12-05-2010 - In de strijd tegen kinderarbeid wil Maxime Verhagen, demissionair minister van Buitenlandse Zaken, zo nodig een verkoopverbod instellen op producten van kinderarbeid. Dat zei hij tijdens een toespraak in de Europarlementscommissie voor mensenrechten. VNO-NCW onderschrijft de verantwoordelijkheid die bedrijven hebben, maar betwijfelt of ondernemingen altijd voor de gehele productieketen verantwoordelijk kunnen worden gehouden.
"Internationale ondernemingen die mensenrechten erkennen en hebben ingebed in hun bedrijfscultuur en corporate identity, kunnen goed werkgeverschap en maatschappelijk verantwoord ondernemen introduceren in landen waar mensenrechten worden geschonden en kinderarbeid is," zei VNO-NCW-voorzitter Bernard Wientjes deze week op de tweedaagse internationale conferentie van de International Labour Organization (ILO) over kinderarbeid in Den Haag.
Overheden moeten volgens Wientjes geen wetten en maatregelen opleggen aan bedrijven die hen als bedrijf verantwoordelijk houden voor wat er in de gehele productieketen gebeurt. "Dat is niet realistisch. Bedrijven hebben ook te maken met lokale wetgeving en kunnen niet altijd hun eigen normen en tradities naleven." Wientjes vindt dat bedrijven zelf al veel kunnen doen, zoals het opstellen van beleidsregels voor managers. Deze kunnen houvast bieden bij het ontdekken en het melden van kinderarbeid en het nemen van vervolgstappen. Ook daar waar bedrijven wel invloed uit kunnen oefenen, zoals aan de eigen toeleveranciers, kunnen zij eisen stellen ten aanzien van niet inzetten van kinderarbeid.
Voor de economie én voor de bevordering van de fundamentele arbeidsrechten is aanwezigheid van het Nederlandse bedrijfsleven in dergelijke landen ook van groot belang. "Overheden moeten juist wereldhandel en internationaal ondernemen ondersteunen en bedrijven aanmoedigen om de mensenrechten toe te passen in landen waar dat respect er nog niet is."