Pieter Mattheus Duyvis
(1857-1935). De jonge werktuigbouwkundig ingenieur hoorde in 1899 bij de eerste bestuursleden van de Vereeniging van Nederlandsche Werkgevers (VNW). Duyvis - zoon van een Zaanse oliefabrikant - zou eigenlijk carrière gaan maken bij de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij. In 1880 kreeg hij echter pleuritis. Na twee jaar kuren in Davos herstelde hij weer, maar hij werd wel afgekeurd. Hij vond werk als machinebouwer bij Gebr. Stork & Co in Hengelo, waar hij zijn leeftijdgenoot Dirk Willem Stork leerde kennen. Daar ontstond ook het idee om gezamenlijk een machinefabriek op te zetten in de Zaanstreek. In 1885 ging de Machinefabriek P.M. Duyvis van start met zes werklieden. Maar in 1886 werden enkele orders binnengehaald voor de Stoomfabriek 'De Ruyter' – van E.G. Verkade & Comp. Het was de eerste serieuze opdracht. De eerste jaren maakte Duyvis bescheiden winsten. Geleidelijk groeide het bedrijf uit tot een machinefabriek gespecialiseerd in hijswerktuigen en later in liften.