Europa: de ultieme evenwichtskunst

11-12-2018

Twee dagen na de honderdste gedenkdag van het einde van de Eerste Wereldoorlog presenteerde Bondskanselier Merkel in Straatsburg aan het Europese Parlement haar visie op de EU. Natuurlijk zaten de Britse UKIP leden te klieren en te joelen als uit hun kleren gegroeide kleuters. Merkel sloeg het gade met de begrijpende, milde glimlach van de juf en voegde Parlementsvoorzitter Tajani die vruchteloos om orde vroeg toe: ‘Ach, ik heb ook in een parlement gezeten’. Het gedoe belette haar niet een krachtig pro-Europees verhaal te houden. De EU was volgens haar, Commissievoorzitter Hallstein uit 1969 citerend, ‘eine beispiellose Kühnheit’.

 

Erasmus en een kooi

De kersverse Maastrichtse hoogleraar Mathieu Segers drukte het een maand later wat anders uit in de Gotische Sint-Janskerk aan het Vrijthof. Vanaf de preekstoel, en getooid als de gereïncarneerde Erasmus van Holbein, stelde hij dat de Europese integratie eigenlijk een soort escapisme uit de politieke realiteit was. Na alle ontsporingen en verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog probeerde men het wilde dier van de politiek te dompteren in een kooi van recht en samenwerkingsinstituties. Die excursie uit de politieke realiteit was mede mogelijk door de wereldhegemonie en het Europese commitment van de Amerikanen. Maar de American Century komt nu aan zijn einde.

 

Een keizer en een visie

Hoe om te gaan met die ‘change of era’ komt dezer dagen in elke Europadiscussie terug. Wat te doen met een Amerikaanse handelspolitiek waar ‘Might unmakes right’, zoals oud-Congressman en WTO-specialist Jim Bacchus geërgerd stelde bij handelsdenktank ECIPE. En wat te doen als Duitse bedrijven zich realiseren dat China onder de nieuwe leider Xi Jinping politiek en economisch écht voor een andere koers kiest en dat gaat doorwerken in de economische relaties. Of wat te doen met Britten die zich niet op een volgend tijdperk voorbereiden maar terug willen naar het vorige.

 

Ode an die Freude

De vraag naar een visie voor het nieuwe tijdperk, de EU in 2030, beheerste ook de Weense Raad van Presidenten van BusinessEurope. Onze Oostenrijkse zusterorganisatie IV dompelde ons twee dagen onder in de rijk geschakeerde geschiedenis en cultuur van Wenen: een receptie met President Van der Bellen in de goudgetierelantijnde staatsievertrekken van de Hofburg, een blik in het taartenmuseum van patisserie Demel, een militaire brassband die tijdens het galadiner binnenmarcheerde voor de Radetzky Marsch en Beethoven’s Ode an die Freude. Maar uiteindelijk ging het om de toekomstvisie. De laatste hand daaraan werd gelegd onder het wakend oog van een meer dan levensgroot portret van Keizer Franz Joseph, in het majestueuze gebouw van de Industriellen Vereinigung. Dat schonk diezelfde keizer ooit aan zijn bedrijfsleven. Nieuw in het stuk is dat het niet alleen het belang van de economische kant van de EU onderstreept, maar ook van de European way of life. Het stelt dat de EU meer onafhankelijk in de wereld moet staan op defensie, technologie en energie, en meer cohesie en inclusiviteit moet bereiken. En het stelt dat het bedrijfsleven klaarstaat om van uitdagingen kansen te maken.

 

Gasten en schepen

Maar Europa gaat niet alleen over visies, maar ook over de concrete dagelijkse realiteit. Daarom had de Dag van de Ondernemer, wanneer tientallen politici en bestuurders bij ondernemers te gast zijn, dit jaar voor het eerst ook een Europese dimensie. Zeven Europarlementariërs bezochten bedrijven – een slager, een supermarkt, een transportonderneming – en Eurocommissaris Frans Timmermans stuurde een videoboodschap. Zelf was ik met MEP Caroline Nagtegaal bij de Rotterdamse reder Anthony Veder. Te midden van alle schaalmodellen van de tankerschepen van de rederij werd in het gesprek ook daar weer zonneklaar hoeveel Brussels beleid bedrijven raakt: van CO2-uitstoot van schepen tot plasticstrategie, en van handelspolitiek tot vrij verkeer van werknemers.

 

Een feest en een veer

Eind november vierde de Europese retailvereniging Eurocommerce zijn 25-jarig bestaan. Tijdens de feestelijke bijeenkomst betrad een Aziatische performance artiest het podium en liep rustig naar een stapel klaargelegde takken. Ze trok een grote vogelveer uit haar kapsel, pakte een dunne tak en legde de veer er dwars op. De veer bleef liggen en ze pakte een tweede wat langere tak, waar ze de eerste tak met veer dwars op legde. Zo volgden in opperste concentratie nog twaalf takken. De inmiddels meterslange en brede mobile van takken legde ze vervolgens op de punt van een laatste rechtopstaande tak. Daarna liep ze behoedzaam onder het geheel door en lichtte voorzichtig de veer van de eerste tak. Het geheel stortte met luid geraas in elkaar. Een mooiere metafoor voor de evenwichtskunst die nu op Europees niveau nodig is, valt moeilijk te bedenken.

 

Winand Quaedvlieg is permanent gedelegeerde in Brussel en hoofd van kantoor Brussel van VNO-NCW