Standpunt VNO-NCW
Voor economische groei is een goed functionerend verkeer- en vervoersysteem een vereiste. Voor de economie is infrastructuur een levensader. Ons land heeft binnen Europa een gunstige ligging, met aansluiting op het mondiale handelsverkeer en goederenstromen. Daardoor is transport en logistiek, met alles wat daarbij hoort, een relatief belangrijke sector voor Nederland, met veel toegevoegde waarde.
Voor de economie zijn alle vervoerwijzen zijn van belang: over de weg, per spoor, via waterwegen en havens, luchtvaart en buisleidingen. Door goede verbindingen en aansluiting op internationale goederenstromen profiteert de Nederlandse economie, vooral de in- en export intensieve industrie en de agrarische sector, van relatief lage kosten van transport. Voor de internationale dienstensector en de hoofdkantoren is de functie van Schiphol en KLM cruciaal. Voortreffelijke internationale verbindingen maken ons land aantrekkelijk als vestigingsplaats.
Maar onze concurrentiepositie wordt ondermijnd door tekortschietende capaciteit van onze infrastructuur. Dat doet zich vooral gevoelen op de hoofdwegen waar files aan de orde van de dag zijn. Een goede doorstroming van ons hoofdwegennet moet te allen tijde prioriteit hebben.
Files zorgen, ondanks de gemaakte inhaalslag met de Spoedwet wegverbreding, nog steeds voor onnodig veel economische schade, zowel voor het personenverkeer als voor het goederenvervoer. Het bedrijfsleven bepleit publiek-private samenwerking met private financiering om de investeringen in het wegennetwerk te versnellen.
De spoorwegen zijn vooral belangrijk voor het personenverkeer van/naar de grotere steden. En daarmee voor de bereikbaarheid van de economische centra en het functioneren van de arbeidsmarkt. Voor het goederenvervoer zijn vooral ook de vaarwegen en havens zeer belangrijk. Van de doorvoer van Rotterdam naar het achterland gaat de meeste tonnage per schip. Daarom is voldoende capaciteit van vaarwegen, sluizen en havens van groot belang.
Mobiliteit en transport moet wel duurzaam worden. Dat wil zeggen veilig, schoon, stil en zuinig met fossiele energie. Dat betekent energiezuiniger transportmiddelen, de inzet van hernieuwbare energie (biobrandstof, duurzame elektriciteit) en ook verbetering van de logistieke efficiency. De overheid kan hierin bijdragen door innovatie te stimuleren en gunstige randvoorwaarden te scheppen.