van het risico op carbon leakage mogelijk blijven.

 

Naar ik heb begrepen is het Maltees voorzitterschap er veel aan gelegen om

tijdens de Milieuraad tot een gezamelijk standpunt te komen. Echter, eerst

moeten daarvoor deze (technische) vraagstukken opgelost worden. Hieronder

worden deze zaken nog nader toegelicht.

 

1. Realistische benchmarks noodzakelijk als prikkel tot verbetering

De hoeveelheid vrij toe te wijzen rechten wordt bepaald op basis van

benchmarks die uitgaan van de meest efficiënte installaties van een sector in

Europa. Bedrijven die niet tot de best performers in hun sector behoren,

ervaren hierdoor een constante prikkel om zich te verbeteren ten opzichte van

de benchmark. Het is van groot belang dat benchmarkwaarden worden

vastgesteld op basis van reële gegegevens die de daadwerkelijke

technologische ontwikkeling en mogelijkheden weerspiegelen. De huidige

voorstellen gaan echter uit van een veronderstelde (lineaire) verbetering -

zowel voor de product- als de zogeheten fallback-benchmarks. Dit leidt niet

tot de realitische benchmarks. Bovendien wordt dan niet het niveau van

bescherming gerealiseerd dat vanuit het Energieakkoord wordt voorgestaan.

 

2. Geen generieke kortingsfactor

Het is goed dat —zoals in uw brief van 23 februari is te lezen —het kabinet

zich samen met andere lidstaten verzet tegen toepassing van een generieke

kortingsfactor. Om deze zogenaamde c-factor te voorkomen, moeten er

voldoende rechten beschikbaar zijn voor vrije toewijzing. Ik verzoek u

daarom om tijdens de Milieuraad de amendementen van het Europees

Parlement over de verhouding tussen veiling en allocatie over te nemen.

Daarin wordt voorgesteld om indien noodzakelijk 5 procentpunt van de te

veilen rechten beschikbaar te maken voor vrije toewijzing. Dit sluit goed aan

bij de afspraken uit het Energieakkoord voor Duurzame Groei om het ETS te

versterken zonder dat de integriteit van het systeem wordt aangetast.

 

3. Kwalitatieve beoordeling carbon leakage

De lijst met sectoren die in aanmerking komen voor toewijzing van gratis

emissierechten — de Carbon Leakage List —wordt door de Europese

Commissie vastgesteld. De Europese Commissie heeft hiervoor een aantal

aanpassingen van de methodologie voorgesteld. Hiermee wordt beoogd dat

alleen de sectoren worden beschermd die daadwerkelijk risico lopen op

carbon leakage. In aanvulling hierop moet het voor sectoren echter wel

mogelijk blijven om ook op kwalitatieve gronden opgenomen te worden in de

lijst. Dit geldt in het bijzonder voor NACE-codes met meer dan 4 cijfers,

waar zeer verschillende productgroepen onder vallen.

 

4. Allocatie op basis van daadwerkelijke productie

In de huidige voorstellen wordt voor toewijzen van rechten nog onvoldoende

rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke productie. De onder of

overallocatie die hierdoor onstaat, leidt mogelijk tot windfall profits en geeft

bedrijven een negatieve prikkel voor het vergroten van productie. Nederland

zou daarom moeten blijven pleiten voor verdere dynamisering van het

systeem door verlaging van de drempelwaarden van de New Entrants Reserve

(NER).

 

Hoogachtend,

 
Drs. J. de Boer

Voorzitter