26-01-2012 - De Verenigde Staten kampen net als de Europese Unie met een torenhoge schuldenlast. Maar anders dan in Europa lijkt de economie er niet onder te lijden. Amerikaans lesje crisismanagement?
Het gaat de goede kant op met de Amerikaanse economie. Dat zei president Barack Obama begin januari naar aanleiding van de nieuwste economische cijfers. Daaruit blijkt dat de werkloosheid is gedaald tot 8,5 procent, het laagste niveau sinds februari 2009. 'Sinds 2005 zijn er niet meer zo veel banen geschapen in de private sector als in het afgelopen jaar.' Ook de cijfers over de laatste zes weken van 2011 waren positief. De Amerikaanse economie verbeterde in alle regio's, vooral dankzij sterke verkopen rond de feestdagen, zo meldde de Federal Reserve.
En dat allemaal ondanks een groeiende staatsschuld, politiek gekrakeel dat structurele hervormingen vertraagt, en een afwaardering van een triple-A naar een double-A+ status. De Amerikaanse economie lijkt er niet onder te lijden.
Net als Europa worstelen ook de Verenigde Staten met een hardnekkige schuldcrisis. Maar Amerika is haar perfecte kredietstatus vooral kwijtgeraakt omdat het door Republikeinen gedomineerde Congres aanvankelijk weigerde om het schuldplafond te verhogen. Wel hebben de Verenigde Staten het probleem dat de federale overheid haar huishoudboekje maar niet op orde kan brengen. Het begrotingstekort bedraagt momenteel 7 procent, waardoor de schuldberg binnen een jaar of tien Italiaanse proporties kan aannemen.
Ondanks die donkere wolken aan de horizon zien beleggers het land nog steeds als een veilige haven. Dat vertaalt zich in goedkoop Amerikaans schatkistpapier: de federale overheid kan voor minder dan 2 procent een tienjarige lening afsluiten, een fractie van de rente die bijvoorbeeld Italië en Griekenland moeten ophoesten. Bovendien lijkt de Amerikaanse economie zelf weinig last te hebben van de schuldcrisis, terwijl bijvoorbeeld Nederland terug dreigt te vallen in recessie. Wat hebben de Verenigde Staten dat Europa ontbeert? Vijf lessen.
Les 1: Een fiscale unie
Het grootste verschil tussen Amerika en Europa is dat de Verenigde Staten een fiscale unie vormen. Geld van belastingbetalers in New York vloeit hierbij zonder problemen via Washington naar werklozen in bijvoorbeeld Michigan. Overheidsuitgaven kunnen daarnaast gefinancierd worden door obligaties die de federale overheid garandeert. In Europa bestaat een vergelijkbare eurobond nog niet: de Duitse bondskanselier Merkel en de Franse president Sarkozy hebben dat idee zelfs categorisch verworpen.
Amerika’s fiscale integratie blijkt bovendien extra stabiliteit te verschaffen aan de afzonderlijke staten, die hun eigen obligaties kunnen uitgeven. Zo blijken beleggers het dreigende bankroet van bijvoorbeeld Californië als een afzonderlijk probleem te beschouwen. De Griekse schuldenberg daarentegen zorgt er juist voor dat ze een domino-effect vrezen. Anders dan bij de euro is het kennelijk onvoorstelbaar dat de dollarunie uiteen zou kunnen vallen.
Les 2: Soepel schakelen tussen overheid en centrale bank
Oud-president Bill Clinton stipt het in zijn nieuwe boek Back to Work nog even aan: de VS wisten eind 2008 een complete instorting van het financiële stelsel alleen te voorkomen door een snel en grootschalig ingrijpen van het ministerie van Financiën en de Amerikaanse centrale bank. De Federal Reserve (Fed) reserveerde 1.200 miljard dollar om het bankenstelsel te steunen en het Congres autoriseerde daarnaast nog eens 700 miljard dollar om giftige kredietderivaten op te kopen.
Dergelijke een-tweetjes zijn in Europa momenteel ondenkbaar. Omdat elke lidstaat zich laat leiden door een binnenlandse agenda is er geen vergelijkbare centrale autoriteit die het algemeen belang boven alles stelt. De Europese Centrale Bank (ECB) heeft daarnaast een strikt mandaat dat zich bijna alleen richt op het beteugelen van de inflatie, een prioriteit die gedeeltelijk is ingegeven door de hyperinflatie die Duitsland trof na de Eerste Wereldoorlog. De Fed ziet het echter ook als haar taak om de economie te stimuleren, en kan daar gemakkelijk geld voor laten bijdrukken. Zo heeft de bank via kwantitatieve verruiming al honderden miljarden dollars in de economie gepompt, iets waaraan de ECB zich tot nog toe niet gewaagd heeft.
Les 3: Sluitende staatsbudgetten en geen bailouts
Pakweg 175 jaar geleden worstelden de VS met eenzelfde schuldencrisis als Europa nu. Investeringen van voornamelijk Europese financiers in de katoenindustrie hadden tot een speculatieve zeepbel geleid die tijdens een periode van economische achteruitgang in het Verenigd Koninkrijk uiteenspatte. De paniek van 1837 ontketende een van de diepste recessies in de geschiedenis van de VS en leidde tot een golf van wanbetalingen van staten. Het beleggersvertrouwen werd zo aangetast dat zelfs de federale overheid, die tot dan toe een onberispelijke kredietscore had, haar obligaties niet meer aan Europa kwijt kon.
Aan de paniek kwam pas een eind toen Washington besloot om geen bailouts meer toe te staan. Het gebrek aan een vangnet dwong de noodlijdende deelstaten tot structurele hervormingen. Vandaag de dag zijn de meeste staten verplicht om een sluitend budget te hebben en voorrang te geven aan de belangen van obligatiehouders. De weinige keren dat een lokale overheid wél uit de brand wordt geholpen, zoals New York City in 1975, zijn extreem pijnlijk. De stad moest diep snijden in haar uitgaven, bezuinigingen die vele malen zwaarder waren dan die in Griekenland nu. En daarna bleef New York nog jaren onder curatele. Die harde lijn lijkt in Europa vooralsnog te ontbreken.
Les 4: Geen stammenstrijd
De Verenigde Staten zijn niet alleen in economisch opzicht meer geïntegreerd dan Europa, maar ook op sociaal en cultureel vlak. Ondanks een veelvoud aan landen van afkomst hebben Amerikanen een duidelijke identiteit met een gemeenschappelijke taal en een gedeelde geschiedenis. De arbeidsmobiliteit is hoog: Amerikanen hebben weinig moeite om hun boeltje op te pakken voor een betere baan in een staat aan de andere kant van het continent. Europa is daarentegen nog steeds een lappendeken van volkeren die in tijden van crisis een neiging tot navelstaren tonen. In Griekenland steekt zelfs het nationalisme de kop op: ziedende demonstranten hebben de Duitse bondskanselier Merkel al vergeleken met een nazi. Daarbij vergeleken ondergaan de Amerikaanse lidstaten de crisis opmerkelijk gelaten: de weigering van president Obama om het bijna failliete Californië financieel bij te springen leidde twee jaar geleden bijvoorbeeld nauwelijks tot protesten. Laat staan dat de president voor een nazi werd uitgemaakt.
Les 5: Geen pardon voor sceptici
Het gebrek aan slagkracht in Europa doet denken aan de dagen dat Amerika nog een confederatie was. Voordat het land een grondwet had werden de dertien staten geregeerd door de Articles of Confederation, een tandeloos document dat het centrale gezag niet de mogelijkheid gaf om onafhankelijk belastingen te heffen. Omdat deze situatie de kredietwaardigheid van het piepjonge land in gevaar bracht, werd besloten om het document te verstevigen. Net als in Europa was het probleem dat een grondwetswijziging alleen mogelijk was met unanimiteit van stemmen. Hoewel de meeste staten akkoord gingen, bleef met name Rhode Island dwarsliggen met eenzelfde hardnekkigheid als het Verenigd Koninkrijk tegenwoordig in Europa. De confederatie had echter geen tolerantie voor een 'Amerika van twee snelheden' en voerde de druk genadeloos op. Rhode Island ging pas overstag toen de staat uit de vrijhandelszone dreigde te worden gezet.
Wacht eens even…
Nu lijkt de Amerikaanse economie beter te gedijen door het openzetten van de geldkraan. De geluiden over de economische prestaties van de VS zijn (voorzichtig) positief, terwijl het licht voor Europa op rood staat of op zijn minst oranje: minder groei of zelfs stilstand. Maar wie op lange termijn beter af is, Europa of de Verenigde Staten, moet nog blijken. Dat de ECB zich niet aan kwantitatieve verruiming van honderden miljarden euro’s heeft gewaagd zoals de Federal Reserve, is een bewuste keuze. Want onbeperkt de geldkraan openzetten, daar gelooft Europa niet in: ooit breekt de dag aan dat de verruiming ‘ongedaan moet worden gemaakt’. Slaagt de Federal Reserve erin dat tijdig te doen of niet? De toekomst zal uitwijzen of Europa lessen had moeten leren van de Verenigde Staten of dat het precies andersom zal zijn.
Jeroen Ansink
forum@vno-ncw.nl